Werkdruk leraren basisonderwijs verminderen

Leraren in het primair onderwijs ervaren regelmatig te hoge werkdruk. Om de werkdruk te verminderen, stelt het kabinet structureel €430 miljoen beschikbaar. Met dit geld kunnen scholen maatregelen nemen, zodat leraren in het primair onderwijs echt verschil in de klas merken. 

Werkdrukakkoord

Vakbonden, PO-Raad en het kabinet hebben op 9 februari 2018 een akkoord bereikt over het terugdringen van de werkdruk in het primair onderwijs. Dit werkdrukakkoord betekent dat scholen met ingang van het schooljaar 2018-2019 € 237 miljoen extra kregen om werkdruk aan te pakken.

Op 6 maart 2019 besloot de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs om het geld voor het terugdringen van werkdruk eerder beschikbaar te stellen. Dat betekent dat scholen met ingang van schooljaar 2019-2020 € 333 miljoen zullen ontvangen voor de aanpak van werkdruk. Een gemiddelde school van 225 leerlingen krijgt in het schooljaar 2019-2020 circa € 49.500. 

Verantwoording besteding werkdrukmiddelen

Scholen moeten op 2 manieren verantwoorden hoe zij dit geld ieder schooljaar besteden:

  • Het schoolbestuur neemt een verantwoording op in het bestuursverslag en in het financiële verslag. Het schoolbestuur moet dit uiterlijk 1 juli 2019 doen.
  • De schoolleider zorgt voor verantwoording naar de personeelsgeleding van de medezeggenschapraad (PMR) en het team op school. De schoolleider moet dit direct na het einde van het schooljaar doen.

Aanpakken van werkdruk

Werkdruk van leraren tegengaan kan op verschillende manieren, zo blijkt uit de praktijk. Met het geld kan een school bijvoorbeeld:

  • extra onderwijsondersteunend personeel aannemen, zoals bijvoorbeeld een onderwijsassistent of conciërge;
  • vakleerkrachten aanstellen;
  • ICT of digitale leermaterialen kopen;
  • trainingen of teamactiviteiten financieren.

Sociale partners hebben een selectie gemaakt van voorbeelden uit de praktijk. U vindt deze en andere informatie over het tegengaan van werkdruk ook op de website Leraar.nl.

Gesprek op school

De oorzaken van werkdruk verschillen per school. Schoolteams en schoolleiders mogen daarom zelf bepalen wat op hun school het meeste effect heeft. De personeelsleden in de medezeggenschapsraad hebben instemmingsrecht op de besteding van het geld. Is het besluitvormingsproces voor de extra middelen voor werkdruk op school niet goed gegaan? Dan kunt u terecht bij het meldpunt van sociale partners. Dit meldpunt is bereikbaar via: meldpunt@werkdrukpo.nl.

In een digitale handreiking hebben sociale partners weergegeven hoe scholen praktisch aan de slag kunnen met het werkdrukakkoord. Ook staan er in de handreiking hulpmiddelen voor om het gesprek in het team te voeren en over de inzet van dit geld.

Regeldruk verminderen

Regeldruk is een van de oorzaken van werkdruk. Het bijhouden van allerlei gegevens kan veel tijd kosten. Maar in de praktijk blijkt het dat leraren veel gegevens niet of niet zo uitgebreid hoeven bij te houden. Daarom hebben het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en de Inspectie van het Onderwijs in november 2017 de handreiking ‘Ruimte in Regels’ gepubliceerd. In de brochure staat wat leraren wel en niet aan administratie en verantwoording moeten doen. Concrete vragen en antwoorden inspireren scholen om zaken anders aan te pakken.  

(Beeldtitel: ruimte in regels. Beeldtekst: Alle basisscholen in Nederland hebben de brochure 'Ruimte in Regels' ontvangen, waarin staat wat leraren wel en niet moeten doen aan administratie en verantwoording. Minister Slob geeft iemand een brochure aan een vergadertafel. Sophie Gieskes in een klas:)

LEVENDIGE MUZIEK

SOPHIE GIESKES: Deze brochure kan voor ons betekenen dat we met elkaar het gesprek aan kunnen gaan over wat wij als school wel of niet belangrijk vinden om al dan niet te registreren van de kinderen en hoe we dat dan vorm willen geven.

(Minister Slob in Villa Vrolik:)

MINISTER SLOB: Dit is niet dé oplossing om werkdruk te verminderen maar het kan er wel een bijdrage aan leveren.
Laat docenten en schoolleiders 's kritisch kijken naar hun eigen schoolsituatie en dan kunnen sommige dingen echt anders.
Sommige dingen hoeven ook echt niet van de Inspectie of van het ministerie of van wie dan ook.
En als je dan weer terrein weet terug te veroveren dan kun je die tijd en ruimte inzetten voor het omgaan met de kinderen en dat is ook waarom docenten voor onderwijs hebben gekozen.
Ik gun ze van harte dat ze meer ruimte daarvoor gaan krijgen.

(Iemand legt een kleine uitgave van 'ruimte in regels' op de vergadertafel. Monique Vogelzang:)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER

MONIQUE VOGELZANG: We krijgen als Inspectie best nog vaak vragen over: hoe zit het nu precies? Aan welke regels moeten we ons houden?
Dus het leek goed om een boekje te maken waarin nog een keer duidelijk wordt geschetst: welke regels zijn er welke ruimte heb je binnen die regels en welke keuzen kun je maken?

(De minister praat met de mensen aan de tafel. Noor Stoelinga:)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER

NOOR STOELINGA: Besturen kan voor mij betekenen dat we bewust keuzes maken met elkaar wat je registreert in groepsplannen en niet meer alle doelen overtikken, maar alleen maar beschrijven wat je extra doet met kinderen, zodat je ze daarin kan volgen.

(Het overleg gaat verder. Beeldtekst: Meer weten over de brochure en werk- en regeldruk? Ga naar leraar.nl/werkdruk. Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijksoverheid. Het beeld wordt blauw met wit. Beeldtekst: Dit is een productie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Copyright 2017.)

DE RUSTIGE MUZIEK SPEELT NOG EVEN VERDER EN STOPT