De Eerste Kamer heeft de Wet Herziening bedrag ineens aangenomen. Die regelt meer keuzevrijheid bij het pensioen. Mensen hebben de mogelijkheid bij hun pensionering in één keer maximaal 10 procent van hun pensioen opnemen. Dit kan vanaf 1 januari 2029.
Bedrag ineens is een keuzerecht. Werknemers die pensioen opbouwen via een werkgever kunnen ervoor kiezen om vanaf de dag dat zij met pensioen gaan eenmalig een geldbedrag opnemen uit hun pensioen. Het gaat om maximaal 10 procent. Mensen kunnen zelf bepalen waaraan het bedrag ineens wordt besteed. Dit geld kan bijvoorbeeld gebruikt worden om een hypotheek of andere schuld af te lossen, een reis te boeken, een woning te verbouwen of verpleging of verzorging te regelen. Als mensen kiezen voor een bedrag ineens, wordt het maandelijkse pensioen daarna lager.
Minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid): “Een mooi wetsvoorstel. Mensen sparen hun leven lang voor een pensioen, het is meer dan logisch dat ze dan ook meer vrijheid krijgen in hoe ze dat geld willen uitgeven. Een lange reis maken of misschien wel een hypotheek die iemand graag wilt aflossen kan daarmee vanaf 2029. Door de speciale rekenhulp die in ontwikkeling is kunnen mensen straks een verstandige beslissing maken.”
Rekentool
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werkt samen met het Nibud aan een speciale rekentool die op een eenvoudige manier inzicht geeft in de gevolgen voor het opnemen van een bedrag ineens voor toeslagen en belastingen. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat iemand in dat jaar minder of geen huur/zorgtoeslag krijgt. Met de rekentool krijgen mensen inzicht of het verstandig is om een deel van hun pensioen één keer op te nemen. De rekentool is gratis beschikbaar voordat de wet Bedrag ineens in gaat.
Achtergrond
De Eerste Kamer stemde in 2021 al in met het wetsvoorstel Bedrag ineens, RVU en verlofsparen, maar wilde nog aanpassingen. Deze aanpassingen staan in het wetsvoorstel Herziening bedrag ineens.
Eerder stond de inwerktreding van het wetsvoorstel op 1 juli 2026. De Wet Herziening bedrag ineens lag sinds 2022 klaar, dit bleek voor de uitvoering en de uitvoerbaarheid voor de pensioensector onhaalbaar. De pensioenuitvoerders hadden een voorkeur voor een inwerkingtreding van het bedrag ineens na de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel. De invoering is daarom uitgesteld naar 1 januari 2029.