Rijk, provincie, gemeenten en woningcorporaties hebben samen afspraken gemaakt om mensen te helpen die snel een woonplek nodig hebben. Denk aan starters en mensen die net gescheiden zijn of statushouders. Daarbij wordt ingezet op aanvullende woonvormen die snel te realiseren zijn en voor een brede groep beschikbaar zijn. Bijvoorbeeld via flexwoningen, aanpassen van leegstaande gebouwen of het delen van een woning. Dit heeft het kabinet besloten op voordracht van minister Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, mede namens minister Van den Brink van Asiel en Migratie en minister Aartsen van Werk en Participatie.

Minister Boekholt-O’Sullivan: “Voor mensen die met spoed een dak boven hun hoofd nodig hebben, is het vaak extra lastig om passende, betaalbare woonruimte te vinden. Ik vind het een belangrijke stap dat we samen afspraken maken om deze groep woningzoekenden sneller aan onderdak te helpen. Dat doen we door onze krachten te bundelen en te zorgen voor extra woonplekken. Met deze afspraken komt er minder druk op de grote vraag naar sociale huurwoningen. Dus zo kunnen we meer mensen aan een woning helpen, een thuis voor iedereen.”

Minister Van den Brink: “Ik ben blij dat we door dit akkoord de druk op de asielopvang kunnen verlichten en dat statushouders hun leven in Nederland verder kunnen opbouwen. Tegelijkertijd blijft meer grip op migratie broodnodig. Daarbij richt ik me op het beperken van de instroom en op snellere terugkeer. In dit kader is onder andere het Europees Asiel en Migratiepact ingevoerd en werk ik samen met andere Europese landen aan het realiseren van terugkeerhubs.”

Samen met de partijen heeft het kabinet afgesproken om in te zetten op aanvullende woonvormen die snel te realiseren zijn en voor een brede groep beschikbaar. Verder is afgesproken om de achterstand op de huisvesting van statushouders die nu nog in de opvang zitten, weg te werken. Dit gaat om aanvullende woonplekken en zijn dus geen bestaande sociale huurwoningen. Daarnaast moeten de gemeenten zorgen voor aanvullende vormen van huisvesting voor 20% van de te huisvesten statushouders. De woningcorporaties helpen de gemeenten bij deze opgave. Het tijdpad voor deze ambities is 1,5 jaar.

Het akkoord bevat concrete afspraken over de rolverdeling tussen het Rijk, gemeenten, provincies en woningcorporaties. Het Rijk zet direct in op het organiseren van gerichte ondersteuning aan gemeenten en corporaties met financiële middelen, kennis en capaciteit. Het kabinet is daarnaast bezig met de voorbereidingen van het vervangend wetsvoorstel voor een verbod op voorrang voor statushouders.

De woningnood is een van de grootste problemen van onze tijd. Het leven van veel mensen staat op pauze: jongeren die niet weg kunnen bij hun ouders, ouderen die geen passende woonruimte vinden, politieagenten en leraren die te ver weg van hun werk wonen. Daarom heeft het kabinet vorige maand het Actieplan Versnellen Woningbouw gepresenteerd met 50 concrete acties om meer, sneller en beter te bouwen. Daarnaast zet het kabinet in om de instroom te beperken. Dat is een aanpak van een lange adem. Met het akkoord zorgen we op korte termijn voor meer huisvesting voor mensen in de knel en dat betekent ook dat er meer sociale huurwoningen beschikbaar komen voor reguliere woningzoekenden. Dus zo kunnen we meer mensen aan een woning helpen.