Interview met Louk Heijnders, Politie.

De renovatie van het ministerie van Financiën was het eerste Design Build Finance Maintain Operate (DBFM(O))-project van het Rijk. Louk Heijnders stond destijds aan de wieg van deze nieuwe contractvorm bij de Rijksoverheid. Wat is zijn visie nu en hoe past die bij de huisvestingsopgave van de Politie waar hij op dit moment vorm aan geeft? 

Louk Heijnders was in die beginfase directeur Vastgoed bij de Rijksgebouwendienst. “Naast het gebouw van Financiën was ik onder meer betrokken bij de realisatie van de huisvesting van DUO en de Belastingdienst in Groningen, de Belastingdienst in Doetinchem en twee gevangenissen voor Justitie. Met name de afweging of er gekozen zou worden voor DBFM(O) of niet, viel onder mijn verantwoordelijkheid.”

DBFM(O) nieuw fenomeen

Werken met DBFM(O) was in die tijd in Nederland niet alleen voor de overheid maar ook voor de markt een nieuw fenomeen. “In Engeland was DBFM(O) al langer ingeburgerd en we riepen dan ook regelmatig de hulp in van Engelse experts. Er is veel tijd en energie ingestoken om ervoor te zorgen dat de benodigde stukken in orde waren, er goede risicoafwegingen gemaakt werden en dat het juridisch goed in elkaar zat. Dat de markt ook aan dit concept moest wennen, bleek wel uit de inzendingen voor de renovatie van het ministerie van Financiën. Alleen het winnende concept voldeed aan de principes van DBFM(O). Hier was echt gezocht naar een ander type oplossing zoals bijvoorbeeld een andere locatie van de ingang en logistieke inrichting van het gebouw.”

Leerpunten 

Wat waren de leerpunten van dit eerste DBFM(O)-huisvestingsproject? “Ten eerste merkten we dat het inschakelen van allerlei deskundigen en juristen niet altijd in positieve zin bijdroeg tot het proces. De Engelse insteek gaat uit van het Angelsaksische model waarin geldt dat alles mag, tenzij er staat dat het niet mag. Alles wordt daarom vastgelegd en dat levert niet alleen verkramptheid op maar het kost ook nog veel geld aan beide kanten. Dat mocht wel wat minder. In het volgende project waren de transactiekosten beduidend lager. Tweede punt was de flexibiliteit in de exploitatie. De winst zit vooral in de realisatiefase, of dit soort contracten ook zo’n feest is in de exploitatie daar kun je vraagtekens bij zetten.”

Samenwerking 

Ook op het gebied van samenwerking werd in het vervolg voor de Nederlandse weg gekozen. “Wij als polderland werken nu eenmaal op een andere manier samen. Die samenwerking zoeken en daarin investeren is veel belangrijker dan de laatste komma in het contract. In de beginperiode was als gevolg van invoering van Europese regelgeving in combinatie met wat er gebeurde in de bouwfraude de afstand tussen overheid en markt groot. Langzamerhand zie je dat steeds beter worden en is er meer aandacht voor. Al blijven het gescheiden werelden, want opdrachtgevers staan niet altijd open voor de leverancierskant. Daar is nog wel terrein te winnen.”

Huisvesting Politie

Tegenwoordig werkt Louk Heijnders bij de Politie waar hij programmamanager is van het programma rond de uitvoering van het strategisch huisvestingsplan. Met de beoogde huisvesting stemt de politie de huisvesting af op de behoefte van het korps met de nieuwe structuur en werkwijze. Daarbij brengt de Politie het aantal vierkante meters kantoorruimte aanzienlijk terug, wordt de kwaliteit verbeterd en vindt een besparing van exploitatiekosten plaats. Voor een groot deel is dit te realiseren door activiteitgericht te gaan werken, net zoals al langer bij het Rijk gebeurt. Hoewel de Politie wel kiest voor het werken met geïntegreerde contracten, zit daar zeer waarschijnlijk geen DBFM(O) bij. Dat ligt onder andere aan de specifieke eisen. “Heb je te maken met veiligheid, bijzondere gebruikers en bijvoorbeeld technologische aanpassingen in de tijd, dan ligt het meer voor de hand om voor andere geïntegreerde contractvormen te kiezen.

Experimenten met contractvormen

Hetzelfde geldt volgens Louk Heijnders ook voor het grootste deel van het maatschappelijke vastgoed, zoals ziekenhuizen, verzorgingstehuizen of scholen. “We kennen al combinaties met Design en Build (DB) of Design, Build en Maintain (DBM). Bij het maatschappelijk vastgoed zie je ook steeds meer experimenten. Zo heeft de gemeente Eindhoven een contract voor duurzame huisvesting waarbij niet gegund is op grond van prestatie-eisen maar waarbij de volgende vraag centraal stond: We willen de beste technologie op het gebied van duurzaamheid, welk contract kunt u daarvoor aanbieden?” Met welke contracten de Politie de huisvesting gaat realiseren, zal de tijd leren. Wel is duidelijk dat er gewerkt wordt in lijn met de Marktvisie. “Omdat we er belang bij hebben onze opgave op een goede manier in de markt te zetten, hebben we de Marktvisie als vertrekpunt genomen. Vandaaruit bekijken we welke zaken specifiek voor de politie van belang zijn.”

Van risicoverdeling naar risicodelen

Wat betreft de toekomst van geïntegreerde contracten voorziet Louk Heijnders verschillende ontwikkelingen. “Het zal meer van risicoverdeling naar risicodeling gaan. Met meer nadruk op samenwerking en meer flexibiliteit bij de exploitatie. Daarnaast moeten we op zoek gaan naar modellen met technologie en vernieuwing tijdens de exploitatie. Daar doen we nog te weinig mee. De markt ziet het als risicovol en dit soort bedrijven zit nu nog niet in de consortia. Oplossingen liggen dan ook in de richting van beter risicodelen en een andere samenstelling van consortia. Dat vraagt weer om een ander soort uitvraag van de opdracht. Er zijn experimenten gaande, dat zie je ook terug bij de Bouwagenda. Het zal zeker tijd nodig hebben maar dit soort bewegingen zijn wel noodzakelijk om verder te komen. Bovendien past het in de tijdsgeest waarbij we elkaar meer opzoeken en kijken naar wat ons bindt.”