Nederland en Japan hebben een bijzondere relatie. Het bezoek van de Japanse keizer aan Nederland deze week bevestigt de goede contacten, die ooit begonnen toen Nederland vanaf 1600, als enige Westerse land, toegang had tot Japan.
Beeld: © EPA/Franck Robichon / Franck Robichon
De dag begint in Japan met een kopje koffie en eindigt volgens het Nederlandse spreekwoord met een biertje – beide Japanse namen voor deze dranken zijn afgeleid uit het Nederlands Het is slechts een van de vele Nederlandse invloeden die Ivo Smits noemt. Nederland had vanaf 1600 als enige westerse land toegang tot Japan, vertelt de hoogleraar Letteren en Culturen van Japan, verbonden aan Leiden Institute for Area Studies (LIAS). ‘Nederland was voor Japan lange tijd als het ware het venster op het westen.’
Contacten tussen Japan en Nederland op het gebied van handel, medische wetenschap en water begonnen eeuwen geleden. Ze staan ook op het programma van het staatsbezoek van de Japanse keizer Naruhito aan Nederland, dat vandaag begint. Het programma laat de vele kanten van de relatie met Japan zien: de keizer en zijn vrouw bezoeken samen met koning Willem-Alexander en koningin Máxima onder meer de universiteit van Leiden, het water-kennisinstituut Deltares in Delft en het Máxima Medisch Centrum voor kinderoncologie.
Beeld: © RVD / RVD
Het Nederlandse koninklijk paar samen met keizer Naruhito op zondag 14 juni 2026, vlak voor de voetbalwedstrijd Japan - Nederland op het WK voetbal.
Een staatsbezoek is een mooi moment om een vriendschap en samenwerking te vieren. Traditioneel legt een Japanse keizer éénmaal een staatsbezoek af aan een bepaald land. De vader van keizer Naruhito kwam naar Nederland rond de eeuwwisseling, koning Willem-Alexander bezocht Japan in 2014.
Rangaku
Tijdens het bezoek aan Leiden zal de keizer een pop-up tentoonstelling bezoeken van historische voorwerpen uit de geschiedenis van de Japans-Nederlandse relatie. ‘Een mooie gelegenheid ook om te laten zien hoeveel kennis er op de Leidse universiteit is over Japan,’ zegt hoogleraar Smits. Koning Willem-Alexander zal de keizer ook in het universiteitsgebouw het zogeheten ‘Zweetkamertje’ laten zien, waar hij, net als vele anderen, na zijn afstuderen zijn handtekening op de muur zette. De naam ‘Zweetkamertje’ verwijst naar de zenuwen die de studenten voelen vlak voordat ze hun examens afleggen of promotie verdedigen in de naastgelegen Senaatzaal.
Veel van de samenwerkingen tussen Japan en Nederland hebben wortels die teruggaan tot de zeventiende eeuw. Nederlanders hadden vanaf 1600 als enige westerlingen in Japan toestemming om te leven in de handelspost op het eiland Deijima. Japan bestudeerde zo de Nederlandse kennis en gebruiken om te leren over ontwikkelingen in Europa. Kennis op het gebied van chirurgie, het menselijk lichaam en sterrenkunde bereikte op die manier Japan. Rangaku – letterlijk Nederlandkunde – was de studie in Japan van westerse wetenschap en cultuur. ‘Elke Japanner kent deze geschiedenis’, zegt Smits.
Belangstelling
Beeld: © Zhu Yumeng
Het Nederlandse paviljoen op de wereldexpo in Osaka in 2025.
De laatste jaren is er veel belangstelling vanuit Nederland voor Japan. Die uit zich onder meer door de verkoop van Japanse boeken en groei van het aantal vakanties naar Japan. Die belangstelling voor Japan is volgens hoogleraar Smits minder toevallig dan hij lijkt: ‘De Japanse overheid heeft sinds een jaar of dertig een programma voor de export van Japanse cultuur.’ Dit ‘Cool Japan’-concept verspreid zich steeds verder.
Toch hebben Nederlanders meestal een vrij traditioneel beeld van Japan, dat wordt gekleurd door tempels, geisha’s en kersenbloesem. Smits: ‘Of ze denken juist aan zeer moderne zaken zoals robots en videogames of matcha latte. Feit is dat Japan op veel gebieden een serieuze samenwerkingspartner is van Nederland. Politiek is Japan ook een belangrijke bondgenoot in Azië. De handel tussen onze landen groeit, net als samenwerking op het gebied van defensie en water, maar ook onderzoek naar gedeelde problemen, zoals de gevolgen van de vergrijzing van de bevolking.’
Beeld: © Tellart / Lieke Vermeulen
In het Nederlandse paviljoen in Osaka.
Watersamenwerking
Een voorbeeld van een lange samenwerking tussen Japan en Nederland is op het gebied van water. De Nederlandse waterbouwkundige Johannes de Rijke trad in 1872 in dienst bij het Japanse Ministerie van Water. Hij deed projecten in meerdere grote Japanse steden zoals Nagoya. Vlakbij deze stad staat nog steeds een groot standbeeld van De Rijke.
Japan en Nederland spraken vorig jaar af om de bestaande, levendige uitwisseling van kennis op het gebied van ‘watermanagement’ internationaal voort te zetten.
Een voorbeeld van deze uitwisseling vind sinds 2018 plaats in het noord-Japanse Hokkaido. ‘Nederlandse en Japanse deskundigen werken hier samen aan een oplossing voor toekomstige overstromingen’, zegt Japan-medewerker Merlan van Holten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. ‘Japan heeft veel aan onze kennis van inrichten van rivierenlandschappen en de bouw van dijken. Andersom is Japan erg goed in evacuaties, daar kan Nederland van leren.’
De Japanse keizer heeft overigens een persoonlijke interesse in watersamenwerking. Tijdens zijn studie in Oxford richtte hij zich op de historie van transport via de Thames. Hij spreekt regelmatig virtueel op VN-evenementen gelieerd aan water, bijvoorbeeld tijdens de VN Waterconferentie georganiseerd door Nederland en Tadzjikistan in 2023.