Toespraak minister Brekelmans bij theatervoorstelling De NAVO: Sterk genoeg in onzekere tijden?
Op 5 mei 2025 sprak minister Brekelmans (Defensie) tijdens een theatervoorstelling 'De NAVO: Sterk genoeg in onzekere tijden?' in het Parktheater in Eindhoven.
Het gesproken woord geldt.
Dat waren heftige beelden, met daarbij een hele reeks heftige uitspraken. Maar helaas is dit de realiteit waarin we vandaag de dag leven. En dat terwijl we vandaag in Nederland 80 jaar vrijheid vieren. Een feestelijke en historische dag.
Ik was vandaag bij het Vrijheidsdefilé in Wageningen en keek daar in de ogen van veteranen die 80 jaar geleden voor ónze vrijheid vochten. Amerikanen. Canadezen. Britten. Nederlanders. Broos van lijf, maar helder van geest.
Zij riskeerden hun leven voor mensen die ze niet kenden. Voor mensen, een oceaan – of een Noordzee – bij hen vandaan. Zij verkozen ónze vrijheid boven hun eigen veiligheid.
Dan ben je een held. Als mens, als individu, ben je dan een held.
Maar het vraagt ook moed op het hoogste politieke niveau. Het vraagt eenheid en vastberadenheid om als verbond van geallieerden in een oorlog te stappen die niet nabij jouw eigen land plaatsvindt – maar die wél over gezamenlijke waarden gaat. Over vrijheid en democratie, over recht boven macht.
Dat was een daad van collectieve moed. Een keuze die de loop van de geschiedenis veranderde, en het fundament legde voor de trans-Atlantische samenwerking die we nog steeds koesteren.
De NAVO houdt ons al 76 jaar veilig. Als een schild van bondgenoten rondom ons kleine land.
De NAVO zal ons nog steeds veilig blijven houden. Maar er is wel iets veranderd. President Trump en zijn team hebben ondubbelzinnig duidelijk gemaakt dat wij als Europa meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor onze eigen veiligheid.
We kunnen ons daarover opwinden. Maar we moeten ook eerlijk zijn: de lastenverdeling binnen de NAVO is al decennia uit balans.
Trump is niet de 1e die ons daarop wijst. Ook Barack Obama en Joe Biden deden dat al. Het is dus terecht dat Europa de handschoen oppakt en aan de slag gaat.
Dat doen we, en dat kunnen we ook. En we mogen daarin als Europa veel meer zelfvertrouwen hebben.
Europa hoeft geen Calimero te zijn in de schaduw van grootmachten. Europa is een economische reus – 5 keer groter dan Rusland. We zijn met meer – inclusief het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen en Oekraïne is onze bevolking 4 keer groter.
De Europese Unie is een waardenblok – ook daar mogen we in de huidige wereld trots op zijn – maar de Unie heeft ook wetgevende en financiële slagkracht.
Kijk hoe we de corona- en energiecrisis hebben aangepakt. Kijk hoe we met 27 landen 1 interne markt hebben gebouwd, waar dagelijks honderden miljoenen mensen van profiteren.
Waarom zouden we diezelfde kracht, datzelfde vermogen tot samenwerken, niet kunnen inzetten voor onze veiligheid? Natuurlijk mét onze bondgenoten – het VK, Noorwegen, Canada én de VS.
We moeten van ver komen, maar we starten niet op nul. Europese landen hebben veel meer militairen dan Rusland, veel modernere en meer gevechtsvliegruigen, meer tanks, en zelfs vier keer zoveel fregatten en torpedojagers.
Maar dit potentieel is niet genoeg, want we missen slagvaardigheid. Europese landen hebben te veel verschillende wapensystemen; ieder met eigen onderdelen en trainingen.
We missen belangrijke strategische capaciteiten en hebben te weinig ervaring met complexe en grootschalige commandovoering. Europese landen missen essentiële schakels om op grote schaal als één front te kunnen opereren.
Dat betekent: werk aan de winkel. Véél werk.
Het goede nieuws is: Europa is wakker en de raderen draaien.Er wordt hard gewerkt aan acties om:
- In totaal 800 miljard euro meer aan Defensie te besteden.
- De defensie-industrie fors op te schalen.
- Regelgeving te versoepelen.
- Financiering voor de gezamenlijke aanschaf van defensiemateriaal vorm te geven.
Een sterker Europa draagt bij aan een sterkere NAVO. Niet langer als bijrijder, maar als werelddeel dat zijn verantwoordelijkheid neemt. Daarmee duwen we de Amerikanen niet van ons af, maar halen we hen juist dichterbij.
Dat zou ook een mooie uitkomst zijn van de NAVO-top in Den Haag. Een nieuwe NAVO-norm. Nieuwe afspraken over percentages, geld en militaire gevechtskracht. Maar daarbovenop ook een krachtige bevestiging van de nieuwe verhoudingen. Een NAVO-top die de geschiedenis ingaat als het moment waarop Europa opstond en zijn verantwoordelijkheid nam. Met hernieuwde eenheid en vastberadenheid.
Dames en heren, waar het om gaat is onze veiligheid. We hebben haast.
Poetin wil revanche nemen, de Sovjet-Unie in oude glorie herstellen. Hij wil terug naar de Russische invloedssfeer van vóór 1989 en is niet geïnteresseerd in duurzame en rechtvaardige vrede. Hij wil het westen verzwakken, de NAVO uit elkaar spelen, en in landen als Oekraine weer pro-Russische regeringen aan de macht krijgen.
Vorige maand was ik in Dnipro, in zuidoost-Oekraïne, de ochtend na een zware droneaanval. De resten van gebouwen smeulden nog na. De Oekraïense commandant van de oostelijke troepen vertelde ons daar dat hij al 11 jaar iedere dag oorlog voert, maar dat de gevechten nu heviger zijn dan ooit.
