Nederland en Benin ondertekenen in Cotonou nieuw belastingverdrag

Nederland heeft een belastingverdrag gesloten met Benin. Op 21 mei is het verdrag in de Beninse havenstad Cotonou ondertekend. Dit belastingverdrag voorkomt dubbele belastingheffing en bevat afspraken om belastingontwijking- en ontduiking tegen te gaan. Ook is er bij het maken van de afspraken nadrukkelijk rekening gehouden met dat Benin een ontwikkelingsland is, in lijn met ons verdragsbeleid.

Met het belastingverdrag willen Benin en Nederland de onderlinge economische band versterken. Hier liggen kansen voor beide landen, gezien de economische groei die Benin de afgelopen jaren heeft doorgemaakt en het groeipotentieel van de haven van Cotonou, waar Nederland aan kan bijdragen en die vanuit Nederlands perspectief een hubfunctie kan vervullen voor West-Afrika. Het verdrag legt een stabiele basis voor investeringen en samenwerking.

Afspraken ontwikkelingsland

Bij het maken van afspraken heeft Nederland er rekening mee gehouden dat Benin een ontwikkelingsland is. Daarom krijgt Benin in vergelijking met belastingverdragen met niet ontwikkelingslanden eerder het recht om belasting te heffen.

Er is afgesproken om aan de ene kant een heffing op bepaalde uitgaande betalingen (bronheffing) te behouden en anderzijds het belemmerende effect daarvan te beperken door het tarief op brutobetalingen te maximeren. Zo is zowel voor rente -als royaltybetalingen geregeld dat Benin het recht heeft om een bronstaatheffing over de brutobetalingen in te houden tot een overeengekomen maximum. Ook geldt voor activiteiten die in Benin (of Nederland) worden verricht een relatief ruime zogenaamde vaste-inrichtingsbepaling in het verdrag. Dit betekent dat activiteiten van een onderneming relatief sneller door het verdragsland belast kunnen worden, bijvoorbeeld bij het verrichten van diensten of verzekeringsactiviteiten.

Rechtszekerheid, voorkomen van misbruik en uitwisseling van informatie

Verder zijn in het verdrag afspraken opgenomen die verdragsmisbruik voorkomen. Dankzij deze afspraken voldoet het verdrag aan de minimumstandaarden van de OESO (Base erosion and profit shifting project) en de G20.

Nederland en Benin hebben daarnaast afspraken gemaakt over de uitwisseling van informatie en bijstand bij het invorderen van belastingen. Dit helpt bij de aanpak van belastingontduiking. Daarnaast is bindende arbitrage (een manier om een conflict op te lossen waarbij een onafhankelijke persoon een beslissing neemt waar beide partijen zich aan moeten houden) mogelijk in het geval dat Benin en Nederland geen overeenstemming bereiken over de positie van een belastingplichtige onder het verdrag, zodat dubbele belasting kan worden voorkomen. Zo wordt rechtszekerheid voor zowel Nederlandse als Beninse belastingplichtigen gewaarborgd.

Vervolg

Voordat het verdrag in werking treedt, moet in beide landen nog de verplichte goedkeuringsprocedure worden doorlopen. In Nederland wordt het verdrag hiertoe voorgelegd aan de Raad van State en daarna aan het parlement.