Lerarentekort voortgezet onderwijs

Scholen hebben in sommige regio’s steeds meer moeite om leraren te vinden voor zogeheten tekortvakken. Deze vakken zijn bijvoorbeeld de vreemde talen en de bètavakken. 

Omvang van het tekort

Het is onmogelijk om aan te geven hoe groot het tekort op dit moment precies is. Dan zou het ministerie van OCW alle scholen moeten vragen om de openstaande vacatures voortdurend centraal te registreren. Dat zou tot meer administratie leiden en wat ten koste zou gaan van het onderwijs.

Ramingen

OCW onderzoekt of er in de toekomst tekorten verwacht worden. Dat worden ramingen genoemd. Deze ramingen hebben invloed op de werkelijkheid. Zo kan een bericht over tekorten in het onderwijs ervoor zorgen dat iemand juist naar de pabo gaat, omdat een baan daarna vrij zeker is.

Ramingen staan niet gelijk aan het aantal vacatures. De ramingen gaan over het aantal voltijdbanen (fte) dat niet kan worden ingevuld. Vacatures gaan niet altijd over voltijdbanen, maar ook over deeltijdbanen. Bovendien kan een deel van de vacatures (op korte termijn) worden ingevuld.

Op basis van ramingen uit 2016 was de schatting  dat, als er niets verandert, het tekort in 2020 oploopt naar 800 fte. En dat als we niets doen, dit tekort in 2025 verder oploopt naar 1.200 fte. Samen met werkgevers, bonden en gemeenten werkt de overheid aan het tegengaan van het tekort. In 2017 zijn deze ramingen geactualiseerd. In 2022 wordt een tekort verwacht van 700 fte, oplopend tot een tekort van 1.200 fte in 2027.

In het voortgezet onderwijs verschillen de tekorten per regio, net als bij het primair onderwijs. Ook verschillen de tekorten per vak. De tekortvakken zijn bijvoorbeeld wiskunde, scheikunde, natuurkunde en Duits.

Ramingen mbo

Voor het mbo is het moeilijk is om ramingen te maken. Dat komt doordat een groot deel van de instroom van leraren niet afkomstig van de lerarenopleiding, maar van het bedrijfsleven. In het najaar van 2018 volgen nieuwe ramingen.

Tekorten leraren en directeuren voortgezet onderwijs in fte raming 2017
Jaarfte
2018404
2019472
2020610
2021688
2022719
2023791
2024797
2025903
20261036
20271203
Brontabel als csv (112 bytes)

Plan van aanpak

Om te voorkomen dat de ramingen voor het lerarentekort uitkomen, is een plan van aanpak opgesteld. Het plan in hoofdlijnen:

  • In-, door- en uitstroom van de lerarenopleidingen stroomlijnen.
  • Zij-instroom bevorderen.
  • Behoud van leraren.
  • Stille reserve aanspreken (mensen met een onderwijsbevoegdheid die niet in het onderwijs werken). OCW zoekt continu nieuwe manieren op deze groep mensen te benaderen. Zo is er een subsidieregeling voor herintreders. Ook organiseert het Participatiefonds speeddates tussen werkgevers en uitkeringsgerechtigden om leraren die met een uitkering thuis zitten aan een baan in het onderwijs te helpen.
  • Beloning en carrièreperspectief verbeteren.
  • Anders organiseren en innovatieve ideeën toepassen.

Om het lerarentekort op te vangen, mogen scholen voor voortgezet onderwijs onbevoegden les laten geven. Daarvoor gelden wel voorwaarden. Deze 'benoembare leraren' zijn onder andere:

  • Leraren in opleiding.
    Leraren in opleiding (lio's) in de laatste fase van hun studie kunnen al lesgeven op een school.
  • Zij-instromers.
    Mensen van buiten het onderwijs kunnen zij-instromer worden. Zij moeten in het bezit zijn van een getuigschrift 'hoger onderwijs' (een hbo- of wo-opleiding).
  • Leraren die een ander vak geven.
    Leraren mogen een ander vak geven dan waarvoor zij bevoegd zijn. Dat kan dan voor ten hoogste 2 jaar. Zij moeten wel binnen 2 jaar alsnog een bevoegdheid halen voor dat vak.
  • Tweedegraads leraren in de bovenbouw.
    Tweedegraads docenten mogen maximaal 1 jaar ook in de bovenbouw van havo en vwo hun vak geven. Dat mag voor maximaal de helft van hun werktijd. Deze leraren mogen op een school maximaal 5% van het totale aantal lessen geven. De school moet dit melden aan de Inspectie van het Onderwijs.
  • Leraren die inspringen.
    Een nog onbevoegde leraar kan inspringen om een afwezige leraar te vervangen. Of om een vacature op te vullen zolang er geen geschikte kandidaat is. De nog onbevoegde leraar krijgt een aanstelling voor maximaal 1 jaar.
  • Gastdocenten in het voortgezet onderwijs.
    Mensen met kennis van een vak kunnen een beperkt aantal uren lesgeven als gastdocent. Hiervoor is geen onderwijsbevoegdheid nodig. De gastdocent valt onder de verantwoordelijkheid van een bevoegde leraar. Een gastdocent mag maximaal 160 uur per schooljaar les geven. Oftewel gemiddeld 4 uur per week.

Leraar worden

Informatie over hoe u leraar wordt staat onder vragen en antwoorden. U kunt ook de checklist word leraar invullen.