Internationale samenwerking antibioticaresistentie

In Nederland is de antibioticaresistentie laag in vergelijking met andere landen. Dat komt doordat de Nederlandse gezondheidszorg goede maatregelen tegen antibioticaresistentie neemt, zoals zorgvuldig antibioticagebruik. Nederland wil dat ook andere landen goede maatregelen tegen antibioticaresistentie nemen. Om resistente bacteriën tegen te gaan is internationale samenwerking nodig.

Antibioticaresistentie: een internationaal probleem

Andere landen worden zich steeds bewuster van het gevaar van antibioticaresistentie. Maar het is voor veel landen moeilijk om het gebruik van antibiotica te beperken. In sommige landen zijn antibiotica bijvoorbeeld zonder doktersrecept te krijgen. In die landen worden antibiotica vaak verkeerd gebruikt. Hierdoor worden meer bacteriën ongevoelig voor antibiotica. Daarom is antibioticaresistentie wereldwijd een probleem.

Wereldwijd actieplan tegen antibioticaresistentie

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) gaat antibioticaresistentie tegen met een wereldwijd actieplan: het Global Action Plan on Antimicrobial Resistance. Eén van de actiepunten is om het antibioticagebruik en aantal infecties met resistente bacteriën wereldwijd in kaart te brengen. De WHO-lidstaten keurden het plan in mei 2015 goed. De basis voor dit plan werd in Nederland gelegd: Nederland organiseerde in 2014 een eerste internationale conferentie voor ministers van landbouw en volksgezondheid. Nederland geeft ook geld voor het uitvoeren van dit plan. Intussen werken ongeveer 170 landen aan een nationaal actieplan voor antibioticaresistentie.

De algemene vergadering van de VN stelde in 2016 een comité in (Inter Agency Coordination Group) met de taak advies te geven om de wereldwijde samenwerking tegen antibioticaresistentie te verbeteren. Dit jaar heeft de Inter Agency Coordination Group zijn aanbevelingen gepresenteerd.

Kennis delen over antibioticaresistentie

Nederland doet er veel aan om antibioticaresistentie internationaal op de agenda te zetten. Bijvoorbeeld door het onderwerp elke keer te noemen op internationale conferenties. Dit deed Nederland ook in 2016 als voorzitter van de Europese Unie. Dit leverde plannen op over het tegengaan van antibioticaresistentie die nu worden uitgevoerd via the Joint Action on Antimicrobial Resistance and HealthCare-Associated Infections(EU-JAMRAI).

Ook deelt Nederland zijn kennis met andere landen. In het Krishna district in Andhra Pradesh in India start nu bijvoorbeeld een ‘One Health’-surveillanceproject. Samen met de Indiase collega’s maakte Nederland een plan van aanpak. Nederland helpt ook bij de uitvoering. Nederland werkt ook samen met Indonesië om antibioticaresistentie tegen te gaan.

Farmaceutische industrie en antibioticaresistentie

In januari 2018 verscheen de eerste Antimicrobial Resistance Benchmark. Deze benchmark laat zien of farmaceutische bedrijven genoeg doen tegen antibioticaresistentie. Bijvoorbeeld of ze nieuwe medicijnen ontwikkelen. En of ze grenzen stellen aan de hoeveelheid antibiotica in afvalwater. Uit de benchmark blijkt dat een aantal bedrijven de eerste stappen in de goede richting zet. Nederland is een van de geldgevers van de benchmark. De verwachting is dat de benchmark de bewustwording in de farmaceutische industrie vergroot.

Internationale reizigers en resistente bacteriën

Nederlanders reizen steeds vaker naar verre bestemmingen. In deze landen komen vaak in verhouding veel resistente bacteriën voor. De Nederlandse overheid wilde weten hoe vaak internationale reizigers resistente bacteriën mee naar huis nemen. En hoe lang ze een resistente bacterie dan bij zich houden.

Daarom deed het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne (RIVM) een literatuurstudie naar de invloed van reizen op het meebrengen en verspreiden van ESBL-E, een multiresistente darmbacterie. Gemiddeld nemen één op de drie reizigers naar bestemmingen buiten Europa, Noord-Amerika en Oceanië, een resistente bacterie mee naar huis. Het RIVM maakt nu samen met het Erasmus MC een publicatie dat een overzicht geeft van de risico’s op resistente bacteriën en het voorkomen ervan bij reizigers.