U kunt bezwaar maken tegen de WOZ-waarde op uw WOZ-beschikking. Voordat u bezwaar maakt, kunt u het best eerst vragen aan uw gemeente (of het gemeentelijk samenwerkingsverband) of uw beschikking kan worden aangepast (informeel bezwaar). Aan het informele bezwaar zijn geen kosten verbonden.

Lees voor

Bezwaar maken: hoe doe je dat?

Komt u er met uw gemeente niet uit? Dan kunt u een officiële bezwaarprocedure starten. Hoe u bezwaar maakt bij uw gemeente, staat op de beschikking. In uw bezwaar schrijft u op waarom u het niet eens bent met de WOZ-waarde. U moet bezwaar maken binnen 6 weken na datum van de WOZ-beschikking. Na deze termijn is geen bezwaar meer mogelijk en staat de WOZ-waarde vast.  Bezwaar maken tegen de WOZ-waarde van uw woning is gratis.

Uitspraak gemeente op bezwaar

De gemeente moet een beslissing nemen in het kalenderjaar waarin u bezwaar heeft gemaakt. Heeft u bezwaar gemaakt in de laatste 6 weken van het kalenderjaar? Dan moet de gemeente binnen een periode van 6 weken een beslissing nemen. De gemeente kan de termijn met maximaal 6 weken verlengen.

Niet eens met uitspraak gemeente

Bent u het niet eens met de uitspraak van de gemeente op uw bezwaar? Dan kunt u in beroep gaan bij de sector bestuursrecht van de rechtbank.

Bent u het daarna niet eens met de uitspraak van de rechtbank? Dan kunt u in hoger beroep gaan. Dit doet u bij de belastingkamer van het Gerechtshof. Als u in hoger beroep gaat, dan moet u griffierechten betalen.

In de uitspraak van de gemeente of rechtbank op uw bezwaar vindt u de informatie om in (hoger) beroep te gaan.