Wat is de maximale huurverhoging voor een sociale huurwoning in 2026?

Vanaf 1 juli 2026 is de maximale huurverhoging voor sociale huurwoningen 4,1%. Dit kan bij zelfstandige woningen hoger zijn, afhankelijk van uw maandelijkse (kale) huur of uw inkomen.

Weet u niet zeker wat voor soort woning u huurt? Bekijk dan de verschillen tussen sociale huur, middenhuur en vrije sector.

Maximale huurverhoging sociale huur tot 1 juli 2026

Tot 1 juli 2026 gelden nog dezelfde regels voor maximale huurverhoging als die vanaf 1 juli 2025 golden. Dat geldt ook voor kamers, woonwagens en woonwagenstandplaatsen.

Huurverhoging sociale huurwoning vanaf 1 juli 2026

Vanaf 1 juli 2026 mag uw verhuurder de huur verhogen met:

  • maximaal 4,1% als de (kale) huur € 350 of meer per maand is (dit is gelijk aan de gemiddelde loonontwikkeling);
  • maximaal € 25 als de (kale) huur lager is dan € 350 per maand. Dit is meer dan 4,1%. Zo kunnen verhuurders heel lage huren sneller verhogen. En daarmee een huur vragen die beter past bij de kwaliteit van de woning.

Deze huurverhoging hangt niet af van uw inkomen. Deze toegestane huurverhoging is van toepassing als u een zelfstandige woning huurt? Bijvoorbeeld een eengezinswoning, appartement, studio of bungalow.

Meer huurverhoging voor huurders sociale huurwoning met hoger inkomen

Huurt u een zelfstandige woning? En is dat een sociale huurwoning? En heeft u een hoger middeninkomen of een hoog inkomen? Dan mag uw verhuurder meer huurverhoging voorstellen. De hoogte hangt af van uw inkomen.

Maximale huurverhoging sociale huurwoningen per 1 juli 2026
Lager (midden)inkomen
(gezamenlijk inkomen 2024 niet hoger dan)
Hoger middeninkomen
(gezamenlijk inkomen 2024 tussen)
Hoog inkomen
(gezamenlijk inkomen 2024 hoger dan)
Eenpersoons-
huishouden
€ 59.504 € 59.504 – € 70.149 € 70.149
Meerpersoons-
huishouden
€ 68.858 € 68.858 – € 93.531 € 93.531
Maximale huurverhoging 
per 1 juli 2026
  • Bij huur van € 350 of hoger: 4,1%
  • Bij huur lager dan € 350: € 25
€ 50 € 100

Let op: bij een meerpersoonshuishouden telt van inwonende jongeren (meestal kinderen van de huurder) die op 1 januari 2026 jonger zijn dan 23 jaar alleen het inkomen mee dat boven € 26.819 uitkomt (aftrek van € 26.819, maar uitkomst niet minder dan € 0).

De huur mag door de huurverhoging niet hoger worden dan de maximale huurprijsgrens die hoort bij het puntenaantal van de woning.

Lees meer over de regels voor huurverhoging.

Huurverhoging vanaf 1 juli 2026 voor kamer, woonwagen en standplaats maximaal 4,1%

Huurt u een kamer, woonwagen of woonwagenstandplaats? Tot 1 juli 2026 mag uw verhuurder de (kale) huur met maximaal 5% verhogen. Vanaf 1 juli 2026 mag uw verhuurder de huur verhogen met maximaal 4,1%.

De hoogte van uw inkomen is hier niet belangrijk. De verhuurder mag ook niet vragen naar uw inkomen bij de Belastingdienst.

De huur mag door de huurverhoging niet hoger worden dan de maximale huurprijsgrens die hoort bij het puntenaantal van de kamer, woonwagen of standplaats.

Maximale huurprijs berekenen

U kunt het puntenaantal en de maximale (kale) huurprijs van een sociale huurwoning, kamer, woonwagen of woonwagenstandplaats berekenen met de Huurprijscheck. De Huurprijscheck is een puntensysteem. Het aantal punten bepaalt de maximale huur.