Inleidend statement persconferentie na ministerraad 20 maart 2026

Inleidend statement van minister-president Jetten tijdens de wekelijkse persconferentie na afloop van de ministerraad. Met aandacht voor de wereldwijde gevolgen van het conflict in Iran, met name de sterk stijgende energieprijzen. Het kabinet bereidt zich voor op alle mogelijke scenario's, inclusief maatregelen die daarbij horen om in te kunnen zetten wanneer dat nodig is.

Minister-president Jetten: Gisteravond laat ben ik vanuit Brussel teruggekomen na een lange zit in de Europese Raad. En er lag dan ook het nodige op ons bordje. Vooral de situatie in en rond Iran is een grote bron van voortdurende zorg. En goed om dit ook met alle Europese collega's te kunnen bespreken. Want heel Europa wordt geraakt door de gevolgen van dit conflict. Indirect via hogere energieprijzen of direct omdat men te maken heeft met bijvoorbeeld droneaanvallen zoals op Cyprus. En voor Europa is het van het grootste belang dat er snel de-escalerende stappen worden gezet. En ook weer diplomatieke wegen worden bewandeld. Het is daarnaast van groot belang dat de veilige en vrije doorvaart door de Straat van Hormuz weer mogelijk wordt. In bilateraal en Europees verband zullen we continu blijven kijken wat we kunnen doen om dat ook weer dichterbij te brengen.

En natuurlijk hebben we ook gesproken over de wereldwijde gevolgen van dit conflict. Met name de sterk stijgende energieprijzen. En ik kan me heel goed voorstellen dat dit veel zorgen geeft bij mensen en bedrijven. Het kabinet bereidt zich voor op alle mogelijke scenario's inclusief maatregelen die daarbij horen om in te kunnen zetten wanneer dat nodig is. En het gaat dan om tijdelijke en gerichte maatregelen om huishoudens en ondernemers zo nodig te beschermen tegen deze hoge prijzen. Het is wel goed om te benadrukken dat dit een andere situatie is dan bij de energiecrisis in 2022. Deze crisis kan langer duren met ook structurelere gevolgen voor de wereldeconomie als de spanningen in en rondom Iran aanhouden. En dat gaat dan niet alleen maar om de prijzen aan de pomp, maar om veel bredere effecten voor de gehele economie. En als steun nodig blijkt, dan zijn we ons daar nu maximaal op aan het voorbereiden. Tegelijkertijd moeten we ons er ook bewust van zijn dat we niet alles zullen kunnen compenseren. Het vraagt dus ook wat van ons aanpassingsvermogen. We moeten er ook op lange termijn voor blijven zorgen dat we minder afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen en daarom de energietransitie ook op volle kracht voortzetten.

En dan een paar opmerkingen over de ministerraad van vandaag. Wij hebben besloten dat asielzoekers met een grotere kans op een asielvergunning al na 3 maanden aan het werk mogen. Nu mag dat pas vanaf 6 maanden. Het is goed dat deze mensen voortaan zo snel mogelijk mee kunnen doen. Een baan helpt hen integreren en zorgt ervoor dat je sneller een taal leert en kan meedoen in de samenleving. En bovendien ontvangen zij daardoor eerder loon en kunnen daardoor ook meer bijdragen aan de opvangkosten. En laten we ook niet vergeten dat het in tijden van een krappe arbeidsmarkt gunstig is als mensen zo snel mogelijk aan het werk kunnen.

Daarnaast hebben we vandaag besloten dat studenten die tussen 2015 en 2023 studeerden zonder dat ze een basisbeurs ontvingen, nogmaals een financiële tegemoetkoming krijgen. Voor deze groep is het wrang dat de basisbeurs zo kort na afschaffing weer terugkwam. Het is goed dat we daar nu wat extra’s voor kunnen doen.

Dan over volgende week. Ik ben dan in Helsinki bij de bijeenkomst van de Joint Expeditionary Force, het militaire samenwerkingsverband van een tiental landen dat snel en flexibel kan optreden bij veiligheidsdreigingen. In Helsinki staat natuurlijk de Russische oorlog in Oekraïne centraal op de agenda. Door de crisis en oorlog in het Midden-Oosten lijkt de oorlog in Oekraïne wat op de achtergrond gedrongen. Maar helaas wordt er aan het front nog steeds hevig gevochten, naast de Russische aanvallen op burgers en ook op energie-infrastructuur in Oekraïne. Oekraïne verdient ook onze onverminderde steun. En we moeten de druk op Rusland maximaal blijven opvoeren om deze oorlog te beëindigen. Dat is de boodschap die we volgende week met deze 10 landen in Helsinki zullen uitdragen.