Commandant der Strijdkrachten Generaal Eichelsheim hield in Rotterdam een toespraak bij de functieoverdracht van de Krijgsmachtadjudant.
Ridder der Militaire Willems-Orde, vlag- en opperofficieren, dragers van een dapperheidsonderscheiding, officieren en onderofficieren, beste aanwezigen, en natuurlijk: beste Mark, beste Cees, en jullie familie en vrienden.
Fijn dat u er allemaal bent.
We zijn vanmiddag met veel mensen, en dat is niet zonder reden. Maar voordat ik daarop inga, wil ik stilstaan bij iets anders.
Want vandaag valt er niet alleen een functie over te dragen en afscheid te nemen.
Er is ook iemand jarig. En niet zomaar iemand.
Onze scheidende Krijgsmachtadjudant, Mark Veraart. Mark, van harte gefeliciteerd!
De meeste mensen krijgen op hun verjaardag een kaart en een taart.
Maar nee, jij organiseert een functieoverdracht, een afscheidsreceptie en een paradeplaats vol collega’s.
En eerlijk gezegd verbaast me dat ook niet. Want zo kennen we je: als je iets doet, doe je het grondig.
Dames en heren,
Zoals ik al zei: we zijn hier vandaag met veel mensen. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de persoonlijkheden van de vertrekkende en aantredende Krijgsmachtadjudant.
Mensen die zichtbaar zijn, benaderbaar en voor velen van betekenis.
Maar het zegt ook iets over de functie zelf.
Het ambt van Krijgsmachtadjudant heeft de afgelopen jaren aan betekenis gewonnen. Aan zichtbaarheid. Aan invloed en identiteit.
De Krijgsmachtadjudant is voor iedereen bij Defensie een vertrouwd gezicht geworden.
Iemand die luistert. Iemand die verbindt. Iemand die de stem van de werkvloer laat doorklinken op het hoogste niveau van onze organisatie.
Deels komt dat doordat we in andere tijden leven. Mark heeft daar al mooie woorden aan gewijd.
De wereld om ons heen is ingrijpend veranderd en dat heeft grote gevolgen voor de krijgsmacht.
De dreiging aan de oostflank van het NAVO-grondgebied vraagt van ons dat we voorbereid zijn.
Dat we samen met onze bondgenoten geloofwaardig kunnen afschrikken. En dat we, als het nodig is, kunnen vechten én kunnen volhouden.
Dat vraagt om nieuwe plannen, meer gereedheid en grote investeringen.
Maar boven alles vraagt het iets van onze mensen. En in het bijzonder van onze onderofficieren, de ruggengraat van onze organisatie.
Zij leiden op. Zij begeleiden. Zij bewaken de standaard. Zij vertalen plannen naar praktijk en opdrachten naar resultaten.
En juist daarom is ook de rol van de Krijgsmachtadjudant veranderd.
Waar de functie altijd draaide om de vertegenwoordiging van de onderofficieren, gaat zij vandaag ook over het begeleiden van verandering.
Over gereedstelling, vakmanschap, mentale weerbaarheid.
Over het versterken van de warrior mindset, die nodig is om voorbereid te zijn op de uitdagingen van deze tijd.
Maar bovenal gaat de functie over verbinding.
Want juist als de druk toeneemt, groeit het belang van mensen die luisteren, uitleggen en richting geven.
Mensen die begrijpen wat er leeft op de werkvloer én begrijpen waarom de top bepaalde keuzes maakt.
Mensen die het grotere geheel zien, zonder onze collega’s uit het oog te verliezen.
De Krijgsmachtadjudant staat precies op dat snijvlak.
Tussen strategie en uitvoering. Tussen verandering en continuïteit. Tussen gereedheid en de zorg voor mensen.
En juist daarom is deze functie vandaag relevanter dan ooit.
Maar dat is niet het hele verhaal.
Dat de Krijgsmachtadjudant vandaag zo gewaardeerd wordt en ik zo goed naar hem luister, komt natuurlijk óók door de persoon die de functie vervult.
Door de mens achter de functie. Adjudant-Onderofficier der Mariniers Algemeen Mark Veraart.
Want beste Mark, de afgelopen jaren heb jij een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling die Defensie doormaakt.
Niet door de hardste stem in de zaal te zijn. Niet door jezelf op de voorgrond te plaatsen.
Maar door mensen mee te nemen. Door te luisteren en vragen serieus te nemen. Door ruimte te geven aan verschillende perspectieven en initiatieven.
Jij begreep dat verandering noodzakelijk is, maar ook dat verandering impact heeft op mensen.
