Patiënten en cliënten moeten erop kunnen vertrouwen dat de zorg veilig is. De Rijksoverheid stimuleert zorginstellingen en werkgevers in de zorg om de zorg veiliger te maken.

Veiligheid voor de patiënt

In de gezondheidszorg kunnen patiënten onbedoeld lichamelijke en/of psychische schade oplopen door fouten van hulpverleners. Of door tekortkomingen van het zorgsysteem.

Patiëntveiligheid staat hoog op de agenda van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Zorginstellingen en zorgverleners zijn zelf verantwoordelijk voor patiëntgerichte, kwalitatief goede en veilige zorg. De Rijksoverheid helpt mee door voorwaarden te maken via wetgeving.

Veiligheid voor de medewerker

Het kabinet vindt het belangrijk dat medewerkers in zorg en welzijn in een gezonde en veilige omgeving hun werk kunnen doen. Werkgevers zijn hiervoor verantwoordelijk. Dat staat in de Arbowet.

De minister van VWS ondersteunt werkgevers bij hun beleid tegen agressie. Bijvoorbeeld door:

  • Een subsidie voor een handleiding voor zorgprofessionals. Hierin lezen ze wat ze kunnen doen als ze te maken krijgen met agressie.
  • De publiekscampagne ‘Blijf jezelf, tel even tot 11’. Hiermee vraagt de overheid onder breed publiek aandacht voor het onderwerp agressie tegen zorgverleners.
  • Regionale bijeenkomsten voor werkgevers om hen aan te moedigen om aangifte te doen voor hun werknemers. Als die te maken krijgen met agressie. 

Veiligheid in de eerstelijnszorg

Ook de eerstelijnszorg door onder andere huisarts, tandarts of fysiotherapeut, werkt met veiligheidsnormen, richtlijnen en protocollen. Deze zijn door de beroepsgroepen zelf ontwikkeld. Kijk voor meer informatie op de website van de beroepsgroep zelf.

Veiligheid in de langdurige zorg

De verbetering van de veiligheid in de langdurige zorg richt zich onder andere op:

  • de invoering van veiligheidssystemen in de verpleging, verzorging, thuiszorg en gehandicaptenzorg;
  • de vermindering van het aantal fouten met medicijnverstrekking;
  • de vermindering van vrijheidsbeperkende maatregelen;
  • de invoering van veiligheidsmaatregelen in de geestelijke gezondheidszorg (ggz).

Bijdrage van patiënten aan veiligheid in de zorg

Patiënten kunnen ook zelf een bijdrage leveren aan de veiligheid in de zorg. Bijvoorbeeld met behulp van patiëntveiligheidskaarten. Een zorgverlener kan een patiëntveiligheidskaart uitreiken en bespreken met de patiënt. De patiënt weet dan waar hij tijdens de behandeling op moet letten. Of welke vragen hij kan stellen als het mis mocht gaan.

Veiligheid bij medische handelingen door artsen

Patiënten zijn beschermd tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door zorgverleners. Dat regelt de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG). Artsen moeten zich registeren in het BIG-register. Iedereen kan in het BIG-register opzoeken of een zorgverlener bevoegd is om het beroep uit te oefenen. Of dat een tuchtrechter een tuchtmaatregel tegen een zorgverlener heeft opgelegd, zoals een schorsing.

Toezicht op veiligheid in de zorg

Het bestuur van een ziekenhuis of verzorgingshuis is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg in zijn organisatie. De raad van toezicht ziet erop toe dat het bestuur zijn werk goed doet.

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houdt toezicht op de veiligheid, kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg in Nederland.