Inleidend statement persconferentie na ministerraad 20 mei 2022

Inleidend statement van minister-president Rutte tijdens de wekelijkse persconferentie na afloop van de ministerraad. Met een terugblik op het gesprek met vertegenwoordigers van grote publieke dienstverleners, de afronding van de voorjaarsnota en de NAVO-lidmaatschapsaanvraag van Zweden en Finland. Bekijk de hele persconferentie via YouTube. Of lees de letterlijke tekst van de persconferentie

Inleidend statement persconferentie na ministerraad 20 mei 2022

Minister-president Rutte:

Goedemiddag, een aantal zaken van mijn kant. Om te beginnen, vanmorgen hebben wij een heel goed gesprek gehad voor de ministerraad, met vertegenwoordigers van de grote publieke dienstverleners. En waarom? Omdat een deugdelijke uitvoering van publieke diensten natuurlijk van groot belang is voor de hele samenleving en voor het, mag ik zeggen, soepel functioneren van de samenleving. En natuurlijk is het prachtig dat wij als kabinet en Kamer allemaal schitterende regels en plannen verzinnen, maar zonder een effectieve en efficiënte uitvoering blijft dat steken in goede bedoelingen. En uiteraard kan dat zelfs ook leiden tot zonder meer ongewenste uitwerkingen. En daarom moeten we dat gesprek voeren, en wat je dan ziet is het enorme belang om dat gesprek ook heel nauwgezet te voeren. Marnix van Rij bijvoorbeeld, de staatssecretaris die verantwoordelijk is voor de Belastingdienst heeft al een tig aantal werkbezoeken gebracht en zegt ‘dat heeft mij zoveel inzichten opgeleverd’, hoe wij de werk en regelgeving veel meer kunnen afstemmen op wat ook voor de uitvoering van belang is. En daarom wordt dat gesprek ook nog weer veel makkelijker. De Belastingdienst zit dan ook echt aan tafel bij Financiën als het gaat ook om de vormgeving van de plannen. Dat is allemaal, dat zijn echt allemaal lessen die we in het afgelopen jaar, denk ik, hebben getrokken. En de uitvoerders zeggen ook, van publieke diensten, die zeggen ook van ‘zorg er dan ook voor dat we samen optrekken, en gebruik ook onze input als er allerlei aanpassingen van de plannen dreigen die misschien in de praktijk niet uitvoerbaar zijn. Het zijn hele praktische dingen. Heeft er ook toe geleid dat we gezegd hebben ‘we gaan allemaal voor zover collega’s te maken hebben met uitvoeringsorganisaties, met hen de komende maanden nog eens een keer extra in gesprek. En dan halen we het net weer op dit najaar, dus los van de normale rechtstreekse contacten, Harbers bijvoorbeeld met CBR of Van Gennip met UWV, maar zo zijn er dus honderden, echt letterlijk honderden ZBO’s in Nederland, hele grote maar ook heel veel kleintjes. Dus die gesprekken gaan nu gewoon door maar los daarvan gaan we ook gestructureerd ook nog eens een keer echt dat gesprek voeren. En dat halen we dit najaar weer terug in het kabinet met opnieuw de bazen van de grote publieke dienstverleners. En ja, ik ben daar erg enthousiast over, ik merk het hele kabinet, maar ook zijzelf omdat dat de enige manier is om, denken wij, ook opvolging gevend aan alle recente rapporten en intenties en het regeerakkoord, ervoor te zorgen dat die publieke dienstverlening in kwaliteit gaat toenemen.

Ten tweede de Voorjaarsnota, daar hebben jullie volgens mij al uitgebreid Sigrid Kaag over geïnterviewd in de hal. Wat je ziet is dat ook de input die wij hebben gekregen in de gesprekken met de oppositiefracties, dat we die natuurlijk ook nog weer meenemen nader dit najaar, bij het opstellen van de begroting voor 2023. Dus dat zit niet allemaal al hier in maar dat komt voor een deel ook later terug. Wat we wel nu doen, is een eerste stap zetten om de koopkracht van lage inkomens en van ouderen te verbeteren. Jullie hebben gezien dat het wettelijk minimumloon stijgt, vanaf 2023 in drie jaarlijkse stappen met 2,5% naar 7,5%. En ook de hoogte van de AOW stijgt in dezelfde jaarlijkse stappen mee. Dat was natuurlijk een van de wensen ook van de Tweede Kamer in eerdere moties. En ook heel belangrijk, besloten om de Defensie-uitgaven te verhogen naar, helaas nog niet structureel de 2%, dan moet er nog meer bij, maar wel gaan we nu de 2% bereiken in 2024 en 2025. En daarmee komen we ook, denk ik, tegemoet aan een breed levende wens in de Tweede Kamer. En zie je dat sinds januari de defensie uitgaven met een totaal van ruim 5 miljard omhoog zijn gegaan.

Dat brengt mij tot slot ook natuurlijk bij de verschrikkelijke oorlog in Oekraïne en de Russische agressie, inmiddels nu alweer bijna drie maanden aan de gang, of bijna drie maanden aan de gang en dat maakt nog maar eens duidelijk hoe belangrijk het is dat er een hecht trans-Atlantisch bondgenootschap is en hoe belangrijk dat is voor vrede en veiligheid in Europa en in de wereld. In dat kader verwelkomen wij ook ter ganser harte de lidmaatschapsaanvraag van Zweden en Finland in de NAVO. Ik heb gisteren daar ook over gesproken natuurlijk met Olaf Scholz, van Duitsland, die er was. Dat we allebei vertrouwen hebben dat we er uiteindelijk in zullen slagen om de blokkades die er nog zijn, op te heffen. Ik had daar vanmorgen een heel lang telefoon gesprek over met Erdogan van Turkije, president Erdogan van Turkije, dus er wordt hard aan gewerkt om ook daar de problemen op te lossen. Net zoals we druk bezig zijn, de Duitsers voorop, we proberen te helpen om ook een aantal politieke knopen nu los te trekken op de Westelijke Balkan, in het bijzonder waar het betreft, de gesprekken die moeten beginnen met Noord-Macedonië en Albanië over toetreding. Waarbij ze bij Noord-Macedonië, zoals jullie weten, nog geblokkeerd ligt door de Bulgaren.

Volgende week dinsdag en woensdag ben ik, met een heel setje in collega’s in Davos – niet Davó zoals iedereen denkt, dat heet Davos – voor het World Economic Forum. En dan is de ministerraad op woensdag vanwege Hemelvaart op donderdag en die zal worden voorgezeten door Wopke Hoekstra en die zal ook na afloop hier dan de pers te woord staan.