Langer zelfstandig wonen ouderen

Ouderen moeten zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Maar hun leefomgeving en hun woning moeten daar wel geschikt voor zijn. De acties hiervoor staan in het Programma Langer Thuis. De Rijksoverheid ondersteunt deze acties.

Programma Langer Thuis

De Rijksoverheid wil ouderen helpen in hun vertrouwde omgeving zelfstandig oud te worden, met een goede kwaliteit van leven. Dit staat in het Programma Langer Thuis. De overheid stelt ruim € 340 miljoen beschikbaar voor de uitvoering van dit programma. Dit geld is beschikbaar tot 2021. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport werkte het programma verder uit in een plan van aanpak. Dit deed het ministerie samen met organisaties uit de samenleving. Bijvoorbeeld gemeenten, ouderenbonden en zorgverzekeraars.

Langer thuis: betere samenwerking tussen zorgverleners

De meeste ouderen zorgen er zelf voor dat zij fit blijven en actief meedoen in de samenleving. Toch hebben zij soms hulp nodig. Sommige ouderen zijn afhankelijk van professionele ondersteuning en zorg. Zij moeten zorg en ondersteuning krijgen die bij hen past. Ook moeten alle zorgverleners goed samenwerken. Dat lukt niet altijd. Zij delen informatie (over bijvoorbeeld medicijngebruik) onvoldoende. Of het is onduidelijk wie de leiding heeft.

Maatregelen voor betere samenwerking

Een paar voorbeelden:

  • De Rijksoverheid wil 60 zorgnetwerken voor ouderen versterken. In die netwerken werken zorgverleners als 1 team samen rondom een oudere. Via ZonMw kunnen zorginstellingen subsidie voor integrale netwerken ouderenzorg aanvragen. In totaal is er € 3 miljoen beschikbaar.

  • Soms kan een oudere tijdelijk niet thuis wonen. Bijvoorbeeld tijdens herstel na een ziekenhuisopname. De huisarts moet dan makkelijk een tijdelijke verzorgingsplek kunnen vinden. Daarvoor zijn er inmiddels 31 regionale coördinatiepunten voor eerstelijnsverblijf, die worden uitgebreid naar andere vormen van tijdelijk verblijf.

  • Er moet voldoende kennis over zorg voor ouderen beschikbaar zijn in de wijk. Daarom stelt de Rijksoverheid per jaar € 6 miljoen extra beschikbaar voor de inzet van de specialist ouderengeneeskunde. Deze werkt in de eerstelijn en in de acute keten.

Langer thuis: mantelzorgers en vrijwilligers helpen

Mantelzorg is hard nodig bij de hulp en zorg voor hun directe familie. Ongeveer 10 procent van de mantelzorgers en een kleiner aantal vrijwilligers is overbelast. Mantelzorgers en vrijwilligers moeten weten dat ze er niet alleen voor staan. Hebben ze zelf hulp nodig of willen ze bijvoorbeeld met vakantie? Dan moeten zij makkelijk en snel respijtzorg kunnen organiseren, zodat een professionele kracht of (andere) vrijwilliger de zorgtaken (tijdelijk) kan overnemen.

Maatregelen om mantelzorgers en vrijwilligers te helpen

Een paar voorbeelden:

  • Een adviseur die samen met gemeenten en zorgverzekeraars gaat kijken naar hoe de ondersteuning voor mantelzorgers verbeterd kan worden
  • Bordje vol: een handige tool voor mantelzorgers om snel te kunnen zien welke zorgtaken veel tijd en energie kosten, hoe lang de situatie nog vol te houden is en welke mensen kunnen helpen.
  • Een denktank van mensen die de minister gaat adviseren over welke wettelijke regels nu belemmerend werken voor mantelzorgers.

Langer thuis: betere hulp bij geschikte woningen

Een valpartij kan op hogere leeftijd grote gevolgen hebben. Ouderen kunnen er een beperking aan over houden. Weinig mensen houden hier van tevoren rekening mee. Hun woning past dan ineens niet meer bij hun veranderde persoonlijke situatie. Door de toenemende vergrijzing is de kans groot dat het aantal ouderen dat in een ongeschikte woning woont, stijgt.

