Lerarenregister aangenomen door Eerste Kamer

De Eerste Kamer heeft vandaag ingestemd met de invoering van de wet Beroep Leraar en Lerarenregister. Met deze wet krijgen leraren meer ruimte en zeggenschap hun beroep uit te oefenen en in te vullen. Zo krijgen ook leraren vanaf 1 augustus 2018 een beroepsregister, in navolging van advocaten, artsen en verpleegkundigen. Welke eisen aan het beroepsregister worden gesteld, is aan de leraren zelf om in te vullen. 

Staatssecretaris Sander Dekker is blij dat de wet is aangenomen: 'Leraren werken in een omgeving waarin ontwikkeling en groei centraal staan. Maar voor hun eigen ontwikkeling is niet altijd ruimte. Daarom ben ik blij dat deze wet door de Kamer is aangenomen. Door deze wet krijgen leraren meer ruimte voor eigen vorming én zeggenschap over hun beroep – en de leerling krijgt de best opgeleide leraar voor de klas.' 

Inhoud

In het lerarenregister worden alleen bevoegde leraren opgenomen. Het register is een online systeem waarin leraren zichtbaar maken dat ze hun kennis en kunde op peil houden door hun na- en bijscholing vast te leggen. Ook als je je diploma op zak hebt, is het belangrijk om je te blijven professionaliseren. De beroepsgroep bepaalt zelf de inrichting en de inhoud van het register, bijvoorbeeld door vast te stellen aan welke scholingseisen een leraar moet voldoen.

Iedere 4 jaar wordt een inschrijving opnieuw beoordeeld. De beroepsgroep bepaalt zelf de criteria voor deze herregistratie. Leraren die niet voldoen aan die door de leraren vastgestelde criteria krijgen een aantekening bij hun vermelding in het lerarenregister. Deze aantekening vervalt als de leraren kunnen aantonen dat hun vaardigheden weer op orde zijn. Leraren die (nog) niet bevoegd zijn, worden opgenomen in het registervoorportaal.

Register voor leraren door leraren

Om een zorgvuldige invoering mogelijk te maken, gaat het register vanaf 1 augustus 2018 van start. De wet Beroep Leraar en Lerarenregister bakent het beroep van leraren af. Daarnaast is de professionele ruimte van leraren en het recht op nascholing nu wettelijk vastgelegd.

De wet is tot stand gekomen door een intensieve samenwerking tussen het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Onderwijscoöperatie, de vertegenwoordiger van de beroepsgroep bestaande uit de Algemene Onderwijsbond (AOb), CNV Onderwijs, Federatie van Onderwijsvakorganisaties en Platform Vakinhoudelijke Verenigingen Voorgezet Onderwijs.