Nieuwe medicijnen: betaalbaar en toegankelijk

De Rijksoverheid wil dat patiënten sneller nieuwe medicijnen kunnen gebruiken. Deze medicijnen moeten ook veilig en betaalbaar zijn.

Dat is de kern van het nieuwe geneesmiddelenbeleid van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Waarom beleid over nieuwe medicijnen?

Het nieuwe geneesmiddelbeleid is nodig om 2 problemen aan te pakken:

  • Het duurt erg lang voordat nieuwe medicijnen voor zeldzame ziekten beschikbaar komen voor patiënten. Want medicijnen worden alleen toegelaten als de werkzaamheid en de meerwaarde bij een grote groep patiënten is onderzocht. Dat is voor de nieuwe medicijnen moeilijk, omdat de groep patiënten vaak klein is.
  • Daarnaast zijn deze  nieuwe medicijnen erg duur. Daardoor wordt de zorg onbetaalbaar. Er blijft daardoor ook minder geld over voor patiënten met andere ziekten.

In de Kamerbrief Geneesmiddelenvisie staat hoe de minister de problemen wil oplossen. Hieronder volgen de belangrijkste acties.

Nieuwe medicijnen betaalbaar maken en houden

De overheid wil nieuwe medicijnen betaalbaar houden door onder andere de volgende maatregelen.

  • Hoge prijzen van geneesmiddelen aanpakken

    Zorgverzekeraars en zorgaanbieders kopen geneesmiddelen in. Zij kunnen lagere prijzen overeenkomen als zij een sterkere positie tegenover de farmaceutische industrie krijgen. Bijvoorbeeld door kennis over welke nieuwe medicijnen worden ontwikkeld. En registratie van het moment dat patenten verlopen. Hiervoor richt het ministerie van VWS het platform Expertise Inkoop Geneesmiddelen op.

    Sinds twee jaar stelt ministerie van VWS een lijst op met nieuwe geneesmiddelen, de zogenoemde horizonscan. Hierin staat welke nieuwe geneesmiddelen voor welke ziekten de komende twee jaar uitkomen. Elk jaar is een uittreksel van deze horizonscan beschikbaar. Sinds 1 januari 2017 is de horizonscan+ gestart onder leiding van Zorginstituut Nederland.

    Samenwerking bij inkoop kent regels. Die staan in de Mededingingswet. Daarom stelt de overheid een leidraad op. Hierin staat wat volgens de Mededingingswet wel en niet mag bij gezamenlijke inkoop van medicijnen.

    Daarnaast kan de overheid de maximale vergoedingen van het Geneesmiddelen Vergoedingssysteem (GVS)  verlagen. En dure geneesmiddelen tijdelijk uit het basispakket halen tot er prijsonderhandelingen zijn geweest.

  • Geneesmiddelen anders ontwikkelen en verkopen

    Nu hoeven farmaceutische bedrijven overheidssubsidies voor ontwikkeling van medicijnen niet terug te betalen. Tegelijkertijd hebben zij wel het patent op het nieuwe middel en kunnen daardoor de prijs hoog houden. De overheid wil daarom voorwaarden stellen aan de financiering van medicijnontwikkeling. Een deel van de winst kan bijvoorbeeld aan verder onderzoek besteed worden.

    Verder moeten farmaceutische bedrijven inzicht in de prijzen van het geneesmiddel geven. Zij moeten duidelijk maken welk deel van de prijs hun kosten dekt en welk deel winst is.

