Toespraak staatssecretaris Judith Tielen (Onderwijs en Emancipatie) bij het congres Lezen Centraal

Op 9 april 2026 hield staatssecretaris Judith Tielen (Onderwijs en Emancipatie) een toespraak bij het congres 'Lezen Centraal' van Stichting Lezen in de Jaarbeurs in Utrecht.

Beste leesvrienden,

Ik wil beginnen met een klein onderzoekje. Ik heb jullie allemaal nodig om te testen of mijn stelling klopt.
De stelling is: voorgelezen worden, daar ben je nooit te oud voor.

Toen mijn dochter twee was, las ik haar vaak voor uit een van de vele hoogtepunten van de Nederlandse letterkunde. Geschreven door iemand van wereldfaam, uit deze stad. Het boek heet “Wij hebben een orkest” en de schrijver is Dick Bruna.
We maakten er een spelletje van. Ik las een regel voor en stopte dan abrupt. Zij vulde het ontbrekende woord aan. 

En nu wil ik graag met jullie testen of dit nog steeds werkt. Ik heb jullie allemaal nodig.
Ik lees voor. En als ik stop, mogen jullie het ontbrekende woord door de zaal roepen. Daar gaat-ie.

wij zijn elf muzikanten
wij hebben een … orkest!
wij spelen heel veel samen
en doen dan erg ons … best

Dat gaat goed! Ik ga even verder in het boekje: 

en pia speelt … piano
die ken je allemaal
haar handen op de … toetsen
haar voet op het … pedaal

Oké! Nog eentje om het af te leren:

en bob speelt op het slagwerk
bob houdt heel goed de … maat
wanneer hij op de trommels
en op de bekkens … slaat.

Dank jullie wel! Het werkt! Stelling bewezen. Je bent nooit te oud om voor te lezen. Je bent nooit te oud om voorgelezen te worden. Of zullen we ervan maken: voorlezen houdt je jong?

Dit aanvulspelletje lijkt op het raadgedicht, een bekend initiatief van Rian Visser. Haar tweejarige termijn als kinderboekenambassadeur loopt over een paar minuten af. Zit je in de zaal, Rian?
In een raadgedicht is telkens één woord afgedekt. In de klas kun je raden en beredeneren welk woord daar zou passen. Dat helpt de concentratie en de creatieve stroom op gang, waar poëzie zo fijn op drijft. Dan kun je samen in het brein van de dichter duiken.

Wie leest, verkent nieuwe werelden. Balanceert tussen voorspelbaarheid en verrassing. 
Dat maakte zojuist het aanvulspel bij Dick Bruna zo leuk.
Dat maakt elk raadgedicht zo spannend en uitnodigend.
Door te lezen krijg je bevestiging van wat je al kent én ontdek je nieuwe dingen.

Lezen gaat dus ook over wie jíj bent. En wie de ander is.
Pim Lammers heeft het mooi gezegd. Ben jij ook nog in de zaal, Pim?
Op de website van dit congres stond dit citaat van Pim: “Kinderboeken […] geven jonge lezers een spiegel én een venster: een spiegel om zichzelf in te herkennen, een venster op de wereld van anderen.”
En zo, al lezend balancerend tussen wat voorspelbaar is en wat verrassend, verbreed je je kennis, verleg je je horizon. 

Ik mag mezelf gelukkig prijzen. Want als staatssecretaris is het mijn taak om het leesonderwijs en de leescultuur te versterken.
De belangrijkste pijlers onder ‘Nederland leesland’ zijn de scholen en de bibliotheken. En voor beide maak ik mij hard in en namens dit kabinet.
Zoals jullie allemáál je best doen om het boek nog dichter bij het kind te brengen. 

Hoe kunnen we dat beter doen dan door de unieke krachten van de bieb en die van de school met elkaar te combineren?
Kennis van boeken, kennis van kinderen, kennis van lezen en leren brengen we bij elkaar met ‘de Bibliotheek op School’. Daarvoor is in 2027 38 miljoen en vanaf 2028 jaarlijks 50 miljoen beschikbaar. Ook Boekstart in de kinderopvang, het mbo en lerarenopleidingen profiteren mee.

En er zijn veel meer initiatieven – denk aan Hebban in de klas of aan sterboeken.org. Allemaal projecten met als doel dat jonge mensen méér en met meer plezier lezen.

Nu denken jullie misschien: mooi verhaal, staatssecretaris. Het lijkt wel alsof jij zélf kinderboekenambassadeur wilt worden.
Zal ik maar eerlijk zijn? Ik zou daar met alle liefde voor solliciteren.
En jullie zouden allemaal geweldige ambassadeurs zijn. 
Natuurlijk, er is maar één echte officiële kinderboekenambassadeur. Maar die kan het niet zonder ons.

Laten we daarom met zijn allen een diplomatiek leesnetwerk vormen.
Op scholen, in bibliotheken, in de kinderopvang. Op zo’n manier dat jonge mensen niet om boeken heen kunnen.
Er niet omheen willen. Zodat ze overal in aanraking komen met boeken. En overal verleid worden om te lezen. Om te schrijven. Om voorgelezen te worden.

Dat begint thuis. Zorg ervoor dat je kinderen jou zien lezen.
Niet alleen van een schermpje, maar juist ook van papier. Geef je boeken een ereplek in het interieur. 

Ik wil ook de vaders nog even specifiek aanspreken. Want die lezen minder vaak voor dan moeders. Beste vaders, neem je verantwoordelijkheid. En vooral: geniet ervan om samen met je kind de wereld van het boek binnen te treden.

Beste mensen,

Leescultuur en leesonderwijs staan in Nederland onder druk. Samen keren we het tij.
We hebben zelf ervaren hoe boeken ons leven kunnen veranderen. Hoe lezen onze verbeeldingskracht traint. Dat gunnen we iedereen. Wie goed is in lezen en taal, komt verder in de wereld.
En met die woorden hang ik dadelijk met alle plezier de ambtsketen om de schouders van de nieuwe kinderboekenambassadeur. 

Dank jullie wel.