Wetten en regels biotechnologie

Er zijn wetten en regels voor biotechnologie. Deze verzekeren de veiligheid van mens, dier en milieu. Het Rijk ziet erop toe dat onderzoekers biotechnologie volgens de wet gebruiken.

Wetten verzekeren veiligheid

De regels voor biotechnologie (genetisch gemodificeerde organismen) verzekeren de veiligheid van mens, dier en milieu. 

  • De regels richten zich op 3 soorten gebruik:
    • Ten eerste op onderzoek dat alleen in afgesloten ruimten, zoals kassen of laboratoria, mag plaatsvinden.
    • Ten tweede op onderzoek en proeven die al veilig genoeg zijn om buiten die afgesloten ruimten plaats te vinden, zoals veldproeven met gewassen of klinisch onderzoek met medicijnen.
    • En ten derde zijn er, bij aangetoonde veiligheid, regels over de toelating als product op de (gemeenschappelijke) Europese markt.
  • Consumenten hebben zelf de keuze of ze voor genetisch gemodificeerde producten kiezen. Fabrikanten van deze producten moeten het op het etiket vermelden als 0,9% van het product genetisch gemodificeerd is.

EU-wetgeving voor genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s)

De Europese Unie (EU) stelt eisen aan de activiteiten met ggo’s. Dat doet het in verordeningen en richtlijnen. De verordeningen gelden rechtstreeks in alle EU-landen. De richtlijnen moeten eerst verwerkt worden in de nationale wetgeving.

In Nederland staan de meeste (EU) regels voor ggo’s in:

Deel regels ggo's geldt niet voor klinisch onderzoek naar coronavirus 

Een deel van de regels voor ggo's geldt niet voor klinisch onderzoek naar het coronavirus (COVID-19) gedurende de pandemie. Dit is besloten om in de Europese Unie klinisch onderzoek te kunnen doen voor vaccins of geneesmiddelen. Dit onderzoek is nodig om patiënten met het coronavirus beter te maken. En ook om te zorgen dat mensen het coronavirus niet krijgen.

Een verordening van de EU regelt de uitzondering voor ggo's in het onderzoek naar COVID-19. Deze verordening geldt sinds 18 juli 2020. 

Protocol voor import en export ggo’s

Internationale regels over de import en export van ggo’s staan in het Biosafety Protocol. Dit is een protocol Verenigde Naties en is ook bekend als het Cartagena Protocol. De regels gelden sinds 2003.

Regels etikettering van levensmiddelen en producten met ggo’s

De overheid stelt regels aan etikettering van levensmiddelen en producten met ggo’s. Zit er meer dan 0.9% van een genetisch gemodificeerd ingrediënt in een product? Dan moet de fabrikant dit op het etiket noemen. 

Melk, vlees en eieren, afkomstig van dieren die genetisch gemodificeerd veevoer hebben gegeten, zijn niet genetisch gemodificeerd. De fabrikant hoeft dus geen bijzondere vermelding op het etiket te plaatsen.

Omdat katoen van genetisch gemodificeerde katoenplanten geen levensvatbaar zaad meer bevat, hoeft dat ook niet op het kledingetiket.

Als producten geen ggo’s bevatten mogen voedselproducenten de aanduiding ‘bereid zonder gentechniek’ gebruiken. De producten moeten dan wel voldoen aan de regels van het Warenwetbesluit nieuwe voedingsmiddelen.