Speech staatssecretaris Claudia van Bruggen bij excuses afstand en adoptie gegeven in Den Haag
Beste aanwezigen,
In het bijzonder de moeders, hun kinderen en de vaders die in het verleden gedwongen van elkaar zijn gescheiden.
Van je kind, of van je ouders gescheiden worden, is onder alle omstandigheden ontzettend pijnlijk. Als dit niet uit vrije keuze gebeurt, is dat des te pijnlijker.
In het rapport ‘Schade door schande’ is gedwongen afstand en adoptie - jullie verleden - zorgvuldig beschreven. Met een aantal van jullie sprak ik over dit pijnlijke verleden.
Jullie vertelden me dat sommige wonden nooit littekens worden. En dat pijn uit het verleden vandaag nog altijd voelbaar kan zijn.
Niet iedere betrokkene bij dit verleden herkent zich in het rapport ‘Schade door schande’. Zeker als je zoveel is ontnomen, heb je het recht om op je eigen manier met het verleden om te gaan. Toch hoop ik vandaag recht te doen aan zoveel mogelijk mensen die geraakt zijn. Óók aan de moeders, vaders en hun kinderen die al vóór 1956 gedwongen van elkaar werden gescheiden.
We zijn hier vandaag bij elkaar in de stad waar de adoptiewetgeving tot stand is gekomen, die in 1956 werd ingevoerd. Die wet was vooral bedoeld om weeskinderen uit de oorlog een toekomst te bieden en handel in kinderen tegen te gaan.
Er werd niet verwacht dat de invoering van adoptie de positie van ongehuwde moeders zou verslechteren. Maar dat deed het wel. Dat maakt het rapport pijnlijk duidelijk, en ik citeer:
Adoptiewetgeving, die niet bedoeld was om het afstaan van kinderen mogelijk te maken, schiep de mogelijkheid om het ongehuwde moederschap uit te wissen door het wettelijk en definitief aan andere ouders te geven. Instellingen voor hulp aan ongehuwde moeders namen ‘afstand ter adoptie’ als optie op in hun repertoire.
Einde citaat.
Religie had destijds een grote invloed. De samenleving was tot in de kern verzuild. En binnen de kerken waren ongehuwde zwangerschappen bijna altijd onbespreekbaar. Schaamte binnen een gezin en angst voor de reactie van de buitenwereld, maakten dat ongehuwde zwangerschappen vaak ook thuis een taboe waren.
Jullie werden, en nu spreek ik even rechtstreeks tegen de moeders, ergens anders ondergebracht om in afzondering te bevallen van jullie kind. Jullie waren soms nog heel jong. In een omgeving die onveilig was en angst aanjoeg. Waar jullie liefde, zorg en betrokkenheid misten. Op waarschijnlijk het meest kwetsbare moment in jullie leven, werd jullie de regie over jullie eigen leven en dat van jullie kind ontnomen. Voorlichting en steun ontbraken vaak en alternatieven bleven onbesproken.
Dáár kwam jullie kind op de wereld, dat onmiddellijk na de geboorte van jullie werd gescheiden. Jullie wisten soms niet eens of het een jongetje of een meisje was. De enige herinnering aan jullie baby was vaker een geluid, dan een beeld.
Ook is het bij te veel van jullie voorgekomen dat jullie vervolgens onder druk zijn gezet om een afstandsverklaring te tekenen. Ook de Raad voor de Kinderbescherming, en de voorgangers daarvan, legde deze soms aan jullie voor. Maar een afstandsverklaring is juridisch niet bindend. En toch werd er in de praktijk, ook door rechters, betekenis aan toegekend.
Na de bevalling moesten jullie terug naar huis, waar over deze intense ervaring en over jullie kind vooral moest worden gezwegen. Een zwijgen dat voor een aantal moeders tot vandaag duurt, omdat stigma en schaamte te groot zijn, pijn te intens of zwijgen te vanzelfsprekend.
Jullie waren jonge meiden en vrouwen, waarvoor niet goed werd gezorgd en jullie werden bij voorbaat gediskwalificeerd als moeder. Jullie werd het recht en de reële keuzemogelijkheid ontnomen om zelf voor jullie kind te zorgen en dat lief te hebben. Een zwijgzaam leven dat soms als onmogelijk gevoeld moet hebben, en waarin sommige van jullie vastliepen of kansen misten.
Een leven waarin jullie bovenal werden gedwongen om jullie kind te missen en waarmee de juridische banden als gevolg van de adoptie werden doorgesneden. Vaak na een positief advies over het pleeggezin. Wat hartverscheurend.
