Duurzame energie-infrastructuur

De Nederlandse industrie gaat meer duurzame energie gebruiken. Zoals windenergie en waterstof. Om die energie te vervoeren zijn meer buizen, kabels en draden nodig. Sommige bestaande buizen moeten worden aangepast. 

Industrie aansluiten op nieuwe energie

Een deel van de energie gaat naar huishoudens. Bijvoorbeeld om woningen te verwarmen. Een groot deel van de energie gaat naar de industrie. Er zijn nu nog niet genoeg verbindingen van de duurzame energiebronnen naar de industrie. Ook kan de industrie zelf energie leveren voor huizen of CO2 voor kassen. Dus moet er snel geschikte infrastructuur komen om de energie te vervoeren.

Enkele voorbeelden van aanpassingen in de infrastructuur zijn:

  • De gasinfrastructuur (zoals leidingen en buizen) moet aangepast worden om groen gas en waterstof te vervoeren.
  • Er moet infrastructuur komen om CO2 te hergebruiken als koolstofbron voor producten. En om CO2 die overblijft op te slaan, bijvoorbeeld in lege gasvelden op zee. Dit wordt ook wel CCS (Carbon Capture and Storage) genoemd.

Hoe eerder de infrastructuur geschikt is, hoe sneller de industrie zelf duurzame productiemethodes gaat gebruiken. Bedrijven investeren dan ook sneller in nieuwe technieken en productieprocessen. Zo blijft Nederland een aantrekkelijke vestigingsplaats voor Nederlandse en buitenlandse bedrijven. Nederland kan zo koploper duurzame energie worden. Dat levert meer banen en geld op.

Video over de energie-infrastructuur

De energie-infrastructuur in ons land moet op het gebruik van duurzame energiebronnen worden aangepast. En de basisindustrie moet productieprocessen aanpassen én investeringen doen. Bekijk de video om te zien wat er allemaal gaat veranderen.

Energie-infrastructuur

Nederland werkt aan een toekomst met duurzame energie.
Hoe komt de energie van punt A naar punt B?

Deze video gaat over de energie-infrastructuur.
Wat is onze opgave?

De energieproductie in Nederland verandert.
Vroeger werd energie alleen op centrale plekken opgewekt.
Tegenwoordig wordt het steeds vaker lokaal
en op verschillende plekken opgewekt.

Het opwekken gebeurt vanuit duurzame energiebronnen:
zo wordt minder CO2 uitgestoten.
De energie-infrastructuur in ons land moet op
het gebruik van duurzame energiebronnen worden aangepast.
En de basisindustrie moet productieprocessen
aanpassen én investeringen doen.

Bijvoorbeeld hier in de Eemshaven in Groningen.
Eén van de industriële hotspots van Nederland.

Tot kort geleden gebruikte Nederland alleen maar
aardgas en elektriciteit uit kolen en gascentrales.
Maar nu investeren we volop in schonere energiebronnen.

De Noordzee is heel geschikt voor 
het grootschalig opwekken van windenergie.
Bovendien kan het overschot aan elektriciteit uit wind op zee,
als het heel hard waait omgezet worden naar waterstof.

Al deze nieuwe vormen van energie 
zorgen ook voor nieuwe uitdagingen:
Als de energie opgewekt is, moet het naar de gebruikers toe.
En als er veel wind en zon is, maar weinig vraag,
moet de energie tijdelijk opgeslagen kunnen worden.

Daarvoor is een nieuw systeem van kabels, 
leidingen en opslag nodig.
Groen gas, restwarmte en aardwarmte kunnen
lokaal omgezet worden in warmte voor huizen.

Het is belangrijk dat we de klimaatdoelen halen en
dat we een duurzamere industrie in Nederland krijgen.
Een deel van de energie komt terecht bij huizen,
maar een groot deel gaat naar de industrie.
De industrie moet dus aangesloten worden 
op de nieuwe energiebronnen.

Samen met bedrijven en netbeheerders willen we
een gunstig en groen investeringsklimaat in Nederland creëren.
Voor nu, en voor in de toekomst.

Zo zorgen we voor de infrastructuur in Nederland.
Voor groei en duurzame energie voor iedereen.

Meer weten?
Kijk op rijksoverheid.nl

Bekijk ook andere technieken van duurzame energie.

Documenten