Europees Stabiliteitsmechanisme

Het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) is een noodfonds voor eurolanden met financiële problemen. Wil een land geld lenen, dan moet het land de financiële en economische situatie verbeteren. Zo blijft Europa economisch gezond en stabiel. 

Noodfinanciering aan eurolanden

Om noodfinanciering te kunnen geven aan eurolanden, is besloten om een permanent Europees noodfonds op te richten. Het ESM kan 500 miljard euro uitlenen. Het ESM bestaat sinds 2012. Een permanent fonds als het ESM ontbrak tijdens de financiële en economische crisis, die in 2008 begon met de val van de Amerikaanse bank Lehman Brothers. Ook eurolanden ontkwamen niet aan de gevolgen van deze financiële depressie. Zo werd er gevreesd dat als het ene euroland zou omvallen, er meer zouden volgen. 

Voorwaarden voor landen om een lening te krijgen

Voordat een land een lening krijgt, worden er afspraken gemaakt. Zo’n lijstje beleidsafspraken is in elk land verschillend. Denk daarbij aan bezuinigingen op de uitgaven van de overheid of hervorming van de arbeidsmarkt. Ook bekijkt het ESM voor het een lening geeft of een land zijn schulden kan terugbetalen. 

Het ESM en corona

Landen die zwaar zijn geraakt door COVID-19, kunnen een aanvraag doen voor een  lening van het ESM. Het gaat om een bedrag van maximaal 2 procent van het bbp van een land. De eurolanden kunnen een aanvraag indienen tot 31 december 2022. Deze lening kunnen ze gebruiken voor uitgaven aan de directe en indirecte gezondheidszorg, zoals herstel en preventie.

Europese stabiliteitsmechanisme (ESM)

Uitlegvideo Europese stabiliteitsmechanisme

Het is je in 2008 vast niet ontgaan. Toen vond wereldwijd de kredietcrisis plaats. Die begon met de val van de belangrijke Amerikaanse bank Lehman Brothers. Het was de eerste dominosteen die omviel, want vervolgens kwamen andere banken in de problemen. En zelfs hele landen, zoals in Europa. Sommige landen konden niet eens meer geld lenen om al hun kosten te betalen. Tijd dus om in te grijpen, want eurolanden vreesden dat als het ene land zou omvallen, er meer zouden volgen. Daarom is in 2012 het Europees Stabiliteitsmechanisme, ofwel het ESM opgericht. Dat is eigenlijk een grote pot met geld waar zo'n 700 miljard euro in zit. En elk EU land dat de euro heeft, stopt daar geld in voor als een land het hoofd niet meer boven water kan houden. Komt een land in geldnood en klopt het dan aan bij het ESM, dan krijgt het niet zomaar financiële steun. Ze moet dan plannen maken en ook uitvoeren. Bijvoorbeeld om de pensioenen te hervormen, om de staatsschuld te verminderen of misschien wel om de jeugdwerkloosheid aan te pakken. Maar die voorwaarden, die kunnen per land verschillen. Wie stelt dat eisennlijstje op? En wie houdt in de gaten of een EU land zich er echt aan houdt? Nou, eerder werd dat alleen gedaan door de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank. Eind 2020 besloten de Europese ministers van Financiën dat het ESM daar een belangrijke rol in gaat spelen. En niet alleen op dat front verandert het ESM.

Zo kunnen landen straks alleen nog aankloppen bij het ESM als sprake is van een houdbare overheidsschuld. Dat houdt in dat hun inkomsten groot genoeg moeten zijn om in de toekomst hun schulden af te betalen. En is dat niet het geval, dan moeten investeerders en beleggers die geld hebben uitgeleend aan dat land, zoals bijvoorbeeld banken, eerst een deel van die schuld gaan kwijtschelden. Zo krijgt het ESM zijn geld dan weer terug en draait de belastingbetaler er niet voor op. Het ESM kan ook landen ondersteunen die financieel wel gezond zijn. Bijvoorbeeld in een grote economische crisis wanneer ze wat extra zekerheid zoeken. Maar ook dan gelden er strikte voorwaarden. Zo moet zo'n land aantonen dat het economisch gezond is. Dat betekent dat het verschil tussen de uitgaven en inkomsten niet te groot mag zijn. En ook dat de staatsschuld in voorgaande jaren is gedaald. De laatste verandering binnen het ESM. Het kan vanaf 2022 ook geld gaan lenen aan het Europees bankenfonds. Dat fonds is er zodat banken hun problemen eerst zelf oplossen. Op die manier betaalt de belastingbetaler er niet aan mee om banken te redden. En die lening? Die wordt alleen verstrekt als de bodem van het banken fonds in zicht is en later door de hele Europese bankensector binnen vijf jaar wordt terugbetaald. Met al deze mogelijkheden dreigt het ESM bij sterke economieën die tegen een stootje kunnen. Zoals onze Nederlandse economie. En dat is belangrijk voor jou en mij.