Vraag en antwoord
Wat regelt de WIA als ik gedeeltelijk kan werken?
Bent u na 2 jaar ziekte voor 35 tot 80% arbeidsongeschikt en u kunt voor het overige deel nog werken, dan kunt u een uitkering krijgen op grond van de Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA). De WGA-uitkering wordt eventueel aangevuld met uw inkomen uit werk. Hoe meer u kunt werken, hoe hoger uw inkomen. U ontvangt eerst een loongerelateerde uitkering, daarna een loonaanvulling of vervolguitkering. De WGA-regeling valt onder de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
Loongerelateerde WGA-uitkering
De hoogte van deze uitkering is afhankelijk van het loon dat u verdiende
voordat u arbeidsongeschikt werd. Op de website van uitkeringsinstantie UWV
vindt u
informatie
over hoe deze uitkering wordt berekend. Ook kunt u daar zelf de hoogte van
uw uitkering berekenen. U ontvangt minimaal 3 en maximaal 38 maanden een
loongerelateerde WGA-uitkering. Ontving u de loongerelateerde uitkering al voor
1 januari 2008, dan krijgt u deze uitkering maximaal 60 maanden. Hoe lang u de
uitkering ontvangt, is afhankelijk van uw arbeidsverleden.
Na afloop loongerelateerde WGA-uitkering
Welke uitkering u na afloop van de loongerelateerde uitkering krijgt, hangt af van hoeveel u op dat moment verdient. Deze verdiensten worden elke maand bekeken. Verdient u de helft of meer van wat u nog zou kunnen verdienen, dan krijgt u een aanvullende uitkering op uw loon. Als u geen werk heeft of weinig verdient, krijgt u een vervolguitkering.
WGA-loonaanvulling
De hoogte van de WGA-loonaanvulling is afhankelijk van wat u zelf verdient en van wat u volgens de arbeidskundige van uitkeringsinstantie UWV kunt verdienen. Als u minimaal 50% verdient van wat u nog kunt verdienen, vult de WGA uw loon aan met 70% van het verschil tussen uw oude loon (met een maximum) en het loon dat u nog kunt verdienen.
WGA-vervolguitkering
Als u na afloop van de loongerelateerde uitkering geen werk heeft of als u minder verdient dan 50% van wat u nog kunt verdienen, krijgt u bovenop uw eventuele loon een WGA-vervolguitkering. Anders dan bij de 2 andere WGA-uitkeringen wordt er bij de vervolguitkering niet meer direct rekening gehouden met wat u vroeger verdiende. De vervolguitkering is namelijk een percentage van het minimumloon. Dit percentage is afhankelijk van de mate waarin u arbeidsongeschikt bent (uw arbeidsongeschiktheidspercentage).
|
Arbeidsongeschiktheids- percentage |
Uitkering |
|---|---|
| 35 t/m 44% | 28% van het minimumloon |
| 45 t/m 54% | 35% van het minimumloon |
| 55 t/m 64% | 42% van het minimumloon |
| 65 t/m 79% | 50,75% van het minimumloon |
Het kan zijn dat u minder verdiende dan het minimumloon, bijvoorbeeld doordat u parttime werkte. In dat geval wordt de uitkering wel berekend aan de hand van uw oude loon.
Vakantietoeslag WGA-uitkering
U bouwt iedere maand 8% vakantietoeslag op. U krijgt uw vakantietoeslag elk jaar uitbetaald in mei. Als uw uitkering eerder ophoudt, krijgt u uw vakantietoeslag uitbetaald in de laatste maand dat u nog een WGA-uitkering ontvangt.
Met WGA-uitkering onder het sociaal minimum
Als uw inkomen uit de WGA lager uitvalt dan het sociaal minimum dat voor u geldt, kunt u bij uitkeringsinstantie UWV een toeslag aanvragen.