Regels gelijke behandeling op het werk
Tijdens sollicitatieprocedures en op de werkvloer mag er geen sprake zijn van ongelijke behandeling. Dit betekent dat werkgevers geen onderscheid mogen maken op grond van de zogenoemde discriminatiegronden.
Discriminatiegronden
Volgens artikel 1 van de Grondwet is het verboden om te discrimineren. Er zijn 12 discriminatiegronden in de wet vastgelegd:
- ras;
- geslacht;
- hetero- of homoseksuele gerichtheid;
- transseksualiteit;
- politieke overtuiging;
- godsdienst;
- levensovertuiging;
- handicap of chronische ziekte;
- burgerlijke staat;
- leeftijd;
- nationaliteit;
- arbeidsduur (fulltime of parttime);
- soort contract (vast of tijdelijk).
Wetten gelijke behandeling
Naast artikel 1 van de Grondwet zijn er diverse gelijkebehandelingswetten om ervoor te zorgen dat mensen niet worden uitgesloten of achtergesteld op basis van irrelevante kenmerken.
Algemene Wet Gelijke
Behandeling (AWGB) -
Wet
gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ)
Wet gelijke
behandeling op grond van leeftijd (WGBL)
Wet gelijke
behandeling van mannen en vrouwen (WGB)
Wet onderscheid arbeidsduur
(WOA)
Wet
onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd (WOBOT)
Onderscheid soms wel toegestaan
Werkgevers mogen in principe geen direct of indirect onderscheid maken op grond van de discriminatiegronden, tenzij:
- een uitzondering expliciet in de wet is vastgelegd. De werkgever mag bijvoorbeeld voorkeur geven aan een kandidaat met een handicap om de achterstand van deze groep op de arbeidsmarkt weg te werken.
- de werkgever daarvoor een heel goede reden kan aanvoeren (de zogenaamde
objectieve rechtvaardiging). Dit geldt
alleen bij onderscheid op grond van leeftijd, arbeidsduur of vast/tijdelijk
contract.
Direct en indirect onderscheid
Onderscheid kan direct of indirect zijn. Bij direct onderscheid is het meteen duidelijk dat er verschil wordt gemaakt. Direct onderscheid is verboden, tenzij de wet een uitzondering maakt. Bij indirect onderscheid lijkt het of alle werknemers gelijk behandeld worden, maar wordt in de praktijk 1 groep in het bijzonder benadeeld. Indirect onderscheid is verboden, behalve als de werkgever daarvoor een hele goede reden kan aanvoeren (objectieve rechtvaardiging).
Voorkeursbeleid op basis van geslacht en afkomst afschaffen
In het regeerakkoord is afgesproken dat het kabinet het diversiteits-/voorkeursbeleid op basis van geslacht en etnische herkomst beëindigt. Selectie moet plaatsvinden op basis van kwaliteit.
Klachten over ongelijke behandeling op het werk
Ongelijke behandeling tijdens de sollicitatieprocedure, op het werk of bij het ontslag is verboden. Sollicitanten en werknemers die vinden dat ze ongelijk behandeld zijn, kunnen een klacht indienen bij de werkgever. Daarnaast kunnen verschillende instellingen advies en hulp geven, zoals het Juridisch loket. U kunt uw klacht ook voorleggen aan de Commissie Gelijke Behandeling en de rechter.