Het woord ‘nucleair’ duikt steeds vaker op in het nieuws, bijvoorbeeld als wordt gesproken over plannen voor nieuwe kerncentrales. Maar nucleair gaat over meer dan dat. Atoomtechnologie speelt bijvoorbeeld ook een rol bij behandelingen tegen kanker, in voedselzekerheid en bij onderzoek naar roofkunst. In Wenen begint vandaag de jaarlijkse Algemene Conferentie van het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA).

Kernenergie, maar ook kernafval
Nederland heeft een brede nucleaire sector die volop in ontwikkeling is. Dat maakt de Algemene Conferentie juist nu extra belangrijk voor Nederland. Kernenergie speelt een belangrijke rol in het behalen van onze klimaatdoelen (netto nul in 2050) en het waarborgen van energiezekerheid. De totale uitstoot van broeikasgassen bij kernenergie is 40 keer lager dan bij aardgas, ongeveer even veel als bij windenergie en zelfs lager dan bij zonne-energie.
Om alle elektriciteit CO2-neutraal te produceren, zet het kabinet daarom onder andere in op kernenergie. De conferentie biedt een kans om met internationale partners ideeën uit te wisselen, ervaringen te delen en kennis op te doen over de veilige ontwikkeling en inpassing van kernenergie.
Een belangrijke voorwaarde voor nucleaire energie is het veilig opslaan van radioactief afval. In Nederland wordt nu toegewerkt naar een permanente oplossing, een eindberging. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat neemt deel aan de conferentie om meer te leren van andere landen die al verder gevorderd zijn in hun besluitvormingsproces voor de eindberging.
Wat kunnen we van andere landen leren en hier in Nederland toepassen? En hoe nemen we de geleerde lessen mee in onze communicatie met het publiek? Als wij in 2050 een beslissing willen nemen over het tijdpad, de locatie en de vorm van de eindberging, is het van belang te leren van andere landen.
Opsporen en behandeling van kanker
In ziekenhuizen wordt nucleaire straling, door middel van medische isotopen, gebruikt om patiënten te helpen. Bijvoorbeeld om kankercellen op te sporen en tumoren te bestralen.
Een belangrijke bron van medische isotopen is de kernreactor in het Nederlandse Petten. Deze reactor maakt medische isotopen die wereldwijd worden gebruikt voor de diagnose en behandeling van tienduizenden patiënten per dag. De reactor levert ongeveer 65% van de Europese en 30% van de wereldwijde vraag naar medische isotopen. Dit jaar zijn tijdens de atoomconferentie meerdere sessies over de productie van medische isotopen en de inzet van medische isotopen bij behandelingen van kanker.
Op de conferentie zijn ook vertegenwoordigers van de nieuwe PALLAS-kernreactor aanwezig als onderdeel van de bredere Nederlandse delegatie. De PALLAS-reactor zal over een aantal jaar de huidige kernreactor in Petten zal vervangen. Op die manier kan Nederland ook de komende tientallen jaren wereldwijd mensen van medische behandelingen blijven voorzien.

Een groeiende en brede sector
Op Nederlandse bodem wordt breed ingezet op innovatieve nucleaire oplossingen. Hier zijn veel bedrijven bij betrokken. Zo ontwikkelt het bedrijf Thorizon een type kleine modulaire reactor (SMR) in de vorm van een gesmolten-zoutreactor. Het bedrijf AllSeas werkt aan SMR’s die vrachtschepen kunnen laten varen. Hierbij veroorzaken ze geen CO2-uitstoot en zijn ze dus een stuk beter voor het klimaat dan de huidige fossiele vrachtschepen.
Urenco is juist al jarenlang toonaangevend in de nucleaire sector. Het bedrijf specialiseert zich in het verrijken van uranium. Urenco is een samenwerking tussen Nederland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Urenco’s uraniumverrijkingsinstallatie in Almelo speelt een essentiële rol in de nucleaire brandstofcyclus van tientallen landen.
Daarnaast verrijkt Urenco ook stabiele isotopen. Stabiele isotopen zijn niet-radioactieve stoffen die gebruikt kunnen worden in de medische wereld. Daar worden deze stoffen verder verwerkt en om daarna te worden toegepast voor bijvoorbeeld medische diagnostiek en behandelingen met straling.
Vertegenwoordigers van alle drie deze bedrijven maken deel uit van de bredere Nederlandse delegatie.

