Afspraken tussen de Nederlandse Spoorwegen (NS) en Rijksoverheid
De Nederlandse Spoorwegen (NS) mag tot en met 2033 reizigers vervoeren op de belangrijkste spoortrajecten (het hoofdrailnet). De overheid stelt verschillende eisen aan de NS over de dienstverlening. Bijvoorbeeld over tarieven en reisinformatie.
NS heeft tot 2033 een contract
NS heeft een contract om op de belangrijkste spoortrajecten in Nederland reizigers te vervoeren. Dit heet de concessie voor het hoofdrailnet. Er zijn afspraken tussen de overheid en NS over de dienstverlening. Bijvoorbeeld:
- treinen moeten op tijd zijn;
- er moeten genoeg zitplaatsen zijn;
- er moet goede reisinformatie beschikbaar zijn;
- het percentage waarmee bepaalde jaarlijks maximaal mogen stijgen.
Alle afspraken die de Rijksoverheid met NS maakt, staan in de hoofdrailnetconcessie. De huidige concessie is ingegaan op 1 januari 2025 en loopt af in december 2033. Verlening van de hoofdrailnetconcessie gebeurt meestal voor 10 jaar. De huidige concessie loopt tot en met het jaar 2033.
Bezwaar tegen gunning hoofdrailnetconcessie aan NS
Eind 2023 sloot de Rijksoverheid een nieuw contract af met de NS. Een aantal Nederlandse vervoerders zijn hiertegen in beroep gaan. Het College van beroep voor het Bedrijfsleven (CBp) heeft hierover vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie.
Daarnaast deed het CBp in juni 2025 een tussenuitspraak. Door die uitspraak zijn er duidelijkere afspraken aan de concessie toegevoegd. Bijvoorbeeld over de verkoop van NS-tickets door Mobility-as-a-Service-dienstverleners (MaaS).
Voorwaarden voor verkoop van tickets via MaaS-dienstverleners
Ieder jaar stelt de overheid vast onder welke voorwaarden NS-tickets kunnen worden verkocht (het referentieaanbod). Deze partijen heten ook wel Mobility as a Service-dienstverleners. Het gaat om technische, commerciële en juridische voorwaarden.
Voordat dit jaarlijkse referentieaanbod definitief is, controleert een onafhankelijke partij of het aanbod aan de concessie-eisen voldoet.
Inflatie bepaalt stijging van tarieven
NS mag de tarieven elk jaar verhogen. Dit gebeurt onder andere op basis van de inflatie van dat jaar. Vanaf 2027 mag de NS daar maximaal 1% bovenop doen. Als de inflatie bijvoorbeeld 2% is, mag NS de prijzen met 3% laten stijgen.
De voorschriften over de maximale tariefstijging gelden voor de zogenaamde beschermde kaartsoorten. Dat zijn:
- binnenlandse enkele reizen, voltarief 2e klas;
- binnenlandse 2e klas jaar- en maandtrajectkaarten;
- een binnenlands product dat vrij reizen mogelijk maakt in de 2e klas, ongeacht het tijdstip.
Voor de tarieven van andere kaartsoorten gelden geen voorschriften. NS mag deze zelf bepalen. Wel moet de NS al haar tariefwijzigingen voor advies voorleggen aan consumentenorganisaties.
Rijksoverheid controleert of dienstregeling aan voorwaarden voldoet
NS maakt elk jaar een dienstregeling. Deze dienstregeling kan tussendoor veranderen. Bijvoorbeeld als er nieuwe sporen bij komen. Of als het aantal reizigers op een traject sterk verandert. De Rijksoverheid controleert of de dienstregeling voldoet aan alle voorwaarden uit de hoofdrailnetconcessie. Maar hoeft deze niet goed te keuren.
Soms wordt een dienstregeling tijdelijk aangepast. Bijvoorbeeld op vakantie- en feestdagen, bij storingen of slecht weer. Overheden spreken met de vervoerders af wanneer zij de dienstregeling tijdelijk mogen aanpassen.