25 maart Ministerraad

Let op: deze activiteit heeft al plaatsgevonden

Activiteitendata

  • Datum
  • Locatie Den Haag

Viceminister-president Kaag heeft na de ministerraad een persconferentie gegeven. Over de oorlog in Oekraïne, het effect hiervan op de koopkracht in Nederland en de voorjaarsbesluitvorming. De video toont de inleidende verklaring. 

Viceminister-president Kaag:

Goedemiddag. Ik zal drie thema's in de introductie benoemen, te beginnen uiteraard met Oekraïne. De oorlog in Oekraïne duurt nu al ruim een maand en de meedogenloze agressie die het Rusland van Poetin hierin toont, is ongekend. Dagelijks zien we afschuwelijke gevolgen daarvan. Grote aantallen onschuldige burgerslachtoffers, verwoeste steden en dorpen en vele, vele mensen op de vlucht. Vier weken van oorlogsgeweld maken duidelijk dat de Russische inval niet volgens plan verloopt. De opmars vordert nauwelijks, door het felle en dappere verzet van de Oekraïners. De keerzijde hiervan is dat het Russische optreden steeds gewelddadiger wordt. Hoe de situatie zich verder zal ontwikkelen is moeilijk te voorspellen, maar het valt niet uit te sluiten dat Rusland probeert om met verdere bombardementen of nieuwe offensieven alsnog door te stoten. Met nog meer menselijk leed ten gevolge. De gewelddadigheden en het bloedvergieten moeten stoppen. Daar zijn alle diplomatieke initiatieven nu op gericht. De NAVO is en blijft verenigd in het verzet tegen de Russische agressie tegen Oekraïne en gisteren is dat nog eens onderstreept met de ingelaste NAVO-top in Brussel. De boodschap is en blijft helder: als bondgenoten staan wij vastberaden tegen de Russische agressie en blijven wij het onverzettelijke Oekraïne steunen. Dat doen we als NAVO-landen onder meer door het sturen van militair materieel en hulp aan Oekraïne op het gebied van cyberveiligheid en bescherming tegen de dreigingen van chemische of nucleaire aard. Ook de Europese Unie blijft haar eensgezindheid tonen. Dat hebben we de afgelopen tijd laten zien met omvangrijke en stevige sanctiepakketten tegen het Russische regime. De Europese Raad heeft gisteren benadrukt dat het nu zaak is dat we er als EU, in samenwerking met onze partners, voor zorgen dat deze sancties hun uitwerking kunnen hebben. Over de uitkomsten van de EU-top zal minister president Rutte later vandaag met uw Brusselse collega's spreken.

Het tweede thema: koopkracht. De oorlog in Oekraïne. heeft ook een bredere weerslag op de economie door stijgende prijzen of zelfs door schaarste van voedsel, energie en grondstoffen. We merken er allemaal de gevolgen van, ook in Nederland. Dat zien we door de oplopende inflatie, die de koopkracht ondergraaft. Daar zijn heel veel zorgen over, terechte zorgen. En als kabinet hebben we daar ook alle begrip voor, en we doen wat binnen onze mogelijkheden ligt om u hieraan tegemoet te komen. Maar onze mogelijkheden zijn niet onbegrensd. We zullen keuzes moeten maken. Volledig herstel zit er niet in, hoe graag we dat ook zouden willen. Twee weken geleden hebben wij een pakket maatregelen bekendgemaakt bovenop het pakket dat al in het najaar van 2021 was getroffen, om de impact van de hoge energieprijzen te dempen. Met nadruk op het werkwoord dempen.

Nu mijn laatste punt: de voorjaarsbesluitvorming. De komende periode praten wij als kabinet over de zogeheten voorjaarsbesluitvorming. Daar zal ook de koopkracht voor 2023 aan de orde komen. In het coalitieakkoord is een lastenverlichting-pakket voorzien van 3 miljard. Daarnaast zullen we alle mee- en tegenvallers goed op een rij moeten zetten en op basis van dat totaalbeeld en feiten besluiten nemen. Tegelijkertijd zullen we rekening moeten houden met veel economische onzekerheid. Juist bij alle onzekerheid en instabiliteit is en blijft zorgvuldige besluitvorming nodig.