Nationaal frequentiebeleid

Voor het gebruik van radiofrequenties kan een vergunning nodig zijn. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) is verantwoordelijk voor de verdeling van frequenties en voor ordening van het radiospectrum.

Telecommunicatie gaat via kabel of ether

Telecommunicatie verloopt via radiofrequenties in de lucht (de ether). En door kabels in de grond of op de bodem van de zee.

Gebruikers van radiofrequenties

Frequenties worden vooral gebruikt voor:

  • mobiele telefonie;
  • mobiel internet (waaronder 2G, 3G, 4G);
  • radio- en televisie-uitzendingen;
  • communicatie in lucht- en scheepvaart;
  • communicatie van hulpdiensten en defensie (bijvoorbeeld bij een ramp of in een crisissituatie);
  • radar, satelliet, straalverbindingen en radioastronomie;
  • amateurradio; 
  • korteafstandsapparatuur (vergunningvrij) zoals WiFi, 

Frequentiebeleid

Het frequentiebeleid van de overheid richt zich op het radiospectrum. Dit is de frequentieruimte met een bereik van ongeveer 9 kHz tot 300 GHz. Vooral naar het middendeel van het radiospectrum (vanaf rond de 100 MHz tot 6 GHz) is veel vraag. Deze frequenties hebben goed bereik en kunnen relatief veel data verzenden. Dit spectrumdeel is schaars en daarom duur. De overheid streeft naar efficiënt en effectief gebruik van het radiospectrum. De Nota Frequentiebeleid 2016  beschrijft de algemene doelstelling en uitgangspunten voor het bestemmen, verdelen en gebruik van frequentieruimte.

Frequentieplan

Het Nationaal Frequentieplan (NFP) 2014 vermeldt alle frequentiebanden en radiodiensten van het radiospectrum. Er is veel vraag naar frequenties voor draadloze technieken. Daarom moet er zo efficiënt mogelijk worden omgegaan met de beschikbare frequentieruimte.

Eens in de zoveel tijd wijzigt het Nationaal Frequentieplan.

Vergunning voor ruimte in ether

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat verdeelt radiofrequenties. Het Agentschap Telecom voert de verdeling uit en geeft vergunning voor radiofrequenties af. In een vergunning staat hoe een gebruiker een bepaald deel van de ether mag gebruiken. Bijvoorbeeld met hoeveel vermogen men maximaal mag uitzenden en dat men deze frequentieruimte daadwerkelijk moet gebruiken. 

Verdeling radiofrequenties

Verdeling van radiofrequenties gebeurt volgens één van de volgende manieren:

  • op basis van voorkeursrecht (publieke omroepen hebben voorrang);
  • op volgorde van binnenkomst van een (vergunning)aanvraag;
  • met een vergelijkende toets waarin onder andere de financiële haalbaarheid van de bedrijfsplannen wordt bekeken;
  • met een veiling;
  • via verdeling op afroep.

Concurrentie mobiele communicatie

Het frequentiebeleid van de overheid is onder andere gericht op goede concurrentie op de markt voor mobiele communicatie. Concurrentie moet zorgen voor vernieuwing in het aanbod van diensten en betaalbaarheid voor de gebruikers.

Niet altijd vergunning nodig voor frequentiegebruik

In de volgende gevallen is geen vergunning voor radiofrequenties nodig:

Veiling van mobiele infrastructuur voor de periode 2020-2040

In het najaar van 2019 is er een landelijke veiling van alle frequentieruimte op de zogenoemde 700, 1400 en 2100 megahertz (MHz) banden. Via deze infrastructuur kunnen telefonie- en internetproviders snelle mobiele communicatie bieden aan bedrijven en consumenten, zoals 4G en 5G. De beschikbare ruimte wordt voor 20 jaar (2020-2040) geveild aan geïnteresseerde partijen. Het Nederlandse frequentiebeleid sluit met deze opzet aan op de wijze waarop andere landen technologie voor 4G en 5G inrichten.