Nucleaire veiligheid
Innovatie en veiligheid moeten hand in hand blijven gaan. In het verleden ging het helaas namelijk ook wel eens mis. De meest beruchte ongelukken met kerncentrales waren in Tsjornobyl (1986) en Fukushima (2011). In Tsjornobyl ontstond het ongeluk door een mislukte test, waardoor de reactor explodeerde. In Fukushima zorgden een zeebeving en tsunami ervoor dat de koeling uitviel. De gevolgen van het ongeluk in Tsjornobyl waren zeer ernstig en worden tot op de dag van vandaag gevoeld.
Veiligheidstandaarden zijn sindsdien tot het hoogste niveau ontwikkeld en worden continu verbeterd. Of het nu gaat om kerncentrales of onderzoekscentra: alles moet voldoen aan strenge veiligheidsregels om ongelukken te voorkomen. Het IAEA houdt daar wereldwijd toezicht op, samen met regionale en nationale toezichthouders. In Nederland zijn dit Euratom en de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Ook zij zijn er in Wenen bij om ervaringen uit te wisselen en de laatste inzichten te bespreken.
Nucleaire veiligheid in Oekraïne
Nucleaire veiligheid is nog belangrijker in conflictgebieden. In Oekraïne heeft Rusland illegaal de kerncentrale in Zaporizja bezet. De kerncentrale ligt bovendien aan een meer in de rivier de Dnjipro dat de frontlinie vormt. Om de veiligheid te monitoren heeft het IAEA permanent experts gestationeerd bij de kerncentrale. Nederland ondersteunt deze missie en die naar andere Oekraïense kerncentrales. Tijdens de conferentie wordt deze inzet besproken. Ondanks dat de kerncentrale in Zaporizja nu geen energie meer opwekt, is de centrale afhankelijk van een stabiele toevoer van stroom om de reactoren gekoeld te houden. Russische aanvallen op schakelstations die de centrale van elektriciteit moeten voorzien zijn daarom extra gevaarlijk. Daarom blijft het belangrijk dat de internationale gemeenschap aandringt op de teruggave van deze kerncentrale aan de rechtmatige Oekraïense eigenaren en een einde aan de grootschalige aanvallen op het Oekraïense energienet.
Waarborgen tegen de verspreiding van kernwapens en toezicht op Iran
Atoomtechnologie kent niet alleen vreedzame toepassingen. Ze kan ook worden toegepast om kernwapens te maken. Vrijwel alle landen in de wereld hebben in het Non-Proliferatieverdrag afgesproken dit niet te doen. In ruil daarvoor krijgen ze toegang tot de nucleaire toepassingen voor vreedzame doeleinden. Het IAEA houdt toezicht op deze afspraken. Het Agentschap houdt daarvoor wereldwijd in de gaten wat er met nucleair materiaal gebeurt. Ook in Nederland. Op die manier kan de nucleaire sector wereldwijd groeien, terwijl het risico op in het geheim achterovergedrukte middelen voor kernwapens tot een minimum beperkt blijft.
Een van de landen waar het risico van kernwapenverspreiding – of ‘proliferatie’ – wel speelt, is Iran. Het land komt zijn verplichtingen rond toezicht en inspecties door het IAEA niet (voldoende) na. Hierdoor kan het Agentschap niet de benodigde controles uitvoeren. Dit is een zorgelijke situatie, die door Israel en de Verenigde Staten sinds juni 2025 meermaals is aangevoerd om aanvallen op Iran en zijn atoominstallaties uit te voeren. Het ministerie van Buitenlandse Zaken is op de atoomconferentie vertegenwoordigd om zich hard te maken voor onmiddellijk en onvoorwaardelijk herstel van IAEA-toezicht in Iran. Nucleaire proliferatie raakt immers de wereldwijde veiligheid, dus ook die van Nederland. Tegelijkertijd blijft Nederland zich ook tijdens deze conferentie inzetten voor een diplomatieke oplossing voor het conflict rond Iran.
