Pgb-zorgverleners met een arbeidsovereenkomst van maximaal 3 dagen per week hebben sinds 1 januari 2026 wettelijk recht op sociale verzekeringen. Bijvoorbeeld op WW, WAZO, Ziektewet en WIA. Hiermee hebben alle pgb-zorgverleners met een arbeidsovereenkomst dezelfde rechten.
Recht op sociale verzekeringen gaat met terugwerkende kracht in
Op 22 september 2026 heeft de Eerste Kamer de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis (Rdah) goedgekeurd. Toch heeft het kabinet besloten dat de wet vanaf 1 januari 2026 wordt uitgevoerd. Ook al was het wetgevingstraject toen nog niet volledig afgerond.
Dit gebeurt omdat de Sociale Verzekeringsbank (SVB), zorgkantoren, gemeenten en zorgverzekeraars hun werkwijze al hadden aangepast. Dit betekent dat er sinds 1 januari 2026 al werkgeverlasten worden afgedragen. Budgethouders en zorgverleners zijn hierover geïnformeerd.
Pgb-zorgverleners die maximaal 3 dagen werken krijgen meer rechten
Pgb-zorgverleners met een arbeidsovereenkomst van maximaal 3 dagen doen vaak hetzelfde werk als zorgverleners die 4 dagen of meer werken. Toch hadden zij minder rechten. Ze kregen bijvoorbeeld maar 6 weken loon doorbetaald bij ziekte. De overheid wil met het wetsvoorstel deze regels voor een deel aanpassen.
Aanleiding is een uitspraak van de rechter in maart 2023. Die oordeelde dat alle pgb-zorgverleners dezelfde rechten moeten hebben, omdat er anders sprake is van discriminatie. Door die uitspraak hebben pgb-zorgverleners mogelijk recht op een WW-, WIA-, WAZO- en Ziektewetuitkering. In de praktijk kunnen alle pgb-zorgverleners sinds 1 januari 2026 al gebruikmaken van deze rechten. Nu de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis (Rdah) is goedgekeurd, is dit ook wettelijk geregeld.
Voor pgb-zorgverleners zonder arbeidsovereenkomst verandert er niets
Er zijn ook pgb-zorgverleners die geen arbeidsovereenkomst hebben met een budgethouder. Hierbij gaat het om een ‘overeenkomst van opdracht’. Deze zorgverleners hebben niet dezelfde rechten als zorgverleners met een arbeidsovereenkomst. Dit geldt voor bijvoorbeeld:
- eerste- en tweedegraads familieleden of een (huwelijks)partner;
- zzp’ers, zelfstandig ondernemers en freelancers;
- zorginstellingen.
Gelijke rechten en plichten voor zorgverleners met een arbeidsovereenkomst vanaf 1 januari 2026
Vanaf 1 januari 2026 hebben alle zorgverleners met een arbeidsovereenkomst zoveel mogelijk dezelfde rechten. Naast een verplichte werknemersverzekering voor de WW, Ziektewet en WIA, krijgen zij ook recht op 104 weken loondoorbetaling bij ziekte.
De wet gaat per 1 januari 2026 in voor budgethouders die pgb krijgen via de:
- Wet langdurige zorg (Wlz)
- Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
- Jeugdwet
- Zorgverzekeringswet (Zvw). Voor deze groep geldt de wet alleen als de Sociale Verzekeringsbank (SVB) de salarisadministratie doet.
Voor deze pgb-zorgverleners met een arbeidscontract voor maximaal 3 dagen waarbij de SVB de salarisadministratie doet, geldt dat zij:
- verzekerd zijn voor werknemersverzekeringen (WW, Ziektewet en WIA) en de werkgeversheffing Zorgverzekeringswet (Zvw);
- bij ziekte maximaal 104 weken doorbetaald krijgen;
- na die 104 weken ziekte, onder voorwaarden, recht hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WIA);
- recht hebben op een werkloosheidsuitkering (WW), als zij voldoen aan de voorwaarden;
- recht hebben op een zwangerschaps- en bevallingsuitkering (WAZO) die samenhangt met het dagloon, in plaats van het minimumloon;
- recht hebben op bijzonder verlof, zoals zwangerschaps- en bevallingsverlof, calamiteitenverlof en zorgverlof.
Voor budgethouders die een pgb-zorgverlener in dienst hebben, geldt vanaf 1 januari 2026 dat zij:
- verplicht zijn om de premies voor de werknemersverzekeringen en de werkgeversheffing Zorgverzekeringswet (Zvw) af te dragen. Dit zijn werkgeverslasten;
- samen met de zorgverlener verantwoordelijk zijn voor de re-integratie als de zorgverlener ziek wordt. De SVB kan daarbij ondersteunen;
- de salarisadministratie door de SVB moeten laten doen (budgethouders in de Wlz, Wmo of Jeugdwet) of hiervoor mogen kiezen (budgethouders in de Zvw);
hogere kosten hebben voor dezelfde zorg als de arbeidsovereenkomst met de zorgverlener al voor 1 januari 2026 is gestart.
Veranderingen bij pgb via Zorgverzekeringswet als SVB administratie nog niet doet
De wet geldt nog niet voor budgethouders die via de Zorgverzekeringswet een pgb ontvangen en hun salarisadministratie nog niet via de Sociale Verzekeringsbank (SVB) regelen. Zij betalen vanaf 1 januari 2026 nog geen werkgeverslasten. Zorgverleners van deze budgethouders kunnen zich wel al melden bij het UWV voor een WW-, WIA-, WAZO- of Ziektewetuitkering.
Wanneer de wet ook ingaat voor deze budgethouders, is nog niet bekend. De overheid is hierover nog in gesprek. Als de ingangsdatum bekend is, wordt dit vastgesteld in een Koninklijk Besluit. Na de ingangsdatum moeten deze budgethouders ook werkgeverslasten betalen.
Werkgeverslasten sociale zekerheid komen uit het persoonsgebonden budget
De kosten voor verzekeringen van werknemers, zoals WW, Ziektewet en WIA, zijn ongeveer 20% bovenop het brutoloon. Werkgevers betalen deze zogenoemde werkgeverslasten. In dit geval zijn budgethouders de werkgever. Zij betalen deze werkgeverslasten uit het persoonsgebonden budget.
Compensatie om werkgeverslasten te kunnen betalen
Budgethouders kunnen in sommige gevallen compensatie krijgen om de werkgeverslasten in 2026 en 2027 te betalen. Dit geldt voor budgethouders die voor 1 januari 2026 pgb-zorgverleners in dienst hadden met een arbeidsovereenkomst van maximaal 3 dagen per week. En waarbij de SVB de salarisadministratie doet. Hierdoor hebben budgethouders tijd om zich aan te passen aan de nieuwe situatie.