Toespraak minister-president Jetten bij uitreiking International Four Freedoms Award

Minister-president Jetten hield in Middelburg een toespraak bij de uitreiking van de International Four Freedoms Award aan president Zelensky.

De toespraak werd gehouden in het Engels.

(Vertaling van de Engelstalige speech: Prime Minister Rob Jetten at the International Four Freedoms Awards ceremony.)

President Zelensky,
Volodymyr,
Majesteit,
Koninklijke Hoogheid,
Beste mensen,

Ieder jaar horen we bij de uitreiking van de Four Freedoms Awards indrukwekkende verhalen over moed, veerkracht en grootsheid.
En vandaag is dat opnieuw zo.
Al die verhalen bewijzen in mijn ogen het gelijk van president Roosevelt, toen hij the Four Freedoms boven al het andere uittilde.
En vaak merk je pas dat die vrijheden onder druk staan, als het te laat is.
Nergens is dat zo duidelijk, als in een oorlogssituatie.
In de award die ik vandaag mag uitreiken aan president Volodymyr Zelensky, staat de strijd voor vrijheid voor centraal.

Sinds het begin van de grootschalige Russische inval, nu al meer dan 4 jaar geleden, ben jij, Volodymyr, het symbool geworden van die strijd voor vrijheid in Oekraïne.  
Voor de noodzaak die te verdedigen, met alles wat je in je hebt.
En de belangrijkste boodschap die je consequent uitdraagt, is dat de bescherming van vrijheid een opdracht aan iedereen is.
Dat iedereen door een oorlog wordt geraakt, maar ook dat iedereen iets kan doen.

Dus zien we je handelen op het internationale toneel, om invloed uit te oefenen waar dat kan.
Maar we zien je ook aan de frontlinie en bij kapotgeschoten gebouwen.
En bovenal: tussen de mensen.

Het is dan ook tekenend dat je deze award alleen in ontvangst wilde nemen, als je dat namens de hele Oekraïense bevolking mocht doen.
Namens gewone mannen, vrouwen en kinderen, die van de ene op de andere dag een nieuwe werkelijkheid intuimelden waar ze niet voor kozen, maar waar ze zich wel toe moeten verhouden- iedere dag opnieuw.
Namens kinderen die in een schuilkelder naar school gaan.
Namens vrouwen die hun gezin en het land draaiend houden door te werken in fabrieken.
En namens mannen die vanuit een baan met pak en stropdas, ineens in een camouflagepak hun grondgebied moeten verdedigen.
Meter voor meter.
En die dat doen, omdat zij weten en voelen, dat iedere vierkante centimeter niet alleen uit Oekraïense aarde, maar ook uit Oekraïense waardigheid bestaat.
Uit identiteit.
Uit woorden, liederen, symbolen en al die andere onzichtbare elementen die een volk een volk maken en die een land een toekomst geven.
Een toekomst die alleen zij bepalen.
Dat is wat zij verdedigen.

En als je zelf altijd in vrede hebt geleefd, zoals ik, is het moeilijk voor te stellen hoe je dat doet en wat je dan voelt.
Gewend als we zijn aan boeken en films over oorlogshelden, is dat hoe we denken over mensen in oorlogsgebied.
Maar toen ik vorige maand in Kyiv was, zag ik dat helden niet als held worden geboren.
Het zijn gewone mensen, die niet beschikken over uitzonderlijke krachten of buitengewone talenten.
Of het moet het talent zijn om in een onmenselijke situatie, hun menselijkheid te bewaren.
Ik denk dat Eleanor Roosevelt dat bedoelde, toen ze zei dat alleen het karakter van een mens, de echte maatstaf van dingen is.

Het geldt in ieder geval voor de vrouwen die ik ontmoette in een dronefabriek.
Tot de oorlog leidden zij een leven zoals zoveel vrouwen doen.
Druk met hun baan.
Met zorgen voor hun gezin.
Maar toen hun wereld veranderde, besloten zij mee te veranderen.
Inmiddels werken zij als dronemechanicus; een beroep waar ze tot een paar jaar geleden waarschijnlijk niet eens van hadden gehoord, laat staan dat ze konden bedenken dat dit hun eigen toekomst zou worden.
Maar ze verzetten hun bakens, voor hun kinderen thuis.
Voor hun toekomst.

Diezelfde gedrevenheid laten ook Oekraïense hulpverleners elke dag weer zien.
Ondanks een tekort aan alles, blijven zij uitrukken naar plekken waar zij nodig zijn.
Met gevaar voor eigen leven bovendien, omdat Russische militairen erop rekenen dat zij dat doen en die daarom na een eerste bombardement vaak een tweede bombardement uitvoeren op dezelfde plek, in de hoop zoveel mogelijk hulpverleners te treffen.
Toen ik over die perverse realiteit hoorde, wist ik niet wat ik moest zeggen.
Ik wist niet eens wat ik moest denken, behalve aan de vraag hoe je verder leeft, als je zoiets meemaakt.

Het antwoord op die vraag, wordt elke dag gegeven door bijna 40 miljoen Oekraïners.
Door gewone mensen, die boodschappen halen voor hun buren.
Die bloemen kopen voor hun vrouw.
En die de weekenden doorbrengen met familiebezoek.
Gewone mensen, die laten zien dat er in ieder hart waarin angst leeft, ook altijd nog ruimte is om lief te hebben.
En dat het waard is daarvoor te vechten.

Tegen al die mensen, en tegen hun president, hen wil ik zeggen: ja, jullie zijn in het dagelijks leven vaak -te vaak- op elkaar aangewezen.
Maar jullie zijn niet alleen.
In de harten van zoveel mensen is plaats voor jullie.
In Nederland, in de VS en op zoveel plekken in de wereld.
Voor Oekraïners die hun leven ingrijpend van koers veranderden, om hun land te verdedigen.
Die hen te hulp schieten na een bombardement.
Die met regeringsleiders overleggen, onderhandelen en die ons laten zien waar we toe in staat zijn, als we staan voor de vrijheden waar president Roosevelt ons over leerde.
Vier vrijheden, die voor mij samenkomen in de vrijheid om daadwerkelijk te kunnen zijn wie je bent.
Hier.
En in een vrij en autonoom Oekraïne.

President Zelensky, Volodymyr, deze award is voor Oekraïne.
Voor jou als president.
En voor alle mensen in Oekraïne.
Inderdaad, voor jullie allemaal.

Mag ik Elizabeth Roosevelt Johnston vragen naar voren te komen.

Volodymyr, mag ik je vragen bij ons te komen en de award in ontvangst te nemen.