Internationale aanpak tegen ondermijnende criminaliteit

Een internationale aanpak is nodig om georganiseerde criminaliteit in West-Europa minder aantrekkelijk te maken. Criminelen houden geen rekening met landsgrenzen. Door internationaal te opereren zorgen criminelen ervoor dat opsporing, vervolging en berechting wordt bemoeilijkt. Ook maken zij vaak meer winst bij internationale activiteiten. Daarom werken landen en internationale organisaties samen om grensoverschrijdende criminele netwerken op te rollen.

Versterken internationale samenwerking

De overheid wil de samenwerking met andere landen en internationale organisaties versterken en verbreden. Dat doen zij door bijvoorbeeld afspraken te maken over strengere controles bij logistieke knooppunten. Zoals bij havens en vliegvelden. Maar ook door het criminele verdienmodel te verstoren en sneller beslag te leggen op crimineel verdiend vermogen. En op spullen of panden die met crimineel geld zijn gekocht. In de internationale aanpak tegen ondermijnende criminaliteit ligt de focus op:

  • strengere controles en meer toezicht op logistieke knooppunten (zoals havens) en processen (zoals transporten);
  • verstoren van crimineel verdienmodel en in beslag nemen van crimineel verdiend vermogen;
  • samenwerkingen met bron- en doorvoerlanden te verstevigen in de aanpak van drugshandel;
  • technologische ontwikkelingen die bijvoorbeeld worden ingezet om georganiseerde ondermijnende criminaliteit op te sporen.

Verstoren van grensoverschrijdende criminele activiteiten

De internationale aanpak moet criminele grensoverschrijdende activiteiten verstoren. Binnen deze aanpak spelen verscheidene disciplines een grote rol. Daarbij is een samenwerking met andere landen en organisaties zoals de EU nodig.

In december 2021 is er samen met Belgische, Franse en Spaanse collega's een Gezamenlijke Verklaring Ministeriële Bijeenkomst Ondermijning vrijgegeven. Hierin staat onder andere dat die landen gaan samenwerken op het gebied van verstoren van drugshandel. Zoals verstoren van de illegale handel in cocaïne van Latijns-Amerika naar Europa. Deze internationale samenwerking maakt het mogelijk om de meest effectieve methodes in opsporing uit te wisselen.

Samenwerkende partijen tegen ondermijnende criminaliteit

Verschillende partijen werken nauw samen met collega's in andere landen. Zoals:

  • het Nederlandse Openbaar Ministerie (OM);
  • de politie;
  • de douane;
  • de bijzondere opsporingsdiensten;
  • en de ministeries.

Daarnaast zijn er samenwerkingen met internationale organisaties en samenwerkingsverbanden zoals:

  • de Europese Unie;
  • Europol;
  • Eurojust;
  • de Verenigde Naties;
  • en het Maritieme Analysis en Operations Centre on Narcotics (MAOC).

Deze organisaties en samenwerkingsverbanden:

  • wisselen via verschillende kanalen informatie uit en delen kennis met elkaar;
  • ze dragen bij aan gezamenlijke onderzoeken;
  • voeren samen handhavingsacties uit;
  • bieden elkaar rechtshulp;
  • en werken samen aan nieuwe wetten en regels om grensoverschrijdende criminaliteit nog beter aan te pakken.