Op 24 juni hebben Nederland en Zweden een nieuw belastingverdrag ondertekend. Dit verdrag vervangt het belastingverdrag uit 1991. Met dit nieuwe verdrag zijn bestaande afspraken gemoderniseerd en sluiten de afspraken beter aan bij het huidige verdragsbeleid van beide landen. Een belangrijke wijziging is dat Nederland voortaan belasting mag heffen over alle in Nederland opgebouwde pensioenen, dus ook over pensioenen uit de private sector. Daarnaast bevat het verdrag maatregelen tegen belastingontwijking en geeft het belastingplichtigen (burgers en bedrijven) meer rechtszekerheid om dubbele belasting te voorkomen.

Belastingheffing over pensioeninkomsten

Met het nieuwe verdrag mag Nederland voortaan belasting heffen over alle in Nederland opgebouwde pensioenen. Voorheen gold dit alleen voor sociale zekerheidsuitkeringen, zoals de AOW, en pensioenen uit de publieke sector.  Het is de bedoeling dat dit ook gaat gelden ook voor pensioenen uit de private sector. Dit betekent dat Nederland ook belasting kan heffen over een in Nederland opgebouwd pensioen wanneer iemand zijn Nederlandse pensioen in Zweden ontvangt. Hierdoor wordt de belastingheffing van verschillende typen pensioen (AOW en werknemerspensioen) gelijk getrokken en wordt over Nederlands pensioen in Nederland belasting betaald. Naast afspraken over pensioeninkomsten bevat het verdrag ook andere afspraken over de belastingheffing van inkomsten van burgers en bedrijven om dubbele belasting te voorkomen.

Voorkomen van misbruik en rechtszekerheid

Daarnaast is een belangrijk onderdeel van het nieuwe verdrag de daarin opgenomen maatregelen die verdragsmisbruik voorkomen. Dankzij deze afspraken voldoet het verdrag aan de minimumstandaarden uit het internationale Base Erosion and Profit Shifting (BEPS)-project van de OESO en de G20 en zijn enkele aanvullende maatregelen opgenomen om misbruik te voorkomen. Daarnaast is ook op grond van het verdrag verplichte en bindende arbitrage mogelijk in het geval dat Zweden en Nederland geen overeenstemming bereiken over hoe het verdrag in een concreet geval uitgelegd moet worden. Dit is een manier om een discussie over de verdragsuitleg op te lossen waarbij onafhankelijke arbiters een beslissing nemen waar beide partijen zich aan moeten houden. Daarmee is er voor belastingplichtigen extra rechtszekerheid dat het verdrag dubbele belasting voorkomt. 

Vervolg

Voordat het verdrag in werking treedt, zal het ter advies worden voorgelegd aan de Raad van State en daarna ter goedkeuring aan het parlement worden aangeboden.