Nederland en België gaan samenwerking rond kernenergie verder intensiveren

Nederland en België hebben officieel vastgelegd dat ze intensiever gaan samenwerken op het gebied van kernenergie. De samenwerking moet bijdragen aan betere kennisuitwisseling en een sterkere toeleveringsketen. Zo willen beide landen het nucleaire ecosysteem versterken. De samenwerking benadrukt daarnaast het belang van kernenergie in de energietransitie en de energieonafhankelijkheid van beide landen.

De Belgische minister Bihet van Energie en de Nederlandse staatssecretaris De Bat van Klimaat en Groene Groei hebben de plannen bekrachtigd in een zogeheten Memorandum of Understanding (MoU), die werd getekend tijdens het congres BENENUC26. Met deze overeenkomst onderstrepen zij de noodzaak om intensiever samen te werken aan een effectieve, sterke en succesvolle sector.

De MoU regelt dat Nederland en België gaan werken aan een bredere onderzoeksbasis (Research &Development) en intensivering van de kennisuitwisseling. Daarvoor gaan beide landen periodiek bij elkaar komen. Zo kan Nederland profiteren van de aanwezige industriële kennis en toepassing waarover België momenteel beschikt vanwege het grotere aantal operationele kerncentrales. Andersom kan Nederland kennis delen die opgedaan wordt rondom de nieuwbouw van kerncentrales en de ontwikkelingen rondom kleine modulaire kernreactoren (SMR’s). Bijvoorbeeld op het gebied van locatieonderzoek, vergunningen, processen en onderdelen voor (nieuwe) kerncentrales.

Nederland en België willen bovendien dat bedrijven en (kennis)organisaties in de keten en toelevering voor kernenergie elkaar beter weten te vinden en versterken. Daarom zetten de 2 landen innovatiemissies op tussen bedrijven en kennisorganisaties die actief zijn in Nederland en België. Waar mogelijk zullen de overheden samenwerking tussen bedrijven stimuleren.

Daarnaast willen de 2 landen zich inzetten voor het versterken van de kennis en vaardigheden van mensen die in de nucleaire sector gaan werken. Tijdens de piek van de bouw van de kerncentrales gaat het om 10.000 medewerkers en gemiddeld over het gehele bouwtraject om ongeveer 5000 medewerkers. Dit kan bijvoorbeeld via gezamenlijke opleidingstrajecten.


Met de MoU leggen Nederland en België ook vast dat zij gezamenlijk willen optrekken in met betrekking tot oplossingen rondom het beheer, de opslag en uiteindelijke berging van radioactief afval.


Staatssecretaris De Bat: “Nederland begeeft zich momenteel op een cruciaal punt, met plannen om door middel van meer kernenergie in de energiemix energieonafhankelijker te worden. In een sector die momenteel bol staat van de ontwikkelingen en gebaat is bij een hoge kennisdichtheid, is samenwerking met landen om ons heen noodzakelijk. Met België kunnen we onze wederzijdse ambities de benodigde impuls geven. Zo versterken we de sector en dragen we ook bij aan een bredere Europese ontwikkeling.”


Belgisch federaal minister van Energie, Mathieu Bihet: “De toekomstige Europese nucleaire projecten vereisen sterke waardeketens, hoogstaande expertise en een nauwe samenwerking tussen staten, onderzoekscentra en de industrie. België en Nederland beschikken over erkende expertise en willen vandaag hun krachten bundelen om bij te dragen aan de ontwikkeling van een robuuster, innovatiever en onafhankelijker Europees nucleair ecosysteem.”