Aanpak huiselijk geweld
Het Rijk werkt nauw samen met gemeenten om huiselijk geweld te bestrijden. De gemeenten zijn bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de Steunpunten Huiselijk Geweld.
Preventie, hulp, opvang en nazorg
Gemeenten regisseren de lokale aanpak van huiselijk geweld. Dat staat in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
De centrumgemeenten (35 stuks) zijn verantwoordelijk voor de vrouwenopvang en de Steunpunten Huiselijk Geweld. De centrumgemeenten organiseren samen met de omliggende gemeenten een keten van preventie, hulp, opvang en nazorg. In die keten zijn verschillende instellingen betrokken, zoals:
• de vrouwenopvang;
• de geestelijke gezondheidszorg (GGZ);
• maatschappelijk werk;
• reclassering;
• jeugdzorg;
• de politie;
• het Openbaar Ministerie (OM).
Vaak sluiten deze partijen een samenwerkingsverband en werken ze zoveel mogelijk op 1 locatie samen. Zo’n samenwerking heet wel een Veiligheidshuis.
Lokale aanpak geweld door gemeenten
Voor gemeenten heeft het ministerie van Veiligheid en Justitie een modelaanpak ontwikkeld. Dit helpt bij de lokale aanpak van huiselijk geweld. Hierin staat beschreven hoe gemeenten de aanpak van huiselijk geweld kunnen organiseren.
Ouderenmishandeling
Om ouderenmishandeling tegen te gaan, is in 2011 het actieplan ‘Ouderen in veilige handen’ gestart. Onderdeel van dit plan zijn onder meer:
• een handreiking voor preventie van ouderenmishandeling, bestemd voor
gemeenten;
• gerichte voorlichting voor ouderen en hun omgeving;
• screening van zorgpersoneel;
• een meldplicht voor ouderenmishandeling;
Voor de uitvoering van het actieplan is tot 2014 jaarlijks € 10 miljoen uitgetrokken.