Financiering middelbaar beroepsonderwijs en volwasseneneducatie

In het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) is de lumpsumfinanciering van toepassing. De instellingen ontvangen een totaalbedrag voor al hun wettelijk erkende onderwijsactiviteiten.

Het bestuur van de instelling is vrij in de besteding van het geld. Zo kunnen instellingen hun beleid en onderwijs beter afstemmen op de situatie van de school. Bijvoorbeeld op het aantal leerlingen en de behoefte aan materialen.

Aanbod van opleidingen beroepsonderwijs

De overheid bekostigt zo'n 40 regionale opleidingscentra (roc's), 12 vakscholen en 9 agrarische opleidingscentra (aoc's) en agrarische vakscholen. Dit zijn bijna alle Roc's, aoc's en vakscholen in Nederland. Zij bieden een divers en breed aanbod aan opleidingen.

Daarnaast bekostigt de overheid ook 16 kenniscentra. Zij vormen de brug tussen opleiding en beroep en weten wat er op de (arbeids)markt speelt. De kenniscentra vertalen dit naar het onderwijs. Zij beschrijven wat een beginnend beroepsbeoefenaar aan kennis, vaardigheid en competenties moet hebben om een mbo-diploma te kunnen behalen. Daarnaast zorgen de kenniscentra voor voldoende stageplaatsen voor mbo’ers bij bedrijven en organisaties.

Leerlingentelling als basis voor bekostiging mbo

In het mbo stelt de Rijksoverheid de bekostiging vast op basis van het aantal ingeschreven leerlingen dat op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het schooljaar stond ingeschreven.

Verdeling budgetten in het mbo

De rijksbijdrage dat de onderwijsinstellingen krijgen, is gebaseerd op:

  • het aantal deelnemers;
  • het aantal diploma's;
  • voorbereidende en ondersteunende activiteiten (voa). Dit budget is bedoeld voor deelnemers, die extra ondersteuning nodig hebben om hun opleiding succesvol af te ronden.

De rijksbijdrage die de kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven (kbb's) krijgen, is onder meer gebaseerd op het aantal opleidingen en het aantal stageplaatsen (beroepspraktijkvorming).

De rijksbijdrage wordt jaarlijks vastgesteld. De bekostiging van mbo-instellingen is vastgelegd in het uitvoeringsbesluit wet educatie en beroepsonderwijs (UWEB).