Dat het energie kost en onzekerheid met zich meebrengt. En toch wist je steeds opnieuw vertrouwen te creëren.
Je hield de blik vooruit gericht, zonder voorbij te gaan aan de zorgen die onderweg werden uitgesproken.
Je hebt je sterk gemaakt voor de warrior mindset. Niet als slogan, maar als een professionele houding die hoort bij ons vak.
Je benadrukte steeds opnieuw het belang van vakmanschap, verantwoordelijkheid nemen voor je eigen ontwikkeling, fysiek en mentaal sterk blijven en altijd bereid zijn om te leren.
Je liet zien dat gereedheid niet begint bij materieel of processen, maar bij mensen. Bij de houding waarmee zij hun werk doen.
Als ik denk aan jouw nalatenschap, dan denk ik aan de nieuwe Beleidsvisie Onderofficieren die ik uit jouw handen mocht ontvangen.
Dat was tijdens de Joint Tertiaire Vorming, de stafadjudantenopleiding. Ook die opleiding valt onder jouw verantwoordelijkheid.
Een opleiding die staat als een huis, die de verbinding tussen beleid en uitvoering versterkt en die ons voorbereidt op de huidige en toekomstige groei.
Ik denk ook aan de Nationale Onderofficiers Conferentie, de NOOC.
Onder jouw leiding is die uitgegroeid tot een indrukwekkend en interactief evenement met meer dan duizend deelnemers.
Een plek waar kennisdeling, vakmanschap en verbinding centraal staan. Maar vooral een plek waar iedereen zich welkom voelt. Onderofficieren, manschappen, reservisten en burgercollega’s.
Het weerspiegelt jouw overtuiging dat Defensie alleen succesvol kan zijn als we het samen doen.
Ook internationaal heb je veel betekend.
Je investeerde in relaties met bondgenoten, bouwde bruggen naar internationale stafadjudanten en versterkte de positie van de Nederlandse onderofficieren binnen internationale netwerken.
Daardoor hebben we niet alleen kennis en ervaringen van anderen kunnen benutten, maar hebben anderen ook kunnen leren van ons.
Ook persoonlijk ben je voor mij van grote waarde geweest.
Als adviseur. Als sparringpartner. En soms als kritische spiegel.
Je voorzag mij van gevraagde én ongevraagde adviezen.
Je bracht signalen, trends en zorgen vanuit de organisatie op mijn bureau.
Niet om problemen groter te maken dan ze waren, maar om ervoor te zorgen dat we betere besluiten konden nemen.
Je was mijn ogen en oren binnen de organisatie. En daar ben ik je dankbaar voor.
En natuurlijk ook voor het feit dat er tijdens onze reizen nooit eten werd verspild!
Wat anderen lieten staan, verdween steevast in jouw richting.
Beste Mark,
Dank voor je enthousiasme. Dank voor je humor en je energie. En dank voor je oprechte belangstelling voor mensen.
Je militaire carrière begon hier, op deze kazerne. En vandaag sluit je die loopbaan hier ook af.
Ik wens jou, samen met je dierbaren, alle geluk in deze nieuwe fase van je leven.
En ik heb goed geluisterd naar wat je zojuist zei: als het nodig is, sta je klaar. Dat onthoud ik!
Dan richt ik mij nu tot jouw opvolger: Adjudant-Onderofficier Instructeur Cees Bielander.
Beste Cees,
Vandaag neem jij het stokje over. De uitdagingen zijn groot, maar de kans om het verschil te maken is dat ook.
Je hebt de afgelopen jaren als Landmachtadjudant laten zien dat je dicht bij mensen staat. Dat je luistert.
Dat je moeilijke onderwerpen begrijpelijk kunt maken. En dat je vertrouwen weet op te bouwen.
Je kent de organisatie. Je kent de uitdagingen. En je kent de mensen voor wie we het doen.
Ik heb er dan ook alle vertrouwen in dat jij deze functie op jouw eigen manier succesvol zult invullen.
Niet als een kopie van jouw voorganger. Maar als Cees Bielander. Met jouw eigen stijl en jouw eigen ervaringen.
Mark, nogmaals dank namens de gehele krijgsmacht. Cees, veel succes; ik kijk uit naar onze samenwerking.
En aan iedereen hier aanwezig, in uniform of niet, dank voor uw betrokkenheid en uw inzet voor onze krijgsmacht.
Zeker ook aan de partners, gezinnen en familieleden die elke dag achter onze militairen staan.
Dank u wel.