Kabinetsplannen wetenschap 2015-2025

De Rijksoverheid wil dat de Nederlandse wetenschap internationaal een vooraanstaande rol houdt. Daarom heeft het kabinet een aantal ambities voor 2025 geformuleerd.

Visie wetenschap

De plannen van het kabinet voor het wetenschapsbeleid staan in Wetenschapsvisie 2025: keuzes voor de toekomst.

De ambities van het kabinet zijn:

  • dat de Nederlandse wetenschap van wereldformaat is;
  • dat de wetenschap meer verbonden is met de maatschappij en het bedrijfsleven en maximale impact heeft;
  • dat de Nederlandse wetenschap ook in 2025 een broedplaats is voor talent.

Ambitie: Nederlandse wetenschap van wereldformaat

Het kabinet wil ervoor zorgen dat de Nederlandse wetenschap zijn internationale toppositie behoudt. Op een aantal onderzoeksgebieden is Nederlands onderzoek toonaangevend. Ruimte voor creativiteit en vernieuwende ideeën moet blijven bestaan. De wetenschap kan dan nog meer bijdragen aan het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen. En aan het vergroten van economische groei.

Matching Europese subsidies

Als een wetenschapper Europese subsidie krijgt, is het bedrag vaak niet hoog genoeg om het hele onderzoek te kunnen uitvoeren. De instelling betaalt dan ook een deel van de kosten. Dit heet matching. Het kabinet wil het succes in Europa vasthouden. En instellingen extra aansporen om projecten uit Europa binnen te halen. Vanaf 2015 trekt de overheid jaarlijks €50 miljoen extra uit voor wetenschappers die Europese onderzoeksubsidies binnenhalen. Zo wil het kabinet de matchingslast van instellingen verlichten.

Nationale Wetenschapsagenda

In november 2015 werd de Nationale Wetenschapsagenda gepresenteerd. Wetenschappers, ondernemers, maatschappelijke organisaties en de overheid maakten samen de Nationale Wetenschapsagenda. 

We willen kiezen wat we in Nederland wel en niet doen. Het kabinet wil samenwerking tussen wetenschappers binnen en buiten Nederland bevorderen. Dat voorkomt versnippering. En dat versterkt de Nederlandse positie en herkenbaarheid in internationale samenwerkingsverbanden. De wetenschapsagenda sluit daarom goed aan op het Europese onderzoeksprogramma Horizon 2020 en op de topsectorenaanpak.

Vernieuwen infrastructuur

Grootschalige onderzoeksinfrastructuur maakt Nederland aantrekkelijk voor wetenschappers en voor de innovatieve industrie. Om deze positie te behouden, moet de ICT-infrastructuur vernieuwd worden. Voor de grootschalige onderzoeksinfrastructuur komt een permanente commissie bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO)

Ambitie: meer verbinding met maatschappij en bedrijfsleven

De Nederlandse wetenschap moet in 2025 maximale impact hebben op de maatschappij en het bedrijfsleven. Daarom wil het kabinet onder andere:

