Toespraak minister-president Schoof bij Ambassadeursconferentie

Dick Schoof hield in Den Haag een toespraak tijdens de Ambassadeursconferentie 2026.

Beste mensen,

Toen ik hier een jaar geleden zou spreken -wat niet doorging omdat ik griep kreeg- had ik net een dag ervoor mijn toespraak helemaal op de schop moeten nemen. Want natuurlijk was ik van plan om met jullie te spreken over de kabinetsplannen op het gebied van buitenland. Maar vlak voor de conferentie was de Nederlandse ambassade in Congo belaagd en hadden jullie collega’s angstige uren beleefd.

We zijn een jaar verder. En ik had graag gezegd dat we de spanningen van toen, achter ons hebben gelaten.

Maar jullie weten wel beter. De werkelijkheid is dat er in het afgelopen jaar alleen maar meer geopolitieke zorgen zijn gekomen. En ook dat die zorgen zich lang niet altijd meer beperken tot de landen waar we dat helaas misschien een beetje van gewend zijn.

Uiteraard kijk ik nu naar Alle Dorhout, ambassadeur in Oekraïne. Naar Marriët Schuurman, ambassadeur in Israël. En naar Michel Rentenaar, permanent vertegenwoordiger in de Palestijnse Gebieden. Maar voor het eerst kijk ik op deze manier ook naar Nienke Trooster, ambassadeur in Denemarken. Doorgaans een post die niet bepaald bekend staat om zijn spanningen. En toch voelde die ineens onwerkelijk dichtbij, een maand geleden.  
 
Natuurlijk, conflicten en grensoverstijgende zorgen zijn van alle tijden, dat weten jullie nog veel beter dan ik. Maar binnen die onzekerheden, waren er zekerheden waarop we konden vertrouwen. En voor het eerst sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog staan die ter discussie. Voor het eerst staat onze eigen veiligheid ter discussie. En zien we de keerzijde van wat er kan gebeuren als sommige vriendschappen te vanzelfsprekend zijn geworden.

Tegelijkertijd weten jullie als geen ander dat het onderhouden van internationale relaties altijd om aanpassingen vraagt. Dat belangen kunnen verschuiven, dat regeringen kunnen vallen en dat onderwerpen in of uit de schijnwerpers kunnen staan.

En ja, dat kan even wennen zijn. En hier en daar soms ook even schrikken.Maar je steeds opnieuw verhouden tot de realiteit: dat is jullie werk.

Voor de meeste mensen in Nederland is dat -vrij letterlijk- een ver-van-mijn-bed-show. Tenminste, dat denken ze. Want in de praktijk staan jullie aan de basis van al die dingen die we in Nederland zo gewoon zijn gaan vinden.

Ik denk aan handelsbetrekkingen, een belangrijke pijler van onze welvaart. Aan Europese samenwerking, waardoor we als 1 blok een vuist kunnen maken om iets te bereiken. En aan het versterken van onze eigen veiligheid, door lidmaatschap van de Navo, de EU en onze steun aan Oekraïne via de Coalition of the Willing. 

Heel verschillende gremia. Maar als ze ons 1 ding geleerd hebben, is het dat we elkaar nodig hebben. En jullie spelen daarin een cruciale rol.

In de anderhalf jaar dat ik nu premier ben, heb ik dat diverse keren met eigen ogen mogen aanschouwen. En laat me jullie zeggen: dat is altijd indrukwekkend, waar ik ook kom. Of ik nou in Kyiv ben, waar door jullie heel veel voorbereiding is gaan zitten in -alleen al- de logistiek van het bezoek. Of in New York voor de AVVN, waar jullie tijdens de bila met Japan aan zulke details hebben gedacht als een limited edition Nijntje-knuffel.

Ik zie jullie kijken, maar de vrouw van de toenmalige Japanse premier is een groot Nijntje-liefhebber. Die informatie bereikte de post in Japan, en tijdens mijn ontmoeting met Ishiba bleek Nijntje een regelrechte non-verbale diplomaat te zijn.

Een soortgelijke vorm van diplomatie werd door jullie vakkundig ingezet, door mij -voorafgaand aan een gesprek met de premier van de Koerdistan Regio Irak- in te fluisteren dat ‘aardappels’ een goed gespreksonderwerp was. Dat bleek inderdaad zo te zijn; nooit zoveel over aardappels opgestoken als in dat gesprek.

Indrukwekkend was ook het bezoek van de Chinese vicepremier in Nederland. In dat bezoek kwam een consulaire kwestie ter sprake, waar ik op dat moment een duwtje kon geven. Maar dat kon ik alleen doen, doordat ik wist dat jullie het vervolgtraject adequaat zouden oppakken.

Kortom, waarheen de reis ook gaat, iedere keer is mijn conclusie: Nederland kan niet zonder jullie. En gelukkig hoeft dat ook niet. Want hoewel het vandaag mijn 1e en waarschijnlijk ook mijn laatste keer is dat ik jullie op deze bijeenkomst ontmoet, weet ik dat ook voor het nieuwe kabinet jullie waarde buiten kijf staat. En zo niet, dan gaan jullie hen die laten ervaren, dat weet ik zeker.

Dank jullie wel, voor de ondersteuning die jullie mij geboden hebben. Natuurlijk op al die reizen waar we elkaar ontmoetten, maar evengoed voor al werk dat jullie mensen achter de schermen doen- het grootste deel dus.
Ik wil daar heel graag meer over horen, vooral ook als jouw land of post niet eerder ter sprake kwam, maar je wel vindt dat wij hier in Den Haag iets moeten weten.

Laten we dus gauw met elkaar in gesprek gaan. 

Dank jullie wel.