Hulpbehoevende ouderen kunnen zelfstandig blijven wonen, zolang hun woning en omgeving het toelaten. Als dat nodig is kunnen zij hun woning aanpassen. Maar verbetert de woonsituatie daarmee niet genoeg? Dan moeten zij kunnen kiezen uit een aanbod van geschikte woningen of nieuwe, eventueel geclusterde woonzorgvormen voor ouderen.

Verhuizen kan ingrijpend zijn. Zeker als iemand prettig woont en graag in dezelfde wijk wil blijven wonen. Bovendien kost een verhuizing geld. Daarnaast is het voor een deel van de ouderen lastig om een goed passend woon(zorg)aanbod te krijgen en alle mogelijke woningaanpassingen uit te zoeken.

Maatregelen voor geschikte woningen voor ouderen

  • Gemeenten brengen in beeld wat zij nu en in de toekomst gaan doen  voor ouderen in hun woonsituatie.
  • Er komen meer geschikte of aanpasbare woningen. Ook wordt het mogelijk om nieuwe woonvormen te bedenken. Dat heeft de overheid afgesproken in de Nationale woonagenda 2018-2021.
  • Gemeenten ontwikkelen een lokaal plan om ouderen te helpen geschikt te wonen. Gemeenten kunnen bijvoorbeeld een wooncoach aanstellen.

Hulp van de gemeente

De gemeente moet zorgen voor maatschappelijke ondersteuning. Dit staat in de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015). Gemeenten moeten ouderen met een beperking helpen om zelfredzaam mee te kunnen doen in de samenleving. Zo kunnen ouderen langer zelfstandig  wonen. De gemeente moet de hulp altijd op maat organiseren. De gemeente kan bijvoorbeeld persoonlijke begeleiding regelen, dagbesteding organiseren en een mantelzorger (tijdelijk) ontlasten. De gemeente kan ook adviseren  en informatie geven, de woning aanpassen  of een boodschappendienst inschakelen.

Hulp van wijkverpleegkundigen

Vanuit de Zorgverzekeringswet kunnen ouderen medische zorg thuis krijgen, zoals verpleegkundige zorg. Ook persoonlijke verzorging, zoals hulp bij douchen wordt vanuit het basispakket vergoed. Een wijkverpleegkundige stelt vast welke zorg nodig is en stelt samen met de cliënt een zorgplan op. Wijkverpleging is uitgesloten van het eigen risico.

Langer thuis wonen met Wlz-indicatie

Mensen die de hele dag zorg of toezicht nodig hebben, hebben recht op verblijf in een zorginstelling. Het gaat dan om zware zorg voor kwetsbare ouderen en gehandicapten. Zij krijgen deze zorg via de Wet langdurige zorg (Wlz) met een Wlz-indicatie. U kunt een Wlz-indicatie aanvragen bij het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ).

Thuis (blijven) wonen met een Wlz-indicatie kan ook. Dit kan alleen als deze zorg verantwoord is. Ook mogen de kosten daarvan niet hoger zijn dan de opname in een instelling. Dit hangt meestal samen met de hoeveelheid mantelzorg die beschikbaar is. Het zorgkantoor bespreekt dit met de oudere en beoordeelt de situatie.

Langer thuis wonen dankzij ICT

Er komen steeds meer ICT-toepassingen die de kwaliteit van leven en wonen verbeteren. Bijvoorbeeld door automatisch aan- en uitschakelen van het licht. Dit soort ICT-toepassingen heten ook wel domotica. Met domotica kunnen ouderen mogelijk langer zelfstandig blijven wonen.

Subsidie voor e-health

Door e-health kunnen ouderen langer zelfstandig thuis blijven wonen. De Rijksoverheid stimuleert de zorgsector om meer e-health te gebruiken. Bijvoorbeeld door online consulten met zorgverleners. Voor dit soort initiatieven is € 30 miljoen per jaar beschikbaar. Zorgverleners kunnen bij RVO.nl subsidie voor e-health aanvragen.