Toespraak minister Gouke Moes (OCW) bij de uitreiking van de Erfgoedvrijwilligersprijs 2025

Op vrijdag 12 december 2025 reikte minister Gouke Moes (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) de Erfgoedvrijwilligersprijs 2025 uit aan de Toneelgroep van het Streekmuseum Goeree-Overflakkee.  Het winnende vrijwilligersteam kreeg een cheque van 10.000 euro. De vrijwilligersteams van Stichting Heerlijkheid Vijfheerenlanden en Industrieel Smalspoor Museum ontvingen als runners-up allebei een cheque van 5.000 euro. 

Lees meer op de website van de Erfgoedvrijwilligersprijs.

Voorafgaande aan de uitreiking sprak minister Moes onderstaande toespraak uit.

Goedemiddag erfgoedvrijwilligers!

Zoveel liefhebbers van erfgoed die uit heel Nederland naar Den Haag afreizen – die kun je natuurlijk niet in een achterafzaaltje ontvangen. Welkom dus in deze Koninklijke Schouwburg.

Wist u trouwens dat koning Willem-Alexander afgelopen september de Troonrede heeft uitgesproken in deze zaal?
De Ridderzaal aan het Binnenhof is nog steeds in renovatie. Daarom wordt deze zaal sinds 2022 elk jaar speciaal voor Prinsjesdag omgetoverd. Met speciale zetels, rood behang en een hele lange rode loper.
Wat mij betreft hadden ze die loper voor u mogen laten liggen, want vandaag bent u onze hooggeëerde gasten. Vanwege uw grote betekenis voor het erfgoed in Nederland.

Zojuist heb ik met een aantal van u al kennisgemaakt. Zo’n speeddate is natuurlijk veel te kort en te oppervlakkig.
En toch kwam uw enthousiasme voor het erfgoed heel helder door. Als minister zie ik die toewijding heel vaak, maar ook daarvóór al. Bijvoorbeeld bij mijn collega-gedeputeerde in de provincie Groningen, Erik Jan Bennema. Voordat we geïnstalleerd konden worden, moesten we bij de integriteitscommissie langs.

Waren er nog dingen die zij moesten weten? Hadden we nog ergens belangen die konden wringen? Dat soort vragen stelden ze ons.

Weet u wat mijn collega het ergste vond?
Dat hij zijn vrijwilligerswerk bij de Menkemaborg in Uithuizen moest opgeven. Hij, een echte geschiedenisnerd, afkomstig uit een aloud Gronings geslacht, was zo gehecht aan dit mooie kasteeltje en zijn geschiedenis.
Wat kon er nou mis mee zijn om daar wat werk te doen?
Hij was echt verontwaardigd. Hij deed het werk toch vrijwillig? Net als u. Vrijwillig, dat wil zeggen: belangeloos. Het voelde alsof zijn erfgoed van hem werd afgepakt.

En dat herken ik ook bij u allemaal. U bent verknocht aan het erfgoed. Het is een deel van uzelf geworden. Erfgoed gaat dus niet alleen over vroeger, maar net zo goed over het heden. Erfgoed gaat over wie we nu zijn. Over wat we uit en met liefde willen bewaren voor de mensen na ons. Erfgoed is echt mensenwerk.

Het erfgoed waarmee u deze finale hebt gehaald, is een erfenis die u in bewaring hebt gekregen van vorige generaties.
Die u met ziel en zaligheid levend houdt en met al zijn betekenis wilt doorgeven. Het gaat om gebouwen, om spullen, maar ook om gebruiken, kennis, vaardigheden en ambachten die niet verloren mogen gaan.

Want als die verdwijnen, zou u een stukje van uzelf verliezen. Dan zouden we allemaal iets verliezen.

U bent allemaal doorgedrongen tot de finale. Twaalf provincies. Twaalf vrijwilligersgroepen. Twaalf voorbeelden van hoe veelkleurig erfgoed kan zijn.

Van zeildoek uit Zaandam tot smalspoorlocomotieven in Erica.
Van oude bouwmaterialen in Groningen tot natuurhistorische vondsten in Nijmegen.

Erfgoed is van alle tijden.
Van nu, zoals het Bloemencorso en het Pinksterrijden in Vollenhove.
Van een tijd geleden, zoals de oorlogsgeschiedenis van de Noordoostpolder.
En zelfs van de tijd van de dinosauriërs, zoals het Oertijdmuseum in Boxtel laat zien.

Erfgoed kun je proeven, bijvoorbeeld sap, stroop of bier van appels en peren uit Schoonrewoerd.
Je kunt het voelen, bijvoorbeeld in de pijn van de Watersnoodramp in het museum in Ouwerkerk, waar ik laatst nog was.

Erfgoed kun je ook tot leven brengen met verhalen en toneel, zoals men op Goeree-Overflakkee en bij kasteel Hoensbroek laat zien.

En soms moet je even graven naar erfgoed. Letterlijk en figuurlijk. Bijvoorbeeld op Terschelling, waar steeds meer bunkers onder het zand vandaan komen. En met de bunkers de verhalen.

Ik ben zelf ooit op Schiermonnikoog op pad geweest met Cees Soepboer, de boswachter van het eiland. We gingen berkjes rooien omdat er te weinig konijnen waren om ze op te vreten. Dat was ook een soort erfgoedvrijwilligerswerk. Want we hielden niet alleen de duinen open, maar gingen ook met prikstokjes op zoek naar bunkers. Iemand had een tekening opgeduikeld in een Duits archief. En zo wisten we waar we moesten zoeken.
Een geweldige ervaring om zo op de geschiedenis van een plek te stuiten, door de kennis van de boswachter, door de archieven en door onze prikstokken.

Beste vrijwilligers,

U bent allemaal op uw eigen manier op zoek. Naar gebouwen, naar kennis, naar verhalen, naar gewoontes. Wie nieuwsgierig is, vindt altijd meer. Je kunt altijd dieper graven.

En vaak ligt het erfgoed als het ware voor je voeten. U raapt het op, laat het glanzen en deelt het met zo veel mogelijk anderen. Dat is fantastisch en heel betekenisvol werk.

Natuurlijk, de overheid heeft een belangrijke zorgtaak voor het erfgoed van Nederland. Maar zij kan dat niet alleen. Dankzij u en vele tienduizenden vrijwilligers gaat het erfgoed pas echt leven. Dankzij u loopt de samenleving warm voor erfgoed. Met een toewijding die zich niet laat organiseren. Die letterlijk onbetaalbaar is.

Maar gelukkig is er wel de Erfgoedvrijwilligersprijs. Ik laat u niet langer in spanning. Het is mij een eer om de enveloppen te openen waarop de prijswinnaars staan.