Het moge duidelijk zijn dat Oekraïne onze onvermoeibare steun nodig heeft. Juist nu moet er een flinke schep bovenop om ervoor te zorgen dat Oekraine kan stand houden.
Dit is ook nodig voor onze eigen veiligheid. Rusland kijkt al verder dan de oorlog in Oekraine. De Russische oorlogsindustrie draait op volle toeren en er worden veel meer soldaten gerekruteerd dan nodig is voor Oekraïne alleen. Onze inlichtingendienst MIVD schat dat Rusland na een staakt-het-vuren in Oekraïne een jaar nodig heeft om grootschalig troepen te verplaatsen.
Stel je eens voor dat Rusland binnen enkele jaren honderdduizenden troepen naar de grens met de Baltische Staten verplaatst. En dit slechts doet voor een grote ‘militaire oefening’.
De ervaring met Oekraine leert dat we slechts een week van tevoren weten of dit een militaire oefening betreft, of de voorbereidingen voor een aanval. Dit is het scenario waarop we voorbereid moeten zijn.
Bovendien, de dreiging blijft niet beperkt tot Oost-Europa. De rivaliteit tussen de grootmachten is verhard. De spanningen in de Indo-Pacific zijn structureel geworden en de theaters zijn aan elkaar verbonden.
Cyberaanvallen zijn geen theoretisch risico meer, maar een concrete dreiging met directe impact op onze energievoorziening, infrastructuur en veiligheid. Denk aan de cyberaanvallen op Nederlandse ziekenhuizen, havens en universiteiten – de TU Eindhoven afgelopen januari. Denk aan de Russische hackers die vorig jaar voor het eerst een publieke voorziening in Nederland aanvielen, die websites aanvielen van politieke partijen en openbaarvervoerbedrijven om de Europese verkiezingen te beïnvloeden. Denk ook aan de spionage en voorbereidingen op sabotage: onbekende drones rondom militaire bases, schepen op de Noordzee die stiekem onze internetkabels, gasleidingen en windmolenparken in kaart brengen. We lijken hier in vrede te leven, maar in feite is dat niet meer zo. We leven in een grijze zone, een schemergebied tussen oorlog en vrede. Wij zijn niet in oorlog met Rusland, maar Rusland – in hybride vorm – al wel met ons.
Bij Defensie werken we daarom hard aan de noodzakelijke voorbereidingen, investeringen en oefeningen. Met een budget oplopend tot 25 miljard euro bouwen we een sterke en slimme krijgsmacht, die samen met onze partners de vijand kan afschrikken en oorlog buiten de deur houdt. Wie vrede wil, moet zich voorbereiden op oorlog – dat is wat we doen.
En dan kom ik óók bij u. Want veiligheid is niet alleen een taak van mensen in uniform.
Een sterke NAVO – dat bent ú. Dat zijn burgers die voor hun veiligheid meer herrie accepteren; en bestuurders zoals hier in de Provinciale Staten van Noord-Brabant die Defensie meer ruimte willen geven. Dat zijn studenten die kiezen voor een dienjaar bij Defensie.
Een sterke NAVO – dat zijn ook onze ondernemers. Werkgevers die producten of diensten aan defensie leveren, reservisten die naast hun werk militair zijn.
Een sterke NAVO – dat zijn bedrijven, zoals het Eindhovense VDL dat in Born drones gaat bouwen. Dat zijn de ingenieurs, onderzoekers en pioniers die ons helpen met innovatie, zoals bij BITS in Eindhoven, Brainport Innovation & Technology for Security – een prachtig voorbeeld van publiek-private samenwerking voor een veilige toekomst.
Wat kunt ú doen? – dat is de vraag die ik ieder van u wil stellen. Enerzijds gaat het om weerbaarheid: samen bouwen aan een schokbestendige maatschappij die blijft functioneren als het even tegenzit.
Als het internet een paar dagen uitvalt, of de elektriciteit, zoals in Spanje en Portugal vorige week. Hebben u en de organisatie waarvoor u werkt dan een plan B? Als het een paar dagen duurt, kunnen kinderen dan nog naar school, blijft de zorg dan functioneren, de supermarkten bevoorraad?
Naast het vergroten van maatschappelijke weerbaarheid, gaat het om vergroten van militaire paraatheid. In tijden van vrede is de vraag wat de krijgsmacht voor de samenleving kan doen; maar in deze ‘grijze zone’ is de vraag wat de samenleving voor de krijgsmacht kan doen.
Werkt u bijvoorbeeld in de energiesector, het transport, de voedselvoorziening, zorg, IT, beveiliging? Dan kunt u waarschijnlijk producten of diensten leveren aan Defensie. En dus bent u een strategische partner in de veiligheid van Nederland.
Ik vraag niet aan iederen in deze zaal om een held te zijn zoals de veteranen van 80 jaar geleden. Ik vraag u niet uw leven te riskeren. Maar ik vraag u wel om bewust na te denken. Uzelf voor te bereiden. En mee te bouwen aan onze collectieve weerbaarheid.
Net als toen komt het aan op eenheid en vastberadenheid. Als individu, als samenleving, op alle niveaus.
Dit vraagt ook politieke moed, binnen de NAVO en in het bijzonder Europa, om zo nodig de loop van de geschiedenis te veranderen. Om ervoor te zorgen dat we niet alleen vandaag 80 jaar vrijheid vieren, maar straks ook 100 jaar, en dit daarna doorgeven aan onze kinderen en kleinkinderen.
Een sterke NAVO – dat zijn wij.
Dank u wel.