Onderwijs en zorg

Alle kinderen moeten naar school kunnen gaan, ook als zij extra zorg nodig hebben. De Rijksoverheid wil zorg en onderwijs voor kinderen met een (grote) ondersteuningsbehoefte beter regelen. Onder andere door de financiering anders te organiseren.

Financiering van zorg in onderwijstijd beter organiseren

Op scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs krijgen kinderen met complexe zorgvragen onderwijs. Vaak hebben deze leerlingen zorg nodig in de tijd dat zij op school zijn. Deze zorg wordt nu betaald uit 1 of meer zorgwetten. Om de zorg tijdens onderwijstijd beter te organiseren is collectieve financiering nodig. Dit betekent dat vanuit verschillende zorgwetten geld in een centrale pot komt om daarmee de zorg te kunnen organiseren. Doel hiervan is om:

  • kinderen goede zorg te bieden;
  • het aantal betrokkenen bij de zorg op scholen te beperken;
  • de financiering eenvoudig en duidelijk te organiseren.

Zorg in onderwijstijd: extra geld en zorgarrangeurs

Om de financiering van zorg in onderwijstijd structureel te regelen, is informatie uit de praktijk nodig. Ook moeten scholen en ouders geholpen worden. Daarom worden er 3 maatregelen genomen:

Zorgarrangeurs ondersteunen scholen

Vanaf schooljaar 2020/2021 gaan zorgarrangeurs maximaal 50 scholen ondersteunen. Zorgarrangeurs zijn deskundigen die alles weten van zorg op de school. Zij gaan scholen helpen om inzet te regelen uit de zorgwetten. Hierdoor krijgen leerlingen de juiste zorg en begeleiding tijdens de lessen. Of hulp bij het naar school gaan. De school krijgt door de samenwerking met de zorgarrangeur beter zicht op de mogelijkheden. Het kost de school ook minder tijd. De scholen kunnen zich dan richten op hun kerntaak: het geven van onderwijs.

Monitoring zorg in onderwijstijd 

Om tot een structurele oplossing voor financiering van zorg in onderwijstijd te komen, is informatie nodig. Daarom stellen scholen anonieme informatie beschikbaar voor monitoring. De bureaus DSP en Oberon voeren de monitoring uit.

Regionale pilots

In schooljaar 2020/2021 start in 2 regio’s (Twente en Hart van Brabant) een pilot. In de pilot:

  • wordt uitgezocht of collectieve financiering binnen de huidige regelgeving mogelijk is; 
  • worden gemeenten verantwoordelijk voor de inkoop van zorg in onderwijstijd vanuit collectieve financiering. Gemeenten hebben al direct contact met scholen over bijvoorbeeld leerplicht, huisvesting of jeugdhulp op school. En zij zijn bekend met de inkoop van zorg. 

De bureaus DSP en Oberon begeleiden en monitoren de 2 regio’s. De informatie vanuit de pilots leidt tot meer inzicht voor een structurele oplossing.

Financiering past binnen programma Zorg voor de jeugd

De maatregelen voor collectieve financiering passen binnen het programma Zorg voor de Jeugd. Het programma werkt aan betere hulp voor kinderen, jongeren en gezinnen. In het programma werken gemeenten samen met:

  • professionals; 
  • jeugd(hulp)organisaties; 
  • ministeries;
  • cliëntenorganisaties.