Als u dementie heeft, is het belangrijk dat u op tijd met uw familie, andere naasten en uw arts praat over het levenseinde en over uw wensen. Bijvoorbeeld over euthanasie. Een schriftelijk euthanasieverzoek kan helpen om uw wensen vast te leggen.  

Extra zorgvuldige beoordeling bij dementie

Als u dementie heeft en uw arts om euthanasie vraagt, moet uw arts uw verzoek extra zorgvuldig beoordelen. Uw arts moet altijd beoordelen of aan alle 6 zorgvuldigheidseisen van de Euthanasiewet is voldaan. Uw arts kijkt bijvoorbeeld of uw verzoek vrijwillig is en of u er goed over hebt nagedacht. Ook beoordeelt uw arts of uw lijden ondraaglijk en uitzichtloos is. 

Dementie kent 3 fases

Bij dementie worden de gevolgen van de ziekte in de loop van de tijd steeds erger. Dementie wordt vaak verdeeld in 3 fases:

  • de vroege fase;
  • de middenfase;
  • de late fase.

Er is geen duidelijke grens tussen deze fases. Hoe de ziekte verloopt, verschilt per persoon.

De vroege fase van dementie

In de vroege fase van dementie kunt u lijden doordat dagelijkse dingen steeds moeilijker gaan. Bijvoorbeeld doordat u gesprekken moeilijker kunt volgen of dingen vergeet die kort geleden zijn gebeurd.

U kunt ook veel lijden door de gedachte dat uw geestelijke gezondheid verder achteruitgaat en dat u uw zelfstandigheid verliest.

Als dit lijden voor u ondraaglijk en uitzichtloos is en uw arts begrijpt dat dit voor u zo is, kan een arts euthanasie verlenen als u daar om vraagt. Maar alleen als aan alle eisen van de Euthanasiewet is voldaan.

In de vroege fase van dementie kunt u meestal nog goed met uw arts praten en zelf beslissen over uw euthanasieverzoek. Een schriftelijk euthanasieverzoek kan helpen bij het gesprek met uw arts over uw wensen.

Als euthanasie wordt uitgevoerd bij iemand met dementie, gebeurt dit bijna altijd in de vroege fase.

De middenfase van dementie

In de middenfase van dementie kan uw wilsbekwaamheid sterk wisselen en minder worden. Uw arts onderzoekt dan of u nog zelf kunt beslissen over uw euthanasieverzoek.

Uw arts kijkt bijvoorbeeld of u:

  • begrijpt wat de gevolgen van uw ziekte zijn;
  • begrijpt welke keuzes u heeft;
  • begrijpt wat euthanasie betekent.

Als uw arts twijfelt of u nog zelf kunt beslissen over uw euthanasieverzoek, moet uw arts advies vragen aan een andere arts. Bijvoorbeeld een psychiater, specialist ouderengeneeskunde of klinisch geriater. Een klinisch geriater is een arts gespecialiseerd in de zorg voor oudere, kwetsbare patiënten.

Een eerder opgesteld schriftelijk euthanasieverzoek kan in deze fase helpen in het gesprek met uw arts.

De late fase van dementie

In de late fase van dementie bent u wilsonbekwaam en kunt u niet meer zelf beslissen over uw euthanasieverzoek. U kunt bepaalde informatie dan niet meer begrijpen en beoordelen. Ook begrijpt u dan niet meer wat euthanasie is en wat er dan met u gebeurt.

Euthanasie in de late fase van dementie komt maar heel zelden voor. Het kan alleen als u een euthanasieverzoek opgeschreven hebt toen u nog wilsbekwaam was. Maar een schriftelijk euthanasieverzoek is geen garantie dat u euthanasie krijgt. Ook niet als aan alle wettelijke regels is voldaan. Euthanasie is geen recht van de patiënt en geen plicht van de arts.

Het kan zijn dat euthanasie in de late fase van dementie niet mogelijk is, bijvoorbeeld omdat:

  • u niet duidelijk lijdt onder de situatie zoals u die eerder heeft opgeschreven;
  • uw arts moeilijk kan bepalen of u lijdt;
  • u laat merken dat u niet meer dood wilt;
  • uw situatie op dat moment anders is dan de situatie die u in uw schriftelijk euthanasieverzoek heeft beschreven;
  • uw arts uw schriftelijk euthanasieverzoek niet duidelijk vindt.

Dit laatste kan bijvoorbeeld het geval zijn als u van arts bent gewisseld of als een andere arts u gaat behandelen. Of als u niet met uw arts over uw schriftelijk euthanasieverzoek heeft gesproken.

Het is daarom belangrijk dat als u dementie heeft en u op enig moment euthanasie wilt, u dit op tijd met uw arts bespreekt. Als uw euthanasieverzoek niet duidelijk is, moet uw arts proberen te achterhalen wat uw wensen waren. Bijvoorbeeld door hierover te praten met de mensen die belangrijk voor u zijn. Uw arts moet ook proberen om met u over uw euthanasieverzoek te praten.

Uw arts moet kunnen beoordelen of uw euthanasiewens op dat moment nog bestaat. Als uw arts dit niet kan beoordelen, is de kans groot dat uw arts geen euthanasie verleent.

Een behandelverbod naast een schriftelijk euthanasieverzoek

In een schriftelijk euthanasieverzoek schrijft u op in welke situatie u euthanasie wilt. Mensen met dementie overlijden vaak niet aan de ziekte zelf, maar aan problemen die door de ziekte ontstaan. Bijvoorbeeld een longontsteking.

Als u niet wilt dat uw arts u dan behandelt, kunt u naast een schriftelijk euthanasieverzoek ook een behandelverbod opstellen. In een behandelverbod schrijft u op welke medische behandelingen u niet meer wilt. Een arts moet een behandelverbod volgen als duidelijk is wat uw wens is. 

Meer informatie over dementie

Wilt u meer weten over dementie, wat deze ziekte betekent en welke mogelijkheden er zijn voor zorg en ondersteuning? Neem dan contact op met uw huisarts of een andere zorgverlener.