Klimaatbeleid

Het klimaatbeleid richt zich op minder uitstoot van broeikasgassen.

Internationale aanpak klimaatverandering

Het broeikaseffect kan het beste worden aangepakt als landen samenwerken om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Nederland heeft zich verbonden aan verschillende internationale klimaatafspraken. Zoals het klimaatprotocol van de Verenigde Naties (VN) en het Kyoto-Protocol. Het Nederlandse klimaatbeleid is gebaseerd op deze afspraken.

VN Klimaatakkoord

In december 2015 was er een VN-klimaattop in Parijs: de Conference of Parties (COP21). Nederland heeft ingestemd met een nieuw VN Klimaatakkoord. Het akkoord heeft als doel: de opwarming van de aarde beperken tot ruim onder 2 graden Celsius, met een duidelijk zicht op 1,5 graden Celsius. Op 22 april 2016 heeft staatssecretaris Dijksma het Klimaatakkoord ondertekend namens de 28 lidstaten van de Europese Unie. Het akkoord gaat per 2020 in.

Nederlands klimaatbeleid gebaseerd op internationaal onderzoek

Nederland gebruikt rapporten van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) als uitgangspunt voor het klimaatbeleid. In opdracht van de Verenigde Naties maakt het IPCC rapporten over de oorzaken en gevolgen van klimaatveranderingen. De rapporten beschrijven ook welke maatregelen er nodig zijn tegen de opwarming van de aarde. En wat de risico's voor de toekomst zijn.

Oorzaken klimaatverandering

De mens is de belangrijkste oorzaak van het broeikaseffect en versnelde klimaatverandering. De temperatuur op aarde stijgt doordat wij steeds meer fossiele brandstoffen gebruiken. En omdat ontbossing, landbouw en veeteelt toenemen.

Daarnaast zijn er ook natuurlijke oorzaken waardoor de temperatuur stijgt. Zoals verschuivingen van continenten en zeestromen, inslagen van kometen of meteorieten en vulkaanuitbarstingen.

Overheid neemt maatregen tegen gevolgen klimaatverandering

Om de gevolgen van klimaatverandering zo klein mogelijk te houden, moet de overheid maatregelen nemen.

Het klimaatbeleid van Nederland richt zich op:

  • Maatregelen om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen (adaptatie). Bijvoorbeeld maatregelen voor waterveiligheid, zoetwatervoorziening, landbouw, natuur en gezondheid. Denk aan versterking van de dijken. En steden kunnen bijvoorbeeld meer bomen en groen planten tegen hittestress.
  • Vermindering van de uitstoot van broeikasgassen zodat het klimaat niet zo snel en sterk verandert (mitigatie). Bijvoorbeeld door over te stappen van fossiele brandstoffen op duurzame energiebronnen. Zoals wind- en zonne-energie.

De video Klimaatverandering - Wat doet de overheid geeft meer informatie.

Minder uitstoot broeikasgassen

De broeikasgassen die nu al in de lucht zitten, hebben het klimaat al opgewarmd. Om dit verder te beperken, is het nodig om minder broeikasgassen uit te stoten. CO2 is het belangrijkste broeikasgas (56%). Ook methaan (32%) en lachgas (6%) zijn belangrijk. Deze gassen komen onder andere vrij uit mest, industrie en verkeer en door verbranding van olie, gas en kolen.

In 2020 moet de uitstoot (of emissie) van broeikasgassen 20% lager zijn dan in 1990.

Aanpak klimaatverandering in Klimaatagenda

In de Klimaatagenda staat hoe de Rijksoverheid de klimaatverandering aanpakt. Ook beschrijft de klimaatagenda wat Nederland nationaal en internationaal wil bereiken. Samen met andere partijen in binnen- en buitenland. Bijvoorbeeld het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en andere overheden.

Meer informatie over de aanpak tegen klimaatverandering staat in de infographic Klimaatverandering: Hoe komt Nederland in actie?.

Afspraken uitstoot gemeenten, waterschappen en provincies

Meer dan de helft van alle CO2-uitstoot ontstaat in en rondom steden. Decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) voeren daarom zelf een klimaatbeleid. Het Rijk ondersteunt dit.

Zo heeft het Rijk samen met decentrale overheden de Lokale Klimaatagenda 2011-2014 opgesteld. Hierin staan voorbeelden van maatregelen die makkelijk op grote schaal zijn toe te passen. Denk aan:

  • bestaande woningen en gebouwen energiezuiniger maken;
  • zuinige vervoermiddelen (bijvoorbeeld de fiets of het openbaar vervoer) aantrekkelijker maken voor reizigers;
  • zorgen voor voldoende oplaadpunten voor elektrische voertuigen.

Op de site Rijkswaterstaat Leefomgeving staat meer informatie over lokaal energie- en klimaatbeleid.

Betere technologie kan broeikasgassen verminderen

Technologie kan helpen broeikasgassen te verminderen. Bijvoorbeeld door:

  • energiebesparing;
  • besparing en hergebruik van grondstoffen;
  • schonere auto's;
  • Schonere landbouw en veeteelt;
  • zuinigere apparaten.

Wereldwijd groeit de vraag naar oplossingen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Nederland wil voorop lopen met slimme, schone en zuinige technieken. De Rijksoverheid kan helpen bij de ontwikkeling van nieuwe technologieën en de verspreiding daarvan. Bijvoorbeeld via Green Deals.

Bijdrage bedrijfsleven aan maatregelen klimaatverandering

Ruim 200 bedrijven en maatschappelijke organisaties werken samen in de Nederlandse Klimaatcoalitie. Zij nemen zelf vergaande klimaatmaatregelen om te komen tot een klimaatneutrale bedrijfsvoering. Hiermee willen zij invulling geven aan de internationale klimaatafspraken.

Ook zoeken partijen naar innovaties op het gebied van klimaat, nieuwe bedrijvigheid en slimme vormen van samenwerking. De Rijksoverheid steunt de klimaatcoalitie.

Kabinet Rutte III: in de EU pleiten voor 55% minder uitstoot in 2030

In 2019 worden de mondiale klimaatafspraken van Parijs beoordeeld. De EU besluit in 2018 over haar eigen inbreng tijdens die beoordeling. In het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de toekomst’ schrijft het kabinet hierover:

  • Het kabinet wil in 2018 in de EU pleiten voor 55% minder uitstoot van CO2 in 2030.
  • Lukt het Nederland niet om de doelstelling in de EU aan te scherpen? Dan wil het kabinet ambitieuzere afspraken maken met gelijkgestemde landen uit Noordwest-Europa. Door met buurlanden op te trekken, wil het kabinet grote concurrentienadelen voor de Nederlandse economie voorkomen.
  • Is beleid ambitieuzer dan de EU-afspraken? Dan vindt het kabinet dat dat bij andere EU-landen niet tot hogere uitstoot mag leiden. Het kabinet wil dit voorkomen door bijvoorbeeld ETS-rechten op te kopen.

Klimaatwet

Het kabinet Rutte III wil bovendien een nationaal Klimaat- en energieakkoord opstellen. De hoofdlijnen van de afspraken over klimaat en energie worden vastgelegd in een Klimaatwet. Het kabinet financiert deze maatregelen door onder andere:

  • € 300 miljoen vrij te maken om beleid, expertise en proefprojecten te realiseren;
  • de verhuurdersheffing afhankelijk te maken van het bedrag dat woningcorporaties investeren in energiebesparing;
  • afspraken te maken met andere overheden om hun budget aan klimaatbeleid te besteden. Dit geldt vooral voor geld dat aan bouwprojecten wordt besteed.

Het kabinet werkt deze voornemens nog verder uit.