Belastingplichtigen met inkomsten uit bijvoorbeeld spaargeld en aandelen hebben mogelijk te veel belasting betaald in box 3. Tot er een een nieuw box 3-stelsel is, rekent de Belastingdienst met een rendement dat dicht bij de werkelijkheid ligt. Belastingbetalers die kunnen aantonen dat ze minder rendement hebben behaald, kunnen geld terugvragen.
Deel belastingbetalers betaalden te veel over hun vermogen
Belastingplichtigen betaalden te veel belasting in box 3 als ze minder rendement haalden dan het vaste percentage waar de Belastingdienst rekende. Dat is discriminerend, zo oordeelde de Hoge Raad in het Kerstarrest van 2021.
De Belastingdienst moet rekenen met het werkelijke rendement op spaargeld en aandelen. Mensen die te veel hebben betaald, hebben recht op een terugbetaling. Dat wordt rechtsherstel genoemd.
Maatregelen tegen te hoge rendementsheffing op vermogen
Het kabinet heeft verschillende maatregelen genomen tegen een te hoge rendementsheffing. Het gaat om maatregelen om te veel betaalde belasting te verrekenen. En maatregelen om te voorkomen dat belastingplichtigen te veel blijven betalen over rendement over hun vermogen:
Rechtsherstel voor belastingbetalers die tussen 2017 en 2020 te veel belasting hebben betaald
Belastingbetalers die tussen 2017-2020 te veel belasting hebben betaald in box 3 hebben te veel betaalde belasting teruggekregen. Het ging om belastingbetalers die op tijd bezwaar hadden gemaakt tegen de heffing op het rendement van hun vermogen. En voor de mensen waarvan hun aanslag nog niet definitief vast was gesteld op 24 december 2021. Zij vielen onder het rechtsherstel na de uitspraak van de Hoge Raad vlak voor de Kerst van 2021.
Nog niet bekend of belastingbetalers geld terugkrijgen die geen bezwaar hebben gemaakt
Of belastingbetalers die geen bezwaar hebben gemaakt tussen 2017-2020 geld terugkrijgen, is nog niet bekend. Er lopen nog rechtszaken over compensatie voor alle belastingplichtigen over deze jaren. Dat is de zogenoemde procedure massaal bezwaar plus. Het kabinet heeft de Hoge Raad gevraagd of ook niet-bezwaarmakers recht hebben op compensatie (rechtsherstel). De hoogste rechter moet hier nog een uitspraak over doen. De Belastingdienst informeert degenen die geen bezwaar hebben gemaakt als ze belasting kunnen terugvragen.
Belastingdienst rekent sinds 2021 met rendement dat dichter ligt bij werkelijke rendement
Na het Kerstarrest heeft het kabinet voor box 3-belastingbetalers een nieuwe rekenmethode gemaakt. Deze rekenmethode is gebruikt voor het rechtsherstel en wordt sinds 2021 gebruikt voor iedereen. Dat is vastgelegd in de overbruggingswetgeving.
De Belastingdienst rekent daarbij met de werkelijke verdeling van spaargeld en beleggingen. Voor 2021 ging de box 3-wetgeving er vanuit dat vermogen bestond uit een vaste verdeling tussen spaargeld en beleggingen. De Belastingdienst rekent ook met een fictief rendement dat dichter bij het werkelijke rendement ligt. Dit is nog een vast, fictief percentage. Die percentages worden wel jaarlijks aangepast. Ze sluiten daardoor zo goed mogelijk aan op het werkelijke rendement.
Belastingplichtigen kunnen te veel berekende heffing terugvragen
Sinds 1 juli 2025 kunnen belastingplichtigen die te veel belasting hebben betaald in box 3 geld terugvragen. Ze kunnen hiervoor aantonen dat ze te veel hebben betaald. Dit is geregeld in de Wet tegenbewijsregeling box 3.
Dat belastingplichtigen geld kunnen terugvragen komt door een tweede uitspraak van de Hoge Raad over box 3. In 2024 oordeelde de raad dat ook belasting berekenen met het nieuwe fictieve rendement discrimineert. Het ging om de nieuwe percentages voor rendement bij het rechtsherstel en in de overbruggingswetgeving. Belastingplichtigen die te veel hebben betaald op basis van die wet, moeten die belasting kunnen terugvragen. Dat wordt wel aanvullend rechtsherstel genoemd. De tegenbewijsregeling blijft gelden tot het nieuwe stelsel er is.
Met het formulier Opgaaf werkelijk rendement kunnen belastingbetalers opgeven hoeveel rendement ze werkelijk hebben behaald. De Belastingdienst heeft een checklist voor belastingbetalers die hun werkelijke rendement willen doorgeven. Zij krijgen een brief van de Belastingdienst over wanneer ze hun inkomen in box 3 kunnen doorgeven.
Of belastingbetalers over een bepaald jaar geld terug krijgen, hangt af van hun persoonlijke vermogen. De samenstelling van spaargeld, beleggingen of overige bezittingen en van beleggingsresultaten is bij iedereen anders.
In onderstaande tabel staan de fictieve rendementen naast de gemiddelde werkelijke rendementen van een jaar. Er is te zien dat belastingplichtigen die vooral beleggen mogelijk in 2018, 2020 en 2022 in werkelijkheid minder rendement hebben gehaald dan waar de Belastingdienst mee rekende. Maar in hetzelfde jaar kan de ene belegger verlies hebben gemaakt, terwijl een andere belegger winst heeft behaald.
Belastingplichtigen met een tweede (beleggings)woning hebben mogelijk te veel betaald in 2023 en 2024. In de laatste kolom is de gemiddelde stijging van de WOZ-waarde in het vorige jaar te zien. Dit betekent: voor 2018 is de WOZ-waarde van 1 januari 2017 tot 1 januari 2018 gestegen met 8,25%. Dit is hoger dan het fictief rendement waar de Belastingdienst mee rekent, dus voordelig voor de belastingbetaler. De gemiddelde stijging van de WOZ-waarde was in 2023 en 2024 wel lager dan het fictieve rendement.
Belastingplichtigen die alleen spaargeld opgeven in box 3 krijgen waarschijnlijk geen geld terug. Voor hen geldt dat het forfait het werkelijke rendement redelijk goed benadert.
Belastingbetaler moeten wel het werkelijk rendement opgeven voor hun totale vermogen. Het is dus niet mogelijk om alleen voor bepaalde delen van het vermogen het werkelijke rendement aan te geven.
|
Jaar |
Fictieve rendement (forfait) op beleggingen en overige bezittingen waarmee Belastingdienst rekent |
Gemiddeld rendement op aandelen (aandelenkoers) |
Prijsindex woningen vorige jaar (WOZ) |
|
2017 |
5,39% |
13,72% |
6,73% |
|
2018 |
5,38% |
-10,02% |
8,25% |
|
2019 |
5,59% |
24,57% |
8,39% |
|
2020 |
5,28% |
-1,71% |
6,48% |
|
2021 |
5,69% |
23,32% |
8,38% |
|
2022 |
5,53% |
-7,97% |
20,33% |
|
2023 |
6,17% |
15,04% |
2,73% |
|
2024 |
6,04% |
8,43% |
1,61% |
Meer informatie over terugvragen van belasting op basis van werkelijk rendement staat op de website van de Belastingdienst.
Mogelijk in 2028 heffing over werkelijke rendement in box 3
Het kabinet streeft ernaar om per 1 januari 2028 een heffing op werkelijk rendement over vermogen in te voeren. In mei 2025 heeft het een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer gestuurd.
Lees hoe het kabinet de heffing op werkelijk rendement wil berekenen.