Goedemorgen commandant en bemanning van Zijner Majesteits Evertsen,

U bent al een tijd terug in Nederland en hopelijk bent u al weer gewend aan het dagelijks leven.
Aan tafel eten met het gezin, voetbal kijken, naar de kroeg met vrienden - dat zijn de dingen waar u naar uitkeek. En de vuilnisbak en de was, die waren er ook weer.

Zo meteen heeft u een scheepsevenement met de collega's van deze missie.
Daar kijkt u vast naar uit, dus ik houd het kort.

U hebt tijdens deze missie laten zien dat de Koninklijke Marine in staat is om daadkrachtig en flexibel op te treden.
Op 4 februari vertrok u vanuit Den Helder.
U begon in de Oostzee en eindigde in de Middellandse Zee.

Want al snel ging u, op verzoek van Frankrijk, naar de Middellandse Zee.
Om de situatie in de regio te monitoren.
Om het Franse vlootverband en de Europese en NAVO-landen in de regio te beschermen tegen aanvallen vanuit de lucht.

Toen kwam het verzoek om langer in de regio te blijven; en u kon daar ‘ja’ op zeggen.
Ik sprak onlangs de ambassadeur van Cyprus en die vertelde mij hoe waardevol hij jullie inzet vond.
Want het laat zien dat we in woord en in daad voor elkaar klaar staan als we zeggen: jouw grenzen zijn mijn grenzen.

Ik ben daar trots op.

We lieten niet alleen zien dat Nederland bereid is om zijn bondgenoten te helpen.
Maar ook dat Europa meer verantwoordelijkheid pakte.

Veel Nederlanders voelden zich betrokken bij jullie welzijn.
Mensen thuis volgden vanaf de bank het nieuws over toenemende agressie in het Midden Oosten, maar jullie voeren er op af.
En ondertussen kwam de Evertsen meermaals in het nieuws.
Vooral over het niet-werkende kanon kwam veel kritische berichtgeving.
Ik heb toen een Kamerbrief gestuurd waarin stond dat een kanon überhaupt niet nodig was bij deze missie, en dat er voldoende andere middelen op het schip waren voor verdediging.
En het belangrijkste: dat jullie gewoon inzetgereed waren voor deze taak.

Maar ik vond het heel vervelend voor jullie dat er dan even wordt getwijfeld aan de professionaliteit van deze inzet, terwijl het gaat om iets anders: operationele details die voor buitenstaanders niet altijd meteen begrijpelijk zijn.
Ik heb in die periode bij journalisten steeds benadrukt waar het echt om ging: jullie inzet, in een gebied dat allesbehalve veilig was.
Daarnaast kreeg ik van vrienden vaak de vraag of ik me zorgen maakte om jullie.
Natuurlijk was dit geen risicovrije missie, maar ik kon met overtuiging zeggen dat ik volledig vertrouw op jullie professionaliteit.
Hier trainen en oefenen jullie voor, hier zijn jullie voor opgeleid.

En mijn overtuiging werd versterkt toen ik jullie half maart opzocht samen met admiraal Liebregs.
Het was goed om jullie daar in persoon te spreken, en namens het kabinet en de Tweede Kamer te bedanken. 
Want als ergens staat 'Nederland stuurt een schip naar de Middellandse Zee', dan bedoelen we daarmee: een luchtverdedigings- en commandofregat met daarop zo'n 180 mensen.
Zo'n 180 mensen die symbool staan voor een land met meer dan 18 miljoen mensen.
Die bereid zijn om niet weken, maar uiteindelijk maanden van huis te zijn voor het belang van die 18 miljoen Nederlanders, en nog veel meer Europeanen en NAVO-bondgenoten.

En dat belang, dat zijn eigenlijk belangen.
Want onze economie speelt hier ook een rol.
Onze welvaart is afhankelijk van vrije handel, vrije toegang tot grondstoffen en van onbelemmerd vervoer over zee.
Elk bedrijf dat shipping belooft en deels afhankelijk is van andere landen, rekent op een vrije doorvaart.
De internationale wateren beschermen, betekent dus ook onze economie beschermen en de betaalbaarheid van brandstof voor alle Nederlanders.

Als minister van Defensie ben ik daarom trots.
Op u, en op deze missie.
Uw optreden is het toonbeeld van flexibiliteit, daadkracht, en samenwerking binnen Europa en de NAVO.
Ook uw thuisfront had een missie: de boel draaiende houden.
Langer dan verwacht.
Deze medaille is daarom deels ook voor hen.
Jullie geliefden, jullie familie en vrienden, die er voor zorgden dat alles draaiende werd gehouden thuis.
Geef vooral mijn dank aan hen door.

Aangetreden militairen,

Dan reik ik nu graag de Herinneringsmedaille Internationale Missies uit.
Paradecommandant, wilt u het geheel in de houding zetten, zodat mijn adjudant de beschikking kan voorlezen.