  • Evenwicht tussen vernieuwing en prijs medicijnen      

    Patenten zijn bedoeld om vernieuwing te stimuleren. Maar ze worden nu vaak gebruikt om het alleenrecht van de fabrikant in stand te houden. De fabrikant bepaalt dan zelf de prijs van het medicijn. Die wordt voor vernieuwende medicijnen vaak gebaseerd op ‘wat de samenleving bereid is ervoor te betalen’. En niet op gemaakte kosten en een redelijke winst. Hierdoor is er weinig ruimte voor goedkopere alternatieve medicijnen. In Nederland let de Autoriteit Consument en Markt hierop en pakt onaanvaardbaar gedrag aan. Internationaal kan het Europees Hof van Justitie beoordelen of farmaceutische bedrijven geen misbruik maken van hun positie.
  • Het alleenrecht en de hoge prijs zijn vooral een probleem bij medicijnen voor zeldzame ziekten (‘weesgeneesmiddelen’). Want voor weesgeneesmiddelen kan na afloop van het octrooi nog aanvullende Europese bescherming gelden. Hierdoor blijven de medicijnen te duur en komen daardoor niet beschikbaar voor patiënten.

Betere en snellere toegang voor nieuwe medicijnen

Nieuwe medicijnen kunnen sneller bij de patiënt terechtkomen. Ook valt er nog veel te leren over het juiste gebruik van medicijnen. Om dat te bereiken wil de overheid onder andere deze maatregelen nemen.

  • Toegang tot nieuwe medicijnen

De Rijksoverheid wil dat patiënten sneller een nieuw medicijn kunnen krijgen. Bijvoorbeeld door medicijnen alvast toe te laten terwijl de fabrikant bepaalde medische informatie nog moet leveren. Vooraf wordt met de fabrikant afgesproken waaraan het medicijn minimaal moet voldoen. Veiligheid staat bij versnelde toelating altijd voorop.

In het najaar van 2018 publiceert VWS een regeling om onderzoek te financieren naar effect en inzet van bepaalde medicijnen. Het gaat om geneesmiddelen voor zeldzame ziekten en medicijnen die voorwaardelijk zijn toegelaten.

In oktober 2019 beschrijft minister Bruins in een brief aan de Tweede Kamer hoe hij invulling geeft aan de voorwaardelijke toelating van geneesmiddelen tot het basispakket. De Uitvoeringstoets procedure voorwaardelijke toelating geneesmiddelen beschrijft de procedure die gevolgd kan worden om enkele specifieke categorieën geneesmiddelen onder voorwaarden tijdelijk tot het basispakket toe te laten.

  • Goed gebruik van geneesmiddelen

    Hoe meer kennis van medicijnen er is, hoe beter die ingezet kan worden. Die kennis wordt uitgebreid door onderzoek te doen naar het beste en veiligste gebruik van nieuwe medicijnen. Ook moet er kennis komen over juiste doseringen en duur van een behandeling per patiënt.
  • Meer informatie verzamelen over effecten geneesmiddelen

    De gezondheidszorg maakt gebruik van registers. Hierin beschrijven artsen de ziekten die zijn behandelen en de effecten van de behandeling. Deze registers laten ook zien in welke gevallen bepaalde medicijnen goed werken.

    Daarvoor moeten artsen wel op dezelfde manier registreren. De minister van VWS start daarom een actieplan informatievoorziening. Hierin staan de doelen, werkwijzen, taken en financiering van registraties. Ook moeten artsen registreren wanneer zij dure medicijnen voorschrijven.

    Voor zorgverleners en patiënten komt er onafhankelijke informatie over geneesmiddelen. Deze moet goed leesbaar en vindbaar zijn.

Europese samenwerking

Andere EU-landen hebben dezelfde problemen met nieuwe medicijnen als Nederland. Daarom heeft de minister van VWS tijdens het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie het geneesmiddelenbeleid besproken. Het ging over onder andere deze onderwerpen :

  • elkaar inzicht geven in prijsverschillen;
  • Europese beschermingsmaatregelen voor nieuwe geneesmiddelen;
  • mogelijkheden om nieuwe medicijnen sneller toe te laten, daarbij rekening houdend met veiligheid en prijs.

België, Nederland, Luxemburg en Oostenrijk (BeNeLuxA) werken samen om nieuwe geneesmiddelen sneller en tegen een aanvaardbare prijs beschikbaar te maken voor patiënten. Meer informatie over deze samenwerking staat op de website van BeNeLuxA.