Er zijn te weinig opvangplaatsen voor asielzoekers. Gemeenten hebben daarom sinds 2024 een wettelijke taak om asielzoekers op te vangen. Dat is geregeld in de Spreidingswet. Die wet moet zorgen voor genoeg opvangplekken, verdeeld over provincies en gemeenten. 

Tot 2024 moest het Centraal orgaan Opvang asielzoekers (COA) gemeenten vragen om vrijwillig asielzoekers op te vangen. Dat leverde te weinig opvangplekken op. Daardoor verbleven bijvoorbeeld in het aanmeldcentrum in Ter Apel regelmatig te veel asielzoekers. De Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (de Spreidingswet) verplicht gemeenten sinds 2024 om opvangplekken voor asielzoekers te regelen.

Kabinet wil Spreidingswet voorlopig houden

Het kabinet wil de Spreidingswet voorlopig in stand houden. De wet verdeelt asielzoekers over de gemeenten. En ook gemeenten en het COA willen de wet houden. Wanneer het COA genoeg opvangplekken heeft, hoeft de wet niet gebruikt te worden. Dat schrijft het kabinet in het Coalitieakkoord.

Hoeveel opvangplekken nodig zijn

Tot begin 2028 zijn er in totaal 88.000 plekken nodig. Dat staat in de capaciteitsraming: de provinciale opgave en de indicatieve verdeling per gemeente 2026 (link naar regeling in de Staatcourant). Daarin staat hoeveel asielzoekers elke provincie moet opvangen (de zogenoemde provinciale opgave) en hoe dat grofweg verdeeld is over gemeenten (de indicatieve verdeling).

Die verdeling over gemeenten houdt rekening met het aantal inwoners. Hoe meer inwoners, hoe groter het aandeel. Ook telt mee het gemiddelde inkomen en opleidingsniveau en het aantal werkenden in een gemeente. Die cijfers zitten in de zogenoemde sociaal-economische score van een gemeente (of SES-WOA score) van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Hoe de plekken worden verdeeld

Berekenen hoeveel opvangplekken nodig zijn en eerste verdeling (fase 1)

Voor de opvangplekken die begin 2027 nodig zijn, begon deze fase in februari 2026. Op 30 november 2026 moet deze fase zijn afgerond.

  1. Het ministerie van Justitie en Veiligheid schat hoeveel opvangplekken nodig zijn (capaciteitsraming).
  2. Het ministerie verdeelt de geschatte opvangplekken over de provincies (provinciale opvangopgaven). En schat in voor hoeveel opvang elke gemeente dan zou moeten zorgen (indicatieve verdeling).
  3. Het ministerie publiceerde in februari 2026 de nieuwe capaciteitsraming, provinciale opvangopgaven en indicatieve verdeling.
  4. Gemeenten bespreken per provincie hoe zij het aantal opvangplekken precies verdelen. Zij beslissen hier bijvoorbeeld samen welke gemeenten asielzoekers gaan opvangen en hoeveel opvangplekken er in een gemeente komen. Het totaal aantal plekken van alle gemeenten in een provincie moet minimaal gelijk zijn aan de opgaven voor die provincie (provinciale opgave).

Verdelen opvangplekken over alle gemeenten (fase 2)

Uiterlijk eind december 2026 stelt de minister van Asiel en Migratie vast voor hoeveel opvangplekken elke gemeente moet zorgen.

Als gemeenten in hun provincie de provinciale opgave hebben verdeeld, dan komt die verdeling in een verdeelbesluit.

Komen gemeenten in een provincie er samen niet uit? Dan verdeelt de minister van Asiel en Migratie het restant van de opvangplekken over de gemeenten in de provincie. Ook die verdeling komt in een verdeelbesluit.

Alle verdeelbesluiten worden in december 2026 bekend gemaakt.

Gemeenten moeten de plekken uiterlijk vanaf 1 juli 2027 hebben. En die opvang moet er minstens tot 31 december 2028 zijn.

In februari 2028 raamt het kabinet weer hoeveel opvangplekken nodig zijn. En dan start een nieuwe cyclus.

Gemeenten die niet voldoen aan de Spreidingswet

De minister van Asiel en Migratie controleert of gemeenten hun taak uitvoeren. Dit heet interbestuurlijk toezicht. Er zijn hierover afspraken gemaakt tussen het Rijk, provincies en gemeenten.

Begin juli 2026 zijn de eerste gemeenten die niet voldoen aan de Spreidingswet uitgenodigd voor een bestuurlijk gesprek op het ministerie van Justitie en Veiligheid. Doel is om afspraken te maken over hoe en wanneer die gemeenten voldoende opvangplekken realiseren. En daarmee aan hun wettelijke taak voldoen.

Elke maand verschijnt een overzicht van gemeenten die worden uitgenodigd voor zo'n bestuurlijk gesprek (stand van zaken op 3 augusuts 2026).