Interview met Eva Klein Schiphorst, Royal HaskoningDHV.

Begrijpen hoe het bij de ander werkt, aan de voorkant maar ook verderop in elkaars keten. Dat is volgens Eva Klein Schiphorst een van de sleutels tot succes in de samenwerking tussen overheid en markt bij Design Build Finance Maintain Operate (DBFMO). En zij kan het weten want na een carrière bij het Rijk werkt ze sinds kort bij ingenieursbureau Royal HaskoningDHV.

Beeld: Arenda Oomen

Eva Klein Schiphorst

“Kennisuitwisseling en verbinding is mijn stokpaardje”, beaamt Eva Klein Schiphorst als haar afscheidsinterview voor het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) ter sprake komt. Hierin geeft ze aan dat ze het belangrijk vindt dat de publieke en private sector kennis overdragen en talent uitwisselen. “En omdat ik ook ben van ‘practice what you preach’ heb ik de kans aangepakt om zelf bij een marktpartij te gaan werken.”

Zorgvuldige aanpak

Iedereen heeft beelden van elkaars werk maar je weet pas echt hoe de praktijk eruitziet als je er zelf onderdeel van uitmaakt, ervaart Klein Schiphorst. “Ik merk hier bijvoorbeeld wat het met een organisatie doet om een project binnen te willen halen. Hoe enorm zorgvuldig daarmee om wordt gegaan. Hoe alles erop gericht is om boven water te halen waar de klant behoefte aan heeft. Hoe daar meerwaarde aan kan worden gegeven. Maar ook hoeveel werk en stress het kan opleveren als er voor een aanbesteding vaak in korte tijd veel moet worden opgeleverd.”


Verantwoording afleggen


Tegelijkertijd weet ze met haar achtergrond als voormalig directeur Transacties en Projecten bij het RVB als geen ander waarom die informatie voor de opdrachtgever zo belangrijk is. Elke euro moet je navolgbaar en schriftelijk kunnen verantwoorden aan meerdere partijen. Dat is volstrekt vanzelfsprekend voor iemand die bij de overheid werkt maar anders voor iemand van het bedrijfsleven. Daarom is die kennisuitwisseling van belang. Om te ervaren in welke context het RVB zich bevindt. Dat het RVB te maken heeft met ketens van opdrachtgevers, uitvoerders en toezichthouders. Als je dat niet weet, begrijp je niet waarom processen langer kunnen duren. Het kost nu eenmaal tijd om iedereen op één lijn te krijgen bij bijvoorbeeld keuzes om te komen tot grote investeringen zoals een DBFM(O)-project.”

 
Ruimte tussen de regels vinden

De rol van de toezichthouders zou volgens Klein Schiphorst een prominentere rol moeten krijgen in discussies tussen overheid en markt. “Er wordt al snel gezegd: ‘de aanbestedingsregels moeten ruimer’ maar de vraag is of dat het probleem oplost. Alleen aan de voorkant sturen en in dat gesprek controle-instanties niet meenemen lost niets op. Dan kom je die tegen als er verantwoording moet worden afgelegd. Ga nou eens als markt en overheid – en ik denk dat de Bouwagenda en de Marktvisie daar goed bij kunnen helpen – de hele keten met elkaar na. Betrek daarbij de Auditdienst en Algemene Rekenkamer maar ook de accountants en misschien wel de aandeelhouders van bedrijven. En bekijk dan hoe je met elkaar binnen de regels en contracten de ruimte kunt vinden om anders met elkaar samen te werken.”


Marktvisie

Dat de Marktvisie een bijdrage levert aan de relatie van overheid en het bedrijfsleven, is ook te merken in de dagelijkse praktijk bij Royal HaskoningDHV. “Met name als gaat om samenwerken en transparantie over wat je wilt bereiken. Dat is mooi om te zien. Sommige zaken blijven wel ingewikkeld, zoals het gunnen op de laagste prijs. Voor marktpartijen blijft het lastig om vast te houden aan een realistische prijs waarbij je weet dat een andere partij daaronder kan duiken. Het is heel goed dat dit onderwerp met de Marktvisie prominent op tafel is gekomen. Ik heb het onderwerp vanuit beide werelden ervaren en begrijp hoe lastig het is.”


Voordelen geïntegreerde contracten

Als groot voorstander van DBFM(O) maakt Klein Schiphorst zich in ieder geval nu ook bij Royal HaskoningDHV sterk voor een toekomst waarin geïntegreerde contracten blijven bestaan. “Als directeur Public Buildings blijf ik betrokken bij publieke gebouwen. We hebben hier veel kennis en ervaring met DBFM(O) en elementen daarvan. Voordelen zitten vooral in het inzicht in de werkelijke kosten en de langdurige samenwerkingsverbanden. Mooi praktisch voorbeeld van de winst die een DBFMO-contract kan opleveren, is de locatie van het bedrijfsrestaurant in het nieuwe gebouw van het ministerie van Financiën. Dat is door de inbreng van het consortium niet zoals voorheen op de vierde etage maar op de begane grond terechtgekomen. Logistiek gezien is dat veel slimmer.”


Meerwaarde van markt

De overheid denkt op dit moment na over de verdere invulling van het werken met geïntegreerde contracten. “Ik hoop dat het RVB dat doet in samenspraak met de markt want die verschillende invalshoeken kunnen elkaar versterken. Wij zijn als ingenieursbureau betrokken bij DBFM(O)-projecten op het gebied van advies aan consortia, opdrachtgevers en gebruikers. Voor ons zijn het interessante projecten, ook als de vorm verandert. Dat stimuleert alleen maar de creativiteit om te kijken hoe we als markt ook vanuit een ander perspectief meerwaarde kunnen blijven leveren in deze interessante wereld.”