En al die tijd greep de overheid niet in. Die legde zich neer bij de autonomie van de begeleidende organisaties en de keuzes die daarbinnen werden gemaakt. De overheid reflecteerde destijds ook niet op de schadelijke gevolgen van de gedwongen afstand of op de rol van de adoptiewetgeving als sluitstuk van het proces van afstand. Ook was er nauwelijks oog voor vormen van nazorg.
Het verlies en verdriet, de eenzaamheid, de trauma’s, de pijn: ik kan mij nauwelijks een voorstelling maken van de impact van deze gebeurtenissen op jullie levens.
Een aantal moeders heeft haar intense geheim een leven lang met zich meegedragen, niet in staat hierover te spreken. Andere moeders, onder wie een aantal hier aanwezig, zijn uit de schaduw gestapt en hebben zich uitgesproken of zijn op zoek gegaan naar hun kind.
Een moedige stap, want hoe zou jullie omgeving - en in het bijzonder jullie zoon of dochter - reageren?
Ondertussen hebben jullie jaren gewacht op erkenning van het leed dat jullie is aangedaan. Jaren verstreken door opvolgende onderzoeken door de overheid.
Een aantal van jullie heeft daaraan meegewerkt. Anderen konden dat niet nogmaals verdragen of meemaken.
In het rapport ‘Schade door schande’ ligt het pijnlijke verleden van gedwongen afstand nu zorgvuldig vast.
Ik vind het schrijnend dat er moeders zijn die dit niet meer hebben mogen meemaken en zijn overleden met het zwaardrukkende stigma van voorheen ongehuwd zwangere.
De band tussen een moeder en haar kind is voor velen de meest natuurlijke en wezenlijke band die er bestaat. Een aantal van jullie is naar de ander op zoek gegaan. Dat heeft soms wel, maar niet altijd tot een gelukkig weerzien geleid. Want ook jullie kinderen dragen hun verleden met zich mee.
[Afgestanen]
Ik richt mij nu graag tot de afgestanen. Jullie leven begon met afscheid van het enige vertrouwde dat je als zuigeling kent: de stem en nabijheid van je moeder.
Daarmee werd op het meest kwetsbare moment in jullie leven, jullie belangrijkste relatie ruw beëindigd. Jullie kregen geen kans om je familie te leren kennen en bij hen op te groeien. Dat heeft grote gevolgen gehad. Voor sommigen zelfs zodanig dat elke dag opnieuw voelt als overleven.
Dit heeft geleid tot gevoelens van eenzaamheid, vervreemding, onveiligheid, psychisch lijden, hechtingsproblemen en het gevoel er niet te mogen zijn. De last van schaamte en stigmatisering dragen ook jullie met je mee.
En sommigen zijn al een leven lang op zoek naar identiteit en erkenning. Het gemis van wat er niet is geweest, maar er wel had kunnen zijn.
Een aantal van jullie heeft na de geboorte lang in een tehuis of in één of meerdere opvanggezinnen gewoond. Veiligheid en geborgenheid waren daar niet vanzelfsprekend. Dit bleek al eerder uit het rapport ‘Onvoldoende beschermd’, dat tot excuses van de overheid leidde.
Op vragen van artsen of bij verzekeringsaanvragen over de medische familiegeschiedenis hadden - en soms nog hebben - jullie geen antwoord.
Een aantal van jullie weet nog altijd niet wat er na de geboorte is gebeurd, omdat dossiers ontbreken, onvolledig zijn en soms zelfs zijn vernietigd. Het gebrek aan informatie is pijnlijk en wreed, want ieder flintertje aan informatie is waardevol en kan een ontbrekend stukje van jullie puzzel zijn. Soms is de eerst beschikbare informatie of foto pas van een paar jaar na jullie geboorte.
Een belangrijk deel van jullie leven blijft daardoor ongewis. Dat drukt ook op jullie eventuele kinderen. Want ook zij dragen deze geschiedenis met zich mee en ook zij ervaren daarvan de pijn.
Sommigen van jullie wisten al jong dat jullie niet opgroeiden bij jullie biologische moeder. Anderen kwamen daar pas na jaren achter. Een schok die jullie hele bestaan kon doen wankelen. Vaak met zoektochten tot gevolg.
