Eén eenvoudige kindregeling waarin de huidige kinderbijslag en het kindgebonden budget worden samengevoegd tot één overzichtelijke regeling, binnen één wettelijk kader en bij voorkeur binnen de sociale zekerheid. Geen grote terugvorderingen meer, en dus meer zekerheid voor gezinnen. Dat is één van de speerpunten uit het coalitieakkoord waar minister Aartsen (Werk en Participatie) en staatssecretaris Eerenberg (Financiën) samen aan werken.
De bewindspersonen hebben de Tweede Kamer een brief gestuurd waarin de opties om tot zo’n regeling te komen verkend worden.
Minister Aartsen: Kinderen mogen niet de dupe worden van geldstress bij de ouders. Naast een simpeler en zekerder stelsel van kinderopvang werken we hard om ook het systeem voor kinderbijslag en kindgebonden budget eenvoudiger te maken, met meer zekerheid voor ouders. Terugvorderingen moeten daarmee verleden tijd worden, zodat ouders in Nederland weer rust in de portemonnee ervaren en werk ook meer gaat lonen.
Staatssecretaris Eerenberg: De nieuwe kindregeling moet ervoor zorgen dat gezinnen krijgen waar ze recht op hebben, zonder ingewikkelde aanvragen en zonder angst voor terugvorderingen. Hiermee willen we ervoor zorgen dat niemand straks meer onbedoeld buiten de boot valt.
Eén regeling voor alle ouders
Ouders in Nederland krijgen kinderbijslag, een bedrag dat alle ouders elke drie maanden krijgen ongeacht hun inkomen. De kinderbijslag kent verschillende leeftijdscategorieën. Daarnaast hebben ouders met een lager inkomen recht op kindgebonden budget. Dit bedrag is afhankelijk van het gezinsinkomen. Het kabinet wil toe naar één kindregeling met een hoger vast deel en een lager variabel deel. Het gaat verkennen of de regeling automatisch kan worden toegekend op basis van gegevens die al bekend zijn bij de overheid. Zodoende hoeven ouders geen aparte aanvraag meer te doen.
Hoe het stelsel precies ingericht gaat worden, zal nog besproken worden met de Tweede Kamer. Een van de voorbeelden waar het kabinet naar kijkt is Vlaanderen, waar een soortgelijk stelsel bestaat. Daar gaat de overheid uit van het inkomen wat iemand twee jaar geleden verdiende. Zo kan rust gecreëerd worden doordat iemand niet ineens grote bedragen terug moet betalen als die persoon meer gaat verdienen. Een andere mogelijkheid die het kabinet uitwerkt, is een bedrag toekennen gebaseerd op het inkomen van hetzelfde jaar. In een ideale situatie is dat een stelsel waarbij een bedrag automatisch worden toegekend op basis van beschikbare en betrouwbare gegevens, passend bij iemands financiële situatie van dat jaar én zonder dat mensen achteraf te maken krijgen met terugvorderingen. Voor zo’n wijziging moeten bestaande dataregisters verbeterd worden of nieuw gemaakt worden.
Meer eenvoud, minder stress
Een belangrijk doel van het voorstel is het tot een minimum beperken van terugvorderingen. In het huidige systeem kunnen inkomensschommelingen of administratieve foutjes leiden tot onverwachte terugbetalingen van het kindgebonden budget.
Een nieuwe kindregeling moet het stelsel voor ouders eenvoudiger en voorspelbaarder maken. Zodat werkende ouders weten waar ze aan toe zijn, en niet voor vervelende verrassingen komen te staan. Dit draagt bij aan financiële rust in gezinnen en vermindert de uitvoeringslasten voor overheid en instanties.