Vraag en antwoord

Wanneer heb ik recht op een wezenuitkering?

Je hebt recht op een wezenuitkering als allebei je ouders zijn overleden. De laatst overleden ouder moet dan wel verzekerd zijn geweest voor de Algemene nabestaandenwet (Anw) toen hij of zij overleed. De uitkering stopt op het moment dat je 16 jaar wordt. Soms kan de uitkering worden verlengd.

Verlenging wezenuitkering

Ook als je ouder dan 16, maar nog geen 21 jaar bent, kunt je een wezenuitkering krijgen. Daarvoor moet je aan extra voorwaarden voldoen. Welke voorwaarden dit precies zijn, hangt af van je geboortedatum. Voor meer externe link: informatie over verlenging van de wezenuitkering kun je terecht op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Hoogte wezenuitkering

De hoogte van de wezenuitkering hangt af van je leeftijd. De bedragen van de wezenuitkering worden jaarlijks op 1 januari en op 1 juli aangepast. Het maakt voor deze uitkering niet uit of je andere inkomsten hebt.

Aanvragen wezenuitkering

De wezenuitkering vraag je aan bij een kantoor van de SVB. Als je de aanvraag zelf indient, moet jouw wettelijke vertegenwoordiger de aanvraag ook ondertekenen. Als je minderjarig bent, kan de wettelijke vertegenwoordiger een wezenuitkering voor je aanvragen.