De ervaringen daarmee lopen uiteen. Van het niet kunnen achterhalen van afstammingsgegevens tot het hebben van contact met jullie moeder. Het is een aantal van jullie gelukt een goede band op te bouwen, terwijl er in andere gevallen sprake was van opnieuw een harde afwijzing, omdat jullie moeder niet terug kon of wilde in de tijd en haar zwijgen voortzette. Of omdat zij inmiddels is overleden, jullie te veel van elkaar vervreemd waren of onverwerkte trauma’s een hereniging in de weg stonden. Met opnieuw verlies, afwijzing, teleurstelling en verdriet tot gevolg.
Jullie belangen werden onvoldoende gezien en meegewogen. De juridische band met jullie moeder werd als gevolg van een adoptie doorgesneden en daarmee verdween het laatste stukje identiteit en verbinding.
Er werd voor en over jullie besloten door volwassenen om jullie heen, maar ook door betrokken organisaties, die gebruikmaakten van de afstandsverklaringen en advies gaven aan de rechter bij een adoptieverzoek. Rechters die besloten dat jullie moeder niet langer jullie moeder mocht zijn.
Een reflectie op wat dit voor jullie betekende ontbrak, evenals goede nazorg. Er is geen oog geweest voor hoe het met jullie ging of wat jullie nodig hadden om met jullie geschiedenis en de gevolgen daarvan te kunnen omgaan.
Een aantal kinderen is inmiddels overleden, zonder ooit antwoord te hebben gekregen op vragen over wat er in het verleden is gebeurd. Dat is bijzonder pijnlijk.
[Vaders]
Dan richt ik nu graag het woord tot de vaders. Vaak wisten jullie niet eens van de zwangerschap. En wisten jullie dat wel, dan werden jullie vaak niet betrokken, ook niet als jullie een rol in het leven van jullie kind wilden vervullen. Ook jullie moesten vaak zwijgen, met gemis en verdriet tot gevolg.
Een aantal van jullie heeft contact gekregen met jullie kind. Soms na jaren van verlangen naar het moment van hereniging, soms met totale verbijstering en soms ook met woede en teleurstelling, omdat er al jaren een onbekende zoon of dochter bleek te zijn.
In een aantal gevallen is het contact nooit tot stand gekomen of is het niet gelukt om een band op te bouwen. Ook naar jullie is al die jaren onvoldoende omgekeken.
Beste aanwezigen, de tijd kunnen we niet terugdraaien.
Jullie leed kan ik niet wegnemen.
Maar erbij stilstaan, jullie recht in de ogen aankijken en zeggen dat ik mij ervoor schaam dat jullie dit is overkomen, kan ik wel.
De schaamte die jullie ál die tijd voelden, zat decennialang aan de verkeerde kant.
En dat vind ik vreselijk.
[rust]
De afgelopen jaren zijn er veel gesprekken geweest tussen jullie en mijn voorgangers en het ministerie. Ook ik heb met een aantal van jullie gesproken. Er is gesproken over herstelmaatregelen die jullie leed zouden kunnen verzachten. Over maatregelen die moeten voorkomen dat anderen in de toekomst eenzelfde soort leed wordt aangedaan.
Maar aan die maatregelen gaat een fundamentele stap vooraf. En dat is het aanbieden van excuses.
Het rapport ‘Schade door schande’ toont hoe de praktijk van afstand en adoptie onderdeel is geweest van botsende maatschappelijke en professionele normen en opvattingen.
We weten nu dat er, ook bij de overheid, volstrekt onvoldoende oog was voor jullie uiterst kwetsbare en schrijnende positie.
Het was goed geweest als de overheid meer had gedaan. Méér naar jullie had omgekeken. Bijvoorbeeld door aanvullende maatregelen te nemen om jullie te beschermen of nadere instructies te geven aan de Raad voor de Kinderbescherming. Maar dat is niet gebeurd. Daarmee heeft de overheid steken laten vallen. Daar bied ik jullie, namens het hele kabinet, uitdrukkelijk excuses voor aan. Dit had jullie nooit mogen overkomen.
Ik realiseer mij dat alléén het aanbieden van excuses voor het verleden, géén recht doet aan de toekomst. Jullie verhaal gaat verder. Daarom gaan deze excuses gepaard met maatregelen die aansluiten bij een deel van jullie behoeftes. Ik stuur hierover een brief aan de Tweede Kamer.
Ik hoop dat de woorden die ik net uitsprak en de maatregelen die nog gaan komen, helpen om jullie leed enigszins te verzachten. En dat vandaag bijdraagt aan het door jullie langgekoesterde begin tot herstel.
Dank jullie wel.