  • Onderzoek voor iedereen toegankelijk
    In 2016 moet 60% van de met publiek geld gefinancierde wetenschappelijke artikelen in Nederland open access gepubliceerd worden. In 2024 100%. Met publiek geld gefinancierd onderzoek moet voor iedereen, overal ter wereld, toegankelijk zijn.
  • Participerend publiek
    De overheid stimuleert wetenschapscommunicatie actief. Het Weekend van de Wetenschap zal worden uitgebouwd tot een groots en gewaardeerd landelijk evenement. Het kabinet wil dat in 2025 het brede publiek meer betrokken is bij wetenschap. Bijvoorbeeld door:
    • deelname van burgers aan wetenschappelijk onderzoek;
    • het formuleren van vragen aan de wetenschap;
    • debat over de mogelijke gevolgen van nieuwe technologie voor de samenleving.
  • Vertrouwen in de wetenschap en integriteit
    Wetenschap heeft een belangrijke maatschappelijke positie. Daarom is, naast de verantwoordelijkheid van de wetenschap zelf, een actief kwaliteits- en integriteitsbeleid nodig. Het kabinet wil replicaonderzoek stimuleren. Dit betekent dat onderzoek reproduceerbaar moet zijn. Ook wil het kabinet de positie van het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit (LOWI) versterken.
  • Wetenschap en het bedrijfsleven verder verbinden
    Samenwerking tussen wetenschappers en ondernemers kan leiden tot wetenschappelijke doorbraken. Dit biedt weer nieuwe kansen voor de samenleving of de economie.
  • Ondernemerschap stimuleren
    Universiteiten en hogescholen moeten het ondernemerschap als mogelijke loopbaan voor afgestudeerden aanmoedigen. Dit gebeurt onder andere via het Valorisatieprogramma.
  • Intellectueel eigendom beter benutten
    Het bedrijfsleven moet octrooien die voortkomen uit resultaten van wetenschappelijk onderzoek beter benutten.
  • Kennisfunctie van hogescholen verder versterken
    Bijvoorbeeld door meer praktijkgericht onderzoek en verdere professionalisering hiervan. En door betere samenwerking met universiteiten en het vergroten van de kans op Europese subsidie.
  • Betere samenwerking tussen overheden en de wetenschap
    Overheden moeten de hulp inschakelen van wetenschappers bij het oplossen van belangrijke maatschappelijke vraagstukken. De Nationale Wetenschapsagenda moet daarbij leidend zijn.

Ambitie: wetenschap als broedplaats voor talent

Het kabinet wil talent in de wetenschap nog meer tot zijn recht laten komen. Het kabinet wil daarom onder andere:

  • Wetenschappelijk talent breed uitdagen
    Wetenschappers moeten de ruimte krijgen om hun talenten te ontplooien. Het kabinet wil, samen met de instellingen, wetenschappers stimuleren zich verder te ontwikkelen. Bijvoorbeeld op het gebied van onderwijs, begeleiding, management, ondernemerschap en het in de praktijk brengen van wetenschappelijke kennis en techniek. De nadruk ligt nu te veel op publiceren.
  • Internationaal toptalent aantrekken
    Instellingen moeten ervoor zorgen dat ze aantrekkelijk zijn voor internationaal talent. En zich presenteren als onderdeel van het Nederlandse wetenschapsstelsel. Daarnaast moeten de thema’s van de wetenschapsagenda ook in het buitenland als sterktes binnen de Nederlandse wetenschap te herkennen zijn.
  • Meer promovendi in bedrijfsleven en bij Rijksoverheid
    Het kabinet gaat een promotieakkoord sluiten met het bedrijfsleven. Er moeten enkele honderden promovendi bijkomen in het bedrijfsleven en bij de Rijksoverheid. Ook moet er een gedifferentieerder promotiestelsel komen.
  • Vrouwelijk talent beter benutten
    Het kabinet wil dat Nederland in 2025 minimaal op het Europees gemiddeld zit.
  • Wetenschappers meer ruimte bieden
    Wetenschappers moeten in de toekomst minder tijd kwijt zijn aan aanvragen van subsidies. NWO en de universiteiten zetten zich daarvoor in. Ook de druk om te publiceren moet verminderen. Het nieuwe standaard evaluatie protocol (SEP) legt de nadruk op de brede kwaliteit van het werk van de wetenschappers.

Kabinet Rutte III: Meer geld voor onderzoek

Het kabinet wil meer geld uittrekken voor fundamenteel onderzoek. En voor toegepast onderzoek en innovatie. Voor beide komt vanaf 2020 jaarlijks € 200 miljoen extra beschikbaar. Ook trekt het kabinet € 50 miljoen uit voor de onderzoeksinfrastructuur.

De financiering van wetenschappelijk onderzoek wordt sterker gekoppeld aan onderzoeksinspanningen, wetenschappelijke kwaliteit en maatschappelijke impact. Daarbij moet voldoende ruimte zijn en blijven voor vrij onderzoek. Wetenschappelijk onderzoek moet zoveel mogelijk voor iedereen toegankelijk zijn. Dit staat in het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de Toekomst’.