Maatregelen tegen vol elektriciteitsnet (netcongestie)
In een groot deel van Nederland is het elektriciteitsnet zo goed als vol (netcongestie). Dit komt omdat er steeds meer vraag naar stroom is, en vaak ook op hetzelfde moment. Hierdoor ontstaan grote pieken, die het stroomnet te veel belasten. De overheid wil het stroomnet daarom sneller uitbreiden en slimmer gebruiken.
Vraag naar stroom vooral groot tijdens piekmomenten
Er is vooral veel stroom nodig tijdens vaste momenten op een dag (piekmomenten). Bijvoorbeeld tussen 16 en 21 uur. Die vraag naar stroom komt zowel van huishoudens als van bedrijven. Mensen gebruiken bijvoorbeeld warmtepompen en inductiekookplaten. Of laden hun elektrische auto op. En bedrijven willen graag overstappen van fossiele brandstof op (groene) stroom.
Op die piekmomenten is er niet voldoende ruimte op het elektriciteitsnet om alle stroom over het net te vervoeren. Er is te veel vraag, te veel aanbod of allebei. Hierdoor ontstaat een soort file op het elektriciteitsnet.
Wachtlijst voor bedrijven die zware aansluiting op het stroomnet willen
De drukte op het stroomnet zorgt voor een aantal problemen. Een ervan is dat het net overbelast kan raken. En dat kan voor storingen zorgen.
Een andere is dat er geen plek meer is voor bedrijven die een nieuwe of zwaardere aansluiting op het stroomnet willen. Die bedrijven komen nu op een wachtlijst. Hierdoor kunnen zij niet direct overstappen van bijvoorbeeld gas op (groene) stroom. Dit is slecht voor de economie, omdat deze bedrijven niet groeien en daardoor minder produceren en investeren.
Onderzoek naar maatregelen per regio
Om te zorgen dat er de komende jaren ook voor huishoudens en woningbouw voldoende ruimte op het elektriciteitsnet blijft, zijn maatregelen noodzakelijk. Hoe snel die maatregelen nodig zijn, verschilt per provincie. De netbeheerders onderzoeken per regio welke (extra) maatregelen nodig zijn om te zorgen dat het elektriciteitsnet betrouwbaar blijft.
Het stroomnet sneller uitbreiden
Om netcongestie tegen te gaan, moet het stroomnet fors worden uitgebreid. Netbeheerders investeren jaarlijks ongeveer € 8 miljard in uitbreiding van het net. De overheid helpt netbeheerders hierbij. Bijvoorbeeld door sneller vergunningen te verlenen. En obstakels in het bouwproces weg te nemen.
Om het hoogspanningsnet zo snel mogelijk uit te breiden, wil de overheid daarnaast:
Sneller bepalen wie de vergunning verleent en de locatie bepaalt voor de belangrijkste energieprojecten. Dit gebeurt al bij 26 projecten.
Wet- en regelgeving aanpassen, zodat de procedures voor vergunningaanvragen korter worden. Bijvoorbeeld door:
een ‘gedoogplicht’ voor onderzoekswerkzaamheden, dit kan voor maximaal 1,5 jaar versnelling zorgen;
projecten om het stroomnet uit te breiden aan kunnen wijzen als ‘zwaarwegend maatschappelijk belang’. Zo krijgen ze voorrang op andere projecten. Ook dit kan zorgen voor maximaal 1,5 jaar versnelling.
Experts inzetten die provincies en gemeenten helpen om sneller vergunningen af te geven.
De leefomgeving verbeteren in gebieden waar veel hoogspanningsinfrastructuur samenkomt. Hiervoor komt € 197 miljoen vrij.
Verder wil TenneT sneller gaan werken door verschillende stappen en onderzoeken tegelijkertijd te laten verlopen. En door hun werkwijze per project meer te standaardiseren. Het kabinet werkt deze maatregelen verder uit in nauwe samenwerking met de gemeenten, netbeheerders en provincies.
Tijdelijke maatregelen om netcongestie tegen te gaan
Naast uitbreiding van het stroomnet neemt de overheid extra maatregelen om netcongestie tegen te gaan:
Op sommige plekken wordt het stroomnet tijdelijk zwaarder belast dan normaal. Hierdoor kunnen bedrijven die op de wachtlijst staan toch eerder een nieuwe of zwaardere aansluiting. Dit gebeurt alleen op plekken waar dit veilig kan.
Extra elektricteitsinstallaties, zoals batterijen, kunnen helpen om veel vraag naar stroom tijdens piekmomenten op te vangen. Duurt zo’n piekmoment te lang? Dan kan hiervoor een gasgenerator gebruikt worden. Hierdoor blijft er energie beschikbaar om structurele verduurzaming door te laten gaan.
Vanaf 1 juli 2026 worden aanvragen voor een nieuwe of zwaardere stroomaansluiting in gebieden met netcongestie op een andere manier beoordeeld. Eerder kregen alle kleinverbruikers (zoals woningen, kleine ondernemers, laadpalen) voorrang als zij een nieuwe of zwaardere stroomaansluiting wilden. Vanaf 1 juli 2026 krijgen alleen 3 groepen gebruikers nog voorrang:
oplossingen die het volle stroomnet ontlasten, zoals grote batterijen;
organisaties die nodig zijn voor de nationale veiligheid, zoals ziekenhuizen en defensie;
belangrijke basisbehoeften, zoals woningen, scholen en openbaar vervoer.
Bedrijven die het elektriciteitsnet slimmer gebruiken
De overheid wil bedrijven op verschillende manieren helpen om het stroomnet slimmer te gaan gebruiken. Onder meer via:
Netbeheerders maken afspraken met bedrijven die veel stroom gebruiken. Bijvoorbeeld dat zij op piekmomenten minder stroom mogen gebruiken. De netbeheerder vergoedt bedrijven hiervoor. Voor sommige bedrijven kan dit verplicht worden, maar ook dan krijgen zij hiervoor een vergoeding.
Netbeheerders kunnen ook aan bedrijven en instellingen vragen om tegen een vergoeding juist meer stroom te gebruiken. Bijvoorbeeld wanneer zonneweides of windparken veel stroom opwekken.
Als een bedrijf het stroomverbruik tijdens de spitsuren beperkt, kan het toch groeien en verduurzamen. Dit kan door gebruik te maken van de ruimte die buiten de piekmomenten nog wel beschikbaar is. Dat is in de praktijk vaak niet makkelijk om te organiseren. Daarom helpt de overheid bedrijven hierbij via het netcongestieloket van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
Bedrijven en instellingen die vastlopen door het volle stroomnet kunnen subsidie aanvragen om advies in te huren of investeringen te doen om verder te kunnen met hun groei- of verduurzamingsplannen. Het doel is dat bedrijven hierdoor niet eerst hoeven te wachten op een zwaardere aansluiting op het stroomnet. Voor de regeling is € 62 miljoen beschikbaar.
Er is € 166 miljoen beschikbaar om zogeheten energiehubs te stimuleren. Bij zo’n energiehub stemmen bedrijven die bij elkaar in de buurt zitten hun vraag en aanbod van energie met elkaar af. Hierdoor is er minder ruimte op het stroomnet nodig. En komt er ruimte vrij om energiepieken te verlagen. Of ervoor te zorgen dat andere bedrijven stroom kunnen gebruiken.
Huishoudens die het elektriciteitsnet slimmer gebruiken
Als huishoudens het elektriciteitsnet slimmer gaan gebruiken, kan dat de druk op het stroomnet verlichten. Dit stimuleert de overheid onder andere via:
Iedereen betaalt nu nog hetzelfde tarief om gebruik te kunnen maken van elektriciteit (nettarief). Vanaf 2028 wordt dit een variabel tarief. Stroom op piekmomenten wordt duurder dan stroom op rustige momenten.
Slimme apparaten gaan het makkelijker maken om het stroomverbruik aan te passen aan het goedkoopste moment. Het gebruik van deze slimme apparaten is altijd vrijwillig en je kan ze zelf instellen. De overheid wil de ontwikkeling van deze apparaten versnellen en zorgen dat ze veilig zijn.
Warmtepompen zijn apparaten die relatief veel stroom verbruiken en dus op het laagspanningsnet een van de grootste stroomverbruikers zijn. Een hybride warmtepomp gebruikt minder elektriciteit dan een volledig elektrische warmtepomp. Daardoor heeft een hybride warmtepomp minder ruimte op het stroomnet nodig.
Elektrische auto’s kunnen de druk op het stroomnet flink verlichten door ze op te laden als er veel (zonne)stroom is. De overheid maakt afspraken met gemeenten over het plaatsen van openbare laadpalen. ‘Netbewust laden’ wordt onderdeel van die afspraken. Dit kan onder meer betekenen dat de prijs van laden afhangt van de drukte op het stroomnet. En dat de laadsnelheid omlaag gaat bij drukte.