Kosten mbo-opleiding

Studenten in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) en hun ouders komen voor allerlei opleidingskosten te staan. Niet alleen schoolkosten, zoals het aanschaffen van schoolboeken, maar ook wettelijke kosten, zoals lesgeld.

Schoolkosten

Mbo-scholen zijn verantwoordelijk voor de basisuitrusting van hun studenten. Onder die basisuitrusting vallen bijvoorbeeld computers, kopieerapparaten en gereedschap. Studenten moeten zelf zorgen voor:

  • leermiddelen die nodig zijn om de lessen voor te bereiden, zoals boeken, readers, schriften en mappen;
  • meer persoonlijke zaken, zoals werkkleding of speciale schoenen, als deze nodig zijn voor een bepaalde opleiding.

De hoogte van de schoolkosten in het mbo verschilt per opleiding. Meestal liggen de kosten tussen de €500 en €1000 euro per jaar.

Vrijwillige bijdrage

De school mag voor extra diensten en activiteiten zoals excursies een vrijwillige bijdrage vragen. Studenten en ouders bepalen zelf of zij willen betalen om van deze diensten of activiteiten gebruik te maken. Ze zijn niet nodig om de opleiding te kunnen volgen of het diploma te behalen.

Lesgeld en reiskosten mbo-studenten jonger dan 18 jaar

Mbo-studenten onder de 18 jaar hoeven geen lesgeld te betalen. Hun ouders ontvangen nog kinderbijslag en kindgebonden budget voor hen. Vanaf  1 januari 2017 krijgen minderjarige mbo’ers een studentenreisproduct (zonder studiefinanciering).

Lesgeld mbo-studenten 18 jaar of ouder

Mbo-studenten in de beroepsopleidende leerweg (BOL) van 18 jaar of ouder moeten lesgeld betalen. De hoogte van het lesgeld wordt elk jaar vastgesteld. Mbo-studenten van 18 jaar of ouder betalen cursusgeld als zij een deeltijdopleiding of de beroepsbegeleidende leerweg (bbl) volgen. De hoogte van het cursusgeld wordt elk jaar vastgesteld. Het bedrag hangt af van de opleiding die de student volgt.

Studiefinanciering mbo-studenten

Voltijd mbo-studenten van 18 jaar of ouder krijgen studiefinanciering en een studentenreisproduct. Voor studenten aan een mbo-opleiding op niveau 1 of 2 is de studiefinanciering een gift. Voor niveau 3 en 4 geldt dat de studiefinanciering een prestatiebeurs is. Studenten op niveau 3 of 4 die de opleiding niet afronden, moeten de studiefinanciering terugbetalen. De hoogte van de studiefinanciering hangt af van de thuissituatie. DUO stelt elk jaar